Golden boy betreurt zijn `tien blank'

De Duitse atleet Armin Hary werd een grootheid in eigen land na olympisch goud op de 100 meter bij de Spelen van 1960. In 1979 belandde hij in het gevang. ,,Wij sporters zijn te naïef.''

De zomer van 1960. De zon staat hoog boven het Colosseum. Aan de Via Veneto in Rome zitten de terrassen bomvol. De oude stad swingt met jeugdig elan: 8.000 olympische sporters uit 85 landen mengen zich tussen het gracieuze Romeinse publiek. Op de Veneto flaneren vele Claudia Cardinales en Gina Lolobrigida's en zorgt een jonge zwarte man voor opschudding. De onbekende Cassius Clay trekt grote aandacht door een partij schaduwboksen. Hij moet van de politie stoppen, want het verkeer loopt vast.

De Spelen van Rome hebben ook een schaduwzijde: de eerste dopingdode. De Deen Knud Jensen valt tijdens de ploegentijdrit dood van z'n fiets. Hij heeft het bloedvatverwijdende middel Ronicol genomen, in combinatie met een overdosis amfetaminen.

Maar `Rome' is ook vernieuwend. Op het koningsnummer, de 100 meter, bereikt op 21 augustus voor het eerst een atleet de finish in precies tien seconden. De snelste man ter wereld is Armin Hary, een struise atleet uit Saarbrücken. Het volk ligt aan z'n voeten.

Er zijn onuitwisbare sportmomenten. Daar is het goud van die onvergetelijke zwarte sprinter Jesse Owens die in 1936 in Berlijn Hitler op de tribune met zijn eclatante zege's over het blanke ras zichtbaar doet verstarren, daar is de sprong van Bob Beamon (8,90 meter, Mexico 1968), die zover reikte dat hij – om het enigszins aanschouwelijk te maken – door de voorruit van een doorzonwoning in Ridderkerk naar binnenkwam en door de achteruit naar buiten vloog. En daar is in Rome het stoeien met de aardse beperkingen tijdens het zich voortbewegen door Armin Hary, op gewone spikes en op een gewone baan. Tien blank.

`Armin Hary!', schalt het in Duitsland. De golden boy wordt van de ene receptie naar de andere en van het ene feest naar het andere gesleept – één triomftocht. Hary leeft in een roes. Er zijn in Duitsland een paar sporters die in de loop der tijden het gewone mensdom zijn ontstegen. De bokser Max Schmeling die in New York Joe Louis tegen het canvas sloeg, Steffie Graf en Boris Becker, Michael Schumacher, Franz Beckenbauer, Jan Ullrich. En Armin Hary.

Na zijn loopbaan wordt Armin een party boy. Dat wil zeggen: wanneer een industrieel als Krupp-Von Bohlen een feest geeft, wordt Armin uitgenodigd om aan de party extra cachet te geven.

Het is 1971, elf jaar na Rome. Armin Hary ontmoet een makelaar, Heinz Bald. De makelaar doet grote zaken met kerkgenootschappen en bedenkt dat met Armin als partner veel deuren open zullen gaan.

In 1978 koopt het duo Bald-Hary van een boer in Grfelfring voor 780.000 Duitse marken grond en verkoopt deze grond dezelfde dag nog voor 1.813.000 mark. In enkele uren een winst van 1,1 miljoen. Het is grond die betaald wordt door de kerkelijke stichting Pfarrerpfründe uit de zogenaamde Kirchensteuer, de kerkelijke belastinggelden. In 1979 legt Pfarrerpfründe een klacht neer bij de rechtbank in München wegens misbruik van vertrouwen. Armin Hary krijgt wegens `Beihilfe zu Untreue' twee jaar cel. De snelste man ter wereld heeft nog drie meter ruimte om zich te bewegen. Zijn wereld stort in. Na vijf maanden slaagt zijn advocaat erin hem op borgtocht voorlopig op vrije voeten te krijgen. Na een juridisch steekspel betaalt Hary ten slotte een afkoopsom van 200.000 mark.

Na zijn vrijlating wordt hij door niemand meer uitgenodigd. De jetset mijdt hem als de pest. Wie wil een bajesklant op zijn feest?

Armin woont nu in een dorpje vlakbij München. Hij is 67 jaar en leeft in volstrekte anonimiteit. Naar de Spelen in Athene kijkt hij niet. Armin heeft in zijn cel lang nagedacht. ,,Wij sporters zijn te naïef'', zegt hij met een zeker sarcasme. ,,Ik zeg dit als waarschuwing voor allen die nog na mij komen. Veel mensen zijn slecht. In mijn cel heb ik enorm spijt gekregen dat ik ooit die 100 meter in tien seconden gelopen heb. Want daardoor ben ik dubbel gestraft.''