Cuba neemt revanche op honkbalploeg

Het was vier jaar geleden in Sydney dé verrassing van het olympisch honkbaltoernooi: Nederland-Cuba. Voor het eerst in de geschiedenis verloor het honkbalmaffe land uit Latijns-Amerika een wedstrijd bij de Olympische Spelen. Van onderdeur Nederland nota bene. Dat was gróót nieuws. Opgewonden Amerikaanse journalisten vroegen zich af of het volk in Holland nu massaal de straat opging. Het antwoord (,,Nee, natuurlijk niet!'') wordt in Noord-Amerika, de bakermat van het baseball, nog altijd niet begrepen.

In Athene bleef een stunt gisteravond uit. Aloude gezagsverhoudingen werden in ere hersteld. Cuba sloeg de Nederlandse honkballers, ondanks hoopgevend verweer in de openingsfase, met 9-2 van het Helleniko-complex, waar de Europees kampioen nu het ergste moet vrezen. Na de afstraffing tegen Cuba is de ploeg van bondscoach Robert Eenhoorn veroordeeld tot een grimmig achterhoedegevecht.

Maar Eenhoorn hield gisteravond de moed erin, nadat homeruns van Evert Jan 't Hoen en routinier Johnny Balentina, in de achtste inning, de score nog een enigszins draaglijk aanzien hadden gegeven. De resterende twee duels, vandaag tegen Australië en morgen tegen Taiwan, winnend afsluiten en de honkballers wandelen alsnog de halve finales binnen, luidde de nuchtere analyse van de Rotterdammer. ,,We hebben gelukkig nauwelijks tijd om bij deze vervelende nederlaag stil staan, want morgen moeten we al weer aan de bak.''

Toch lijkt enige zorg op zijn plaats. Na de eindoverwinning in de Haarlem Honkbalweek, eind vorige maand, nam euforie bezit van de ploeg. Defensief deed Nederland niet onder voor de concurrentie, en met de komst van in Amerika actieve en voornamelijk Antilliaanse profs zou de ploeg ook aan fysieke kracht en dus slagkracht winnen.

Zo leek het althans op papier. In Athene presteert de ploeg tot dusverre zo grillig (twee duels gewonnen, drie verloren), dat de conclusie gerechtvaardigd lijkt dat de integratie minder soepel verloopt dan Eenhoorn had gehoopt.

Gisteren kon Nederland pas een vuist maken, toen de eerste toeschouwers al op weg naar de bus waren, en bleek de ploeg niet bij machte het slaggeweld van de Cubanen tot staan te brengen. ,,Toch denk ik dat wij nog steeds in staat zijn om Cuba te verslaan'', zo hield Eenhoorn zich na afloop groot.

Maar zo oppermachtig als in het verleden zijn de Cubanen allang niet meer. Grote namen, zoals vier jaar geleden met de in Amerika felbegeerde sterspeler Omar Linares, telt de selectie dan ook niet.

In Athene won de ploeg van bondscoach Higinio Vélez tot dusverre met veel pijn en moeite van het onvoorspelbare Griekenland (5-4), en moest het deemoedig het hoofd buigen voor medetitelkandidaat Japan (3-6).

Tegen Nederland, de kwelgeest van vier jaar geleden, kwam de tweevoudig olympisch kampioen (1992 en '96) pas in de derde en gelijkmakende slagbeurt op stoom. Pitcher Eelco `Psycho' Jansen kreeg prompt de ene na de andere honkslag om zijn oren, waarna de 35-jarige werper van Neptunus langzaam maar zeker het spoor bijster raakte op de heuvel.

Pas bij de stand 0-5, toen de wedstrijd dus al lang en breed was gespeeld, verloste Eenhoorn zijn oud-ploeggenoot uit diens lijden. ,,Hetzelfde verhaal als dinsdag tegen Canada (7-0 nederlaag, red.): je gaat veel te vroeg liggen'', mopperde Eenhoorn, die vier jaar geleden zelf als speler actief was in het historische duel tegen Cuba.

Als geen ander weet hij dan ook dat die zege destijds meer goed dan kwaad deed.

Op de luidbejubelde overwinning volgden immers teleurstellende nederlagen tegen Zuid-Korea en Zuid-Afrika, waardoor de halve finales alsnog werden misgelopen. Eenhoorn hoopt en rekent ditmaal op een ander scenario.