Benepen worstbeleid

Als het gaat om geldzaken is bij velen de rationaliteit ver te zoeken. Als u daaraan twijfelt moet u de vragen maar eens doornemen die wekelijks in deze krant aan Adriaan Hiele worden gesteld. Wat mij nu verbaast is dat dit aspect volslagen wordt genegeerd waar het gaat om het lenen van geld door jonge mensen ten behoeve van hun studie.

Het Centraal Planbureau, zo berichtte deze krant, heeft uitgerekend dat een jaar langer studeren resulteert in 7 tot 9 procent meer inkomen. ``Het CPB concludeert hieruit dat investeren in de eigen opleiding loont en dat de eigen bijdrage van studenten aan hun studie omhoog kan. [...] Omdat de vraag naar hoger opgeleiden de komende jaren sneller zal stijgen dan het aanbod, zal het profijt van studeren de komende jaren toenemen.''

Over enkele jaren komt de uittocht op gang van de babyboomers richting pensioen. Onder hen bevinden zich veel hoog opgeleiden. Daar komt bij de vergrijzing van het wetenschappelijk personeel bij universiteiten en hogescholen die zorgt voor een massale leegloop. Dat de vraag naar academici toeneemt, lijdt dan ook geen twijfel. Het aanbod moet dus omhoog, maar dat aanbod vergroot je niet door de CPB-voorstelling van zaken dat studeren een lucratieve onderneming zou zijn.

In kringen van hoogopgeleiden heeft dat argument al helemaal geen effect. Daar is het vanzelfsprekend dat kinderen gaan studeren wanneer ze daartoe in staat zijn. De kosten daarvan kunnen de ouders meestal ook wel zelf dragen. Wil je de komst van hoogopgeleiden stimuleren, dan moet je je dus richten op de lagere en middeninkomens, op mensen dus die in het algemeen weinig vertrouwd zijn met geldzaken. Die zouden in de ogen van het CPB hun kinderen moeten voorrekenen dat zo'n kapitale investering heel verantwoord is. Dat is niet realistisch. Dat uitgangspunt van een verantwoorde investering is bovendien net zo boterzacht als de berekeningen van het CPB.

Willen we studeren in algemene zin stimuleren dan moeten we ook in kringen van lager en middelbaar opgeleiden een klimaat creëren waarbij studeren, als je dat kunt, iets vanzelfsprekends is. Daartoe moet je eventuele financiële belemmeringen wegnemen en niet denken die weg te kunnen rationaliseren door de voorstelling van zaken van een lucratieve investering.

Integendeel. De overheid dient jongeren juist voor te houden, dat er ook andere waarden zijn dan die van geld. Jongens en meisjes, het gaat in het leven niet alleen om materiële zaken, ga dus studeren als je dat kunt, verrijk je leven, verruim je mogelijkheden. Dat is de boodschap die de overheid moet brengen. Niet alleen omdat het hameren op persoonlijk materieel voordeel haaks staat op het gewauwel over normen en waarden, maar ook omdat het gaat om ons aller belang. Wij, de maatschappij, hebben behoefte aan veel hoog opgeleiden, in allerlei verschillende sectoren. Niet alleen aan in zichzelf investerende bedrijfsjuristen, advocaten en bedrijfskundigen of aan technici om de BV Nederland beter te doen floreren. We hebben jongeren nodig die een opleiding kiezen omdat ze die boeiend, interessant vinden. Daarmee ontwikkel je het klimaat dat vanzelfsprekend resulteert in culturele en intellectuele creativiteit. Door het opwerpen van financiële barrières, stoot je potentiële studenten af en door ze de worst voor te houden van persoonlijk gewin, stimuleer je niet het studeren in algemene zin, maar studies die hun geld opbrengen en versterk je bovendien het idee dat bepaalde studies waardevoller zijn dan andere.

Toppunt van benepen worstbeleid: de overheid die studenten de fooi van 1.500 voorhoudt voor het geval ze een technische opleiding voltooien.

prick@nrc.nl