Bank voor rijkelui koestert vergrijzing

Ze bestaan vaak al eeuwen en ademen een sfeer van exclusiviteit, serene rust en een beetje geheimzinnigheid: de banken die zich specialiseren in diensten voor de vermogende particulier. Maar de sector is volop in beweging.

Een aantal zit nog in monumentale panden aan de Amsterdamse grachten, anderen zijn vertrokken naar moderne kantoorcomplexen. Daar vandaan beheren zij de euro's van de rijke Nederlanders, ofwel diegenen onder ons die een vrij beheerd vermogen hebben van ten minste honderdduizend euro. Vrij beheerd, dus exclusief de overwaarde van een huis.

Rustig is het allerminst achter de bedrijfsmuren van de banken voor rijkelui. Ze verwachten groei van de markt en een veranderend gedrag van hun klanten. De sector is al aan het reageren. Gisteren meldde Van Lanschot Bankiers de details van de overname van rivaal CenE Bankiers voor een bedrag van circa 250 miljoen euro. Het was niet de eerste krachtenbundeling in de markt voor rijkeluisbankieren. Medio 2003 werd Theodoor Gilissen verkocht aan het Belgische KBL, in 2000 kocht Rabobank Effectenbank Stroeve en in 1996 kocht Fortis de oude zakenbank Meespierson.

Het is een sector waar de komende jaren nog veel groei wordt verwacht. De laatste precieze cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dateren uit 1999 en 2001. Daaruit blijkt dat er in 1999 ruim een miljoen huishoudens waren met een vermogen van meer dan 100.000 euro en driehonderdduizend huishoudens met meer dan een miljoen euro. Dit cijfer is echter bedrieglijk. De waarde van het eigen huis zat erin verwerkt en bovendien waren aandelenpaketten in die jaren veel meer waard dan nu.

Een recent rapport van de Amerikaanse zakenbank Merrill Lynch en adviesbureau Cap Gemini Ernst & Young stelt dat er in 2003 wereldwijd 7,7 miljoen mensen waren die meer dan een miljoen dollar in financieel vermogen (effecten en contanten) hadden, een stijging van 7,5 procent vergeleken met 2002. Van deze mensen – die met zijn allen toen een totaal vermogen hadden van 28,8 biljoen dollar – wonen er circa honderdduizend in Nederland, aldus het rapport dat in juni van dit jaar werd gepresenteerd.

De markt voor de vermogende klant stagneerde in de eerste helft van 2004, vooral door de economische situatie en de neergang op de effectenbeurs, zo liet Van Lanschot-bestuursvoorzitter Floris Deckers gisteren weten. De komende jaren verwacht hij echter groei. ,,De markt voor de welvarende klanten zal veel harder stijgen dan de gewone markt'', aldus Deckers. ,,Dit komt mede door de vergrijzing. Als men ouder wordt neemt de rijkdom meestal toe. Verder zal de vraag naar producten toenemen omdat mensen zelf meer verantwoordelijk worden voor hun oudedagvoorzieningen.''

Ook Jos ter Avest, directeur van ABN Amro Private Clients, ziet groei. ,,Deze markt blijft aantrekkelijk. Wij zien groei omdat er de komende jaren veel geld wordt overgedragen aan kinderen en doordat bijvoorbeeld veel directeur-grootaandeelhouders de zaak van de hand zullen doen'', aldus Ter Avest.

Over de precieze hoeveelheid klanten en marktaandelen doen de rijkeluisbanken geheimzinnig, behalve ABN Amro. De bank claimt het marktleiderschap en zegt een aandeel te hebben van bijna 30 procent geteld in beheerd vermogen en iets minder als het gaat om het aantal klanten. Het opstellen van marktaandelen is trouwens lastig omdat de ene bank een klant aanneemt en als vermogend ziet als deze de beschikking heeft over een half miljoen, terwijl de ander en grens stelt van 2 miljoen. Diverse banken stellen dat de ondergrens niet in steen gebeiteld staat en dat er ook wordt gekeken naar de potentie van een klant.

Achter de grote jongens zit een trits aan andere banken voor vermogende particulieren. Hun toekomst is soms ongewis. Zo zei Rabobank vorig jaar al dat het bekijkt wat het gaat doen met de dochterbanken Schretlen en Stroeve. En Achmea-dochter Staalbankiers is bezig met een reorganisatie nadat de ineenstorting van de beurs de bankdochter in problemen bracht.

,,Het is de vraag of kleinere partijen kunnen omgaan en voldoen aan de veranderende eisen van de klant'', zegt Michel Vrolijk, algemeen directeur van Merrill Lynch in Nederland. Volgens Vrolijk wil de klant steeds meer risico's spreiden en wereldwijd in diverse producten actief zijn – dus niet alleen aandelen. Om aan deze eisen te voldoen is veel kennis nodig, kennis die kleinere spelers in moeten gaan kopen als zij de klant willen behouden, stelt Vrolijk. Volgens Deckers van Van Lanschot zullen niet alle kleine spelers overleven omdat zij onvoldoende schaalgrootte hebben. Wat de minimumomvang moet zijn om te overleven wilde hij gisteren niet zeggen.