Marktwaarde

Een van de meest tragische deelnemers aan de moderne Olympische Spelen is de Amerikaan van Indiaanse afkomst Jim Thorpe. Hij werd het slachtoffer van wat je een verkeerde interpretatie van de oud-Griekse ideologie zou kunnen noemen. In 1912 won hij de vijf- en de tienkamp. Maar een half jaar later werd hij uit de uitslag geschrapt wegens een `onvergeeflijke misdaad': hij had twee zomers in een baseballcompetitie gespeeld, voor 15 dollar per week. Hij was geen echte amateur! Thorpe wist toen hem de onheilstijding werd gebracht niets anders uit te brengen dan dat hij het allemaal niet had geweten. Zeventig jaar bleef hij uit de olympische boeken. In 1983 werd deze blunder rechtgezet en werd hij in ere hersteld. Thorpe maakte dat niet meer mee. Hij was lang daarvoor in eenzaamheid gestorven.

De voorzitter van het IOC, Pierre de Coubertin, en zijn latere opvolger Avery Brundage hebben altijd volgehouden dat Thorpe de Griekse gedachte van puur amateurisme aan zijn laars had gelapt. Ze deden het voorkomen alsof in Olympia alleen zuivere liefhebbers in actie kwamen, maar of ze kenden hun klassieken niet of ze wilden die welbewust naar hun hand zetten. Misschien dat in de eerste decennia van de oude Spelen enkele uit aristocratische kring afkomstige deelnemers pure amateurs waren, maar in de eeuwen daarna was daarvan geen sprake meer. Net als nu kwamen de deelnemers uit alle rangen en standen. Ze streden om een krans van olijfbladeren, maar iedereen wist dat een olympische zege de marktwaarde van een atleet verhoogde. Soms werden door organisatoren van lokale festivals aan olympische winnaars 10.000 drachmen startgeld uitbetaald, een enorm bedrag. Daarbovenop kwam dan nog het prijzengeld van enkele duizenden drachmen voor de winnaar. Bovendien was in veel Griekse steden bij wet vastgelegd dat olympische winnaars aanspraak konden maken op toelagen. En jonge atleten werden door de staat financieel ondersteund om in Olympia goed te presteren.

Zelfs tot vlak voor de Spelen probeerden atleten hun faam te gelde te maken. Een bokser uit Alexandrië moest dat met uitsluiting bekopen. Toen hij buiten de gestelde termijn van een maand in Olympia arriveerde en niet meer werd toegelaten, probeerde hij de organisatie te vermurwen met het verhaal dat hij door slecht weer was vertraagd. Maar zijn tegenstanders vertelden dat hij in Klein-Azië lucratieve wedstrijden had gebokst. Hij werd van deelname uitgesloten en moest een boete betalen, niet omdat hij geld had verdiend maar omdat hij had gelogen. De ten onrechte gediskwalificeerde Thorpe zou in de oudheid als een held zijn geëerd.