Eindelijk verliefd

Ja hoor, het was weer eens zover! Op een verjaarspartijtje van mijn vriendje Freek had ik een meisje gezien dat zo mooi, lief en leuk was dat er meteen vlinders in mijn buik vlogen.

Het was bijna alsof ik kon vliegen, zoveel waren het er. Maar ik durfde niet naar haar toe te gaan en een praatje met haar te maken. Dus draaide ik steeds maar wat rondjes om haar heen in de hoop dat ze iets tegen me zei. Niets dus!

Toen het partijtje afgelopen was en iedereen naar huis ging, zag ik het meisje op straat lopen. Ik besloot haar te volgen. Even later ging ze samen met een ander meisje een huis binnen. Daar woont ze dus, dacht ik. Gelukkig en nog altijd met een buik vol vlinders ging ik naar huis.

Toen ik de volgende dag uit school kwam miste ik het meisje ineens heel erg. Ik stapte op mijn fiets en reed terug naar haar huis. Het was al bijna herfst en in de huizen brandde licht. Door de vitrages heen zag ik iemand lopen die op het meisje leek. O meisje, was jij maar de mijne, dacht ik. Ook de volgende dag en de dag daarna fietste ik langs haar huis. Maar nooit kwam ze naar buiten of zag ik haar door haar straat lopen.

De dagen verstreken en ik werd almaar ongelukkiger. Mijn dagelijkse fietstochtjes leverden niets op. Het meisje leek niet meer te bestaan, behalve in mijn gedachten. Op een dag kon ik er niet meer tegen. Ik belde Freek en vroeg zo tussendoor even hoe dat `ene' meisje heette.

Freek noemde haar naam en achternaam. En toen wist ik wat er aan de hand was. Want op de deur van het huis waar ik steeds maar langsfietste stond een heel andere achternaam.

,,Woont dat meisje soms in de x-straat?'' vroeg ik hem. ,,Hoe kom je daarbij'', zei Freek. ,,Daar woont Mieke. Dat meisje van jou is een vriendinnetje van haar dat bij haar logeerde. Ze komt uit België.'' Een voor een vlogen de vlinders mijn buik uit. Want toen wist ik zeker dat ik het meisje nooit meer zou zien.