Audina is even ontroostbaar

Mia Audina (24) won gisteren Nederlands eerste badmintonmedaille uit de geschiedenis. Een zilveren. ,,Over vier jaar wil ik in Peking goud winnen.''

Wie haar recht in haar olijke, onschuldige gezicht kijkt, zou het niet vermoeden. Maar druk Mia Audina Tjiptawan een racket en een shuttle in handen en de badmintonster, sinds vier jaar in het bezit van een Nederlands paspoort, verandert op slag in een roofdier: een sportster die haar tegenstandsters met huid en haar opvreet. Zonder pardon.

Dat de geboren Indonesische in Athene op oorlogspad was, bleek de afgelopen dagen in de Goudi-hal. De ene na de andere opponente groot of klein van naam, het maakte Audina niet uit moest het ontgelden. Woensdag, in de halve finales van het olympisch toernooi, was het de beurt aan de nummer één van de wereld, de als eerste geplaatste Chinese Gong Ruina.

Nederlands eerste olympische badmintonmedaille was een feit. Alleen de kleur moest nog bepaald worden: goud of zilver. Dat gebeurt vandaag, in de halfvolle Goudi-hal, waar zich een kleine duizend toeschouwers verzameld hebben voor de finale van het vrouwenenkelspel. Audina's tegenstandster is hoe kan het ook anders in een door Azië gedomineerde sport een Chinese, de hoogbenige en als tweede geplaatste Zhang Ning.

Zeker in vergelijking tot haar opponente oogt Audina een tikje mollig, maar schijn bedriegt. Ze is dan wel klein (1 meter 61) en gedrongen, op de baan is de bijna 25-jarige Javaanse een lichtvoetig fenomeen, dat in de aanloop naar `Athene' de successen ogenschijnlijk moeiteloos aaneenreeg. Audina won afgelopen voorjaar niet alleen twee Europese titels (enkel- en dubbelspel), ze schreef bovendien het sterkbezette en internationaal hoog aangeschreven Japanse Open op haar naam.

Vandaag staat ze, een dag na de gouden dubbelslag van wielrenster Leontien van Moorsel en zwemmer Pieter van den Hoogenband, voor de taak haar nieuwe vaderland aan een derde gouden medaille te helpen. Ze heeft een dag eerder aangekondigd alles uit haar lijf te persen om die droom te verwezenlijken, en de hulp van God ingeroepen. Nederland heeft weer kleur in haar leven gebracht, en de diepgelovige Audina, lid van de Volle Evangelie Gemeente, wil graag wat terugdoen.

Haar start is veelbelovend. Met speels gemak trekt Audina de eerste game naar zich toe. Haar spel verraadt klasse. Alle wapens brengt ze in stelling: snelheid, accuratesse, variatie, raffinement en geduld. Op de tribune staat haar echtgenoot, gospelzanger Tylio Lobman, te dansen van plezier. Maar hij heeft te vroeg gejuicht. Halverwege de tweede game verdwijnt de brille langzaam maar zeker uit het spel van zijn geliefde. Audina gaat forceren, Zhang neemt de regie over, en na de tweede trekt de onderkoelde Chinese ook de derde en beslissende game naar zich toe: 8-11, 11-6 en 11-7.

Audina is ontroostbaar. Als verdoofd verlaat ze de hal. Vier jaar geleden in Sydney voortijdig gesneuveld (kwartfinales) namens Nederland, nu heeft ze het goud uit haar handen laten glippen. Zo voelt het tenminste. Zelfs een knuffel van NOC*NSF-voorzitster Erica Terpstra, Nederlands grootste en bekendste supporter, kan het leed niet verzachten. Haar gezicht staat op onweer. Bij de prijsuitreiking kan er amper een glimlach af.

Ruim drie kwartier en tal van plichtplegingen later blijkt Audina de ontgoocheling te boven. Het was de vermoeidheid die haar opbrak. ,,Gisteren twee partijen gespeeld, en dat voelde ik.'' Troost vindt ze in haar geloof. ,,Voordat ik gisteravond ging slapen, heb ik gebeden en gezegd dat ik mijn best zou doen. God doet de rest. Hij zal wel een bedoeling hebben met deze prestatie.''

Veertien jaar was Audina toen ze, nota bene in haar geboortestad Jakarta, haar vaderland de officieuze wereldtitel voor landenteams bezorgde. Ze was op slag een nationale beroemdheid in het grootste islamitische ter land ter wereld. Twee jaar later, bij de Olympische Spelen van Atlanta, steeg haar ster verder: ze won olympisch zilver, zestien jaren jong pas.

Nu, ruim acht jaar later, is ze een volwassen vrouw, die veel heeft meegemaakt. Ze verliet haar vaderland, verloor haar moeder en het contact met haar vader. Die laatste plooi is inmiddels weer gladgestreken. Maar met een gouden plak had ze definitief het verleden kunnen begraven en aan haar toekomst kunnen beginnen.

Dat weet ook Lobman (28), de man voor wie Audina haar vaderland verliet, al heeft ook hij de teleurstelling snel verwerkt. De Rotterdammer van Surinaamse afkomst is van nature een opgewekt type, en draagt vandaag een oranje T-shirt, met voorop de tekst `1.. 2.. BOEM!' en achterop het eerste couplet van het Wilhelmus. Zijn echtgenote noemt hij zonder aarzeling ,,de Ruud van Nistelrooy van Indonesië''.

Natuurlijk is hij trots op haar. Grijnzend: ,,Zilver en zilver is voor mij ook goud.'' Bovendien: was de medaille acht jaar geleden voor Indonesië en haar moeder, ditmaal is de plak bestemd voor haarzelf. ,,Dat maakt deze medaille zo bijzonder, hij is helemaal van Mia alleen.'' Hoewel: ,,Ook Indonesië zal vandaag een beetje trots zijn, dat weet ik zeker.''

Toch is sport niet de belangrijkste drijfveer in het leven van Audina, zo weet parttime-mental coach Lobman. ,,Mia wil badminton in Nederland op een hoger plan brengen, en is daarom nog niet klaar. Maar op nummer één staat God, op nummer twee sta ik en pas op nummer drie badminton.''

Maar wat betekent Audina's succes voor de toekomst van de sport, die al zo lang worstelt met het stigma `campingsport'? Van Dooremalen zegt het niet te weten. Nederlands langstzittende bondscoach al negentien jaar is hij verbonden aan de badmintonbond (NBB) kan slechts hopen dat haar zilveren medaille een spin-off teweeg brengt. Eén ding is zeker: ,,Komend jaar moeten we de adem inhouden.'' Want ook de NBB moet bezuinigen, wel of geen olympisch succes. Eén troost: Mia Audina blijft Nederland én het topbadminton trouw, nu het goud haar in Athene is ontvallen. ,,Over vier jaar wil ik goud winnen in Peking.''