Waarnemer van de geschiedenis

Carl Mydans omschreef zichzelf het liefst als `mensenkijker' – de waarnemer die in een oogwenk ziet of een houding of een gebaar iets zegt over de persoon die hij ziet en die ook nog in staat is dat te fotograferen. Naarmate hij die onuitgesproken taal, die niet in woorden uitgedrukte emoties beter begon te begrijpen, opende zich een nieuwe wereld – ,,een bron van verhalen, even breed en even gevarieerd en even fascinerend als de mensheid''.

Mydans had nog een kwaliteit, zo tekende Marianne Fulton van The Digital Journalist eens aan in een portret van de maandag overleden Amerikaanse fotograaf: hij had een gevoel voor geschiedenis. Hij begreep dat zijn foto's ,,kleine emblemen van de hedendaagse geschiedenis waren'', momentopnamen die samen de essentie van een bepaalde periode en een bepaalde plek konden weergeven. Hij wist hoe afstand werkte, hij wist dat oorlogsfotografen maar zelden foto's maken van strijdende partijen in hun dodelijk gevecht, maar dat incidenten, individuen, gebaren, gezichtsuitdrukkingen de oorlog veel intenser weergeven dan welke foto van strijdende soldaten ook: dat was de geschiedenis die hij wilde vastleggen. Zijn foto van generaal Douglas MacArthur op het moment waarop die in 1945 in de Filippijnen aan land gaat of die uit 1963 van Amerikaanse forenzen die de krant lezen met de kop `President doodgeschoten' zijn beroemd geworden.

Carl Mydens werd in 1907 bij Boston geboren en wilde eigenlijk chirurg worden. Tijdens zijn studie verdiende hij wat bij met (schrijvend) journalistiek werk voor de Boston University News. Toen, en later bij zijn werk voor kleine periodieken in New York en Washington, nam Mydans een tweedehands camera mee om zijn eigen verhalen te kunnen illustreren. Al snel bleek hij een even goede fotograaf als schrijver. In 1936 ging hij bij Life Magazine werken en vergat hij de schrijvende journalistiek: hij werd fotograaf, legde de Amerikaanse depressie in beeld vast en reisde met zijn vrouw Shelley Smith de wereld rond: zij schreef, hij fotografeerde, in Engeland, Zweden, Finland, waar het echtpaar de Fins-Russische oorlog volgde, Italië, Frankrijk, waar ze getuige waren van de Duitse inval, China, Malakka, de Filippijnen. Twee keer, in 1941 en 1943, werden ze een jaar lang door de Japanners geïnterneerd. In 1943 volgde Mydans de oorlog in Europa – Italië, Frankrijk – alvorens weer naar de Filippijnen te gaan, en naar Japan, waar hij in 1945 de capitulatie fotografeerde.

Na de oorlog bleef hij de geschiedenis volgen. Beroemde foto's van mensen als Kennedy en Churchill zijn het resultaat. Nog op zijn 80ste wurmde hij zich langs de lijfwachten van de Filippijnse president Marcos om de val van de dictator in beeld te brengen. Hij zou uiteindelijk 36 jaar voor Life werken. Mydans, zei eens een Life-collega, ,,was in staat de geschiedenis door zijn lens te zien – iconen te creëren, en tegelijkertijd een lyrische fotograaf te zijn.''