De overheid moet zich niet laten ontmoedigen

De overheid kan maar beter opgedoekt worden. Dat is ongeveer de conclusie van het artikel van Ton Horrevorts (14 augustus). De auteur gaat voorbij aan het feit dat de burger de overheid in verschillende rollen ontmoet. Zo is de overheid dienstverlener (voor paspoorten, rijbewijzen en het ophalen van huisvuil), financier (subsidies), aanbieder van ruimte, regisseur, wetgever en rechtshandhaver en soms beheerder van de openbare ruimte.

Het is absoluut niet zo dat de overheid in al deze rollen faalt. Zo zijn burgers grosso modo tevreden over de dienstverlening van gemeenten. De overheid worstelt vooral met haar rol van handhaver. Diverse rampen (Bijlmerramp, Volendam, Enschede) hebben geleerd dat zij in die rol te veel gedoogt en zwak is in de coördinatie tussen verschillende organen. Als remedie pleit Horrevorts voor meer aandacht voor de aansturing van de uitvoering. Dat is nodig, ware het niet dat de overheid voor die uitvoering steeds afhankelijker wordt van externe, autonome partijen zoals woningcorporaties of schoolbesturen. Bij deze partijen moet de overheid het vooral hebben van overleg, overtuiging en onderhandeling. De stagnatie in de uitvoering wordt dus niet alleen veroorzaakt zoals Horrevorts suggereert door gebrek aan kennis van beleidsmakers. De overheid moet vooral beter gaan werken als handhaver, haar successen (bv. als dienstverlener) koesteren en de burger duidelijker laten weten dat zij niet meer op alles kan worden aangesproken.