Veelpleger gestraft voor hoger beroep

Veelpleger kun je beter niet in Breda zijn. Dat heeft Orhan O. (34) ondervonden. Voor het stelen van een koffiezetapparaat (waarde 29,95 euro) uit een winkel kreeg hij op 12 februari van de Bredase rechtbank een celstraf van één maand. Overal elders in Nederland zou hij voor hetzelfde `eenvoudige vergrijp' één, ten hoogste twee weken hebben gekregen. Zijn advocaat R. Hörchner sprak van ,,rechtsongelijkheid'' en ging in hoger beroep. Maar tot zijn verbazing verdubbelde het gerechtshof in Den Bosch onlangs de straf: Orhan O. moet twee maanden zitten.

Met de verdubbeling van de straf steunt het hof het beleid dat justitie en politie in Breda begin dit jaar invoerden: ze kondigden in januari aan de harde kern veelplegers in Midden- en West-Brabant zeer streng aan te pakken. Het openbaar ministerie stuurde 221 veelplegers een brief met de waarschuwing dat zij systematisch in de gaten worden gehouden. Bij verdenking van een strafbaar feit komen ze in snelrecht voor de rechter.

Ohran O. was de eerste veelpleger die zich na invoering van het Bredase `specifiek veelplegersbeleid' voor de rechter moest verantwoorden. Het openbaar ministerie eiste zes weken tegen hem.

In het arrest meldde het gerechtshof in Den Bosch recentelijk dat het college van procureurs-generaal inmiddels (op 15 maart 2004) een landelijk `OM-veelplegersbeleid meerderjarigen' heeft vastgesteld, waarmee mogelijke verschillen in beleid tussen arrondissementsparketten zijn verdwenen. Hörchner zegt te hebben begrepen dat het hier gaat om ,,een interne brief die geen officiële status heeft''. Hij betwist dat er sprake is van landelijk beleid. Het hof schreef ook dat het de officier van justitie ,,vrij staat om, gelet op alle omstandigheden van het feit en van de persoon (...) een daarop afgestemde eis te formuleren''. En dat een eis van het OM in beginsel ,,als maximum geldt voor de rechter'', mist volgens het hof iedere rechtsgrond.

Raadsman Hörchner zegt geen contact meer te kunnen krijgen met zijn ,,dakloze cliënt'' Orhan O., waardoor de cassatietermijn ,,ongebruikt'' is verstreken. Hij heeft ,,gezien het gewicht van de kwestie'' een brief geschreven aan de Hoge Raad met de vraag zijn bevoegdheid toe te passen tot het instellen van een `cassatieberoep in het belang der wet'.