Onderwereld zoekt overal tentakels

De onderwereld probeert zich te vermengen met de bovenwereld. Soms lukt dat, aldus de Nationale Recherche. Met name advocaten en notarissen zijn aantrekkelijke partners voor criminelen.

Advocaten en notarissen worden in opsporingsonderzoeken `met enige regelmaat' in verband gebracht met corruptiepraktijken in het criminele circuit. De betrokkenheid van deze `vrijeberoepsbeoefenaren' zal nooit volledig uit te bannen zijn. Dit schrijft de Nationale Recherche in het rapport Nationaal dreigingsbeeld zware of georganiseerde criminaliteit.

Daarin worden toekomstige ontwikkelingen in de georganiseerde criminaliteit geschetst met het doel om de opsporingscapaciteit daar beter op af te stemmen.

Advocaten, notarissen en accountants zijn aantrekkelijke partners voor georganiseerde criminele groeperingen, maar over mogelijke laakbare betrokkenheid bij dat circuit is nog weinig bekend, aldus het rapport.

In 1996 signaleerde de parlementaire enquêtecommissie-Van Traa in haar eindverslag al dat het ,,meer dan incidenteel'' voorkomt dat advocaten op verwijtbare wijze betrokken waren bij de afscherming van criminele praktijken. Ook in het rapport van de Nationale Recherche wordt melding gemaakt van recente opsporingsonderzoeken waaruit blijkt dat die betrokkenheid nog steeds voorkomt. ,,Dergelijke corruptie (door vrije beroepsoefenaars) vormt een dreiging waarmee de komende vijf jaar ernstig rekening moet worden gehouden.''

De media spelen de laatste jaren een steeds belangrijker rol in de strategie van criminele organisaties. Daarbij gaat het om het genereren van positieve publiciteit waarin bijvoorbeeld macht en omvang van de georganiseerde criminaliteit wordt gebagatelliseerd door het verspreiden van geruchten of het lekken uit strafrechtelijke dossiers om de rechtsgang te beïnvloeden.

In het rapport wordt gesproken van één opsporingsonderzoek, in Amsterdam, over inbraken bij ambtenaren, het `afvangen' van semafoonverkeer, het afluisteren van telefoongesprekken en het inschakelen van de media. Details over dit specifieke onderzoek worden niet gegeven. `Contra-observaties', worden dergelijke tactieken genoemd. Volgens politiedeskundigen zouden intimidatie en bedreigingen van getuigen en medeverdachten `zeer regelmatig' plaatsvinden.

Volgens de opstellers van het rapport is een aantal criminele topfiguren erin geslaagd om een respectabele positie in de bovenwereld te bekleden. Daarbij gaat het om personen van wie vermoed wordt of zelfs aangetoond is dat ze de georganiseerde criminaliteit domineren. ,,Maar door hun positie in de bovenwereld schijnen zij onkwetsbaar voor opsporing en vervolging.'' In het rapport wordt daarbij met name Amsterdam genoemd. Daar wordt `een hoge mate' van vermenging van het lokale bedrijfsleven met de georganiseerde criminaliteit verondersteld, niet alleen op zakelijk maar ook op sociaal niveau.

Ook ambtenaren zijn doelwit in de strategie van criminelen. Daarbij gaat het vooral om de politie, douane en de Koninklijke Marechaussee. Het aantal meldingen van corruptie in het ambtelijk apparaat wordt in het rapport wel `gering' genoemd. ,,Maar er dient rekening gehouden te worden met een aanzienlijk dark number waardoor de werkelijke omvang zich slechts laat raden.'' In het rapport wordt gewezen op een toekomstige toename van het aantal gekozen functionarissen, zoals de gekozen burgemeester. ,,Uit het buitenland zijn voorbeelden bekend van dergelijke functionarissen die het met de integriteit niet zo nauw namen.'' In het rapport worden de gevolgen van ambtelijke corruptie `verstrekkend' genoemd.

Er zijn aanwijzingen dat terroristische organisaties in Nederland gebruikmaken van criminelen om wapens aan te schaffen of geld wit te wassen. Maar terroristische groeperingen houden zich niet structureel bezig met criminaliteit. Dat houdt waarschijnlijk verband met het feit dat terroristen Nederland gebruiken als rust- en uitwijkplaats.

In het rapport wordt wel gewaarschuwd voor de risico's van dergelijke samenwerkingsverbanden. Daarbij betreft het vooral de mogelijkheden om wapens en explosieven te bemachtigen en mensensmokkel. Omdat traditionele financieringsbronnen voor terrorisme, zoals de Sovjet-Unie, Libië en Pakistan, zijn wegggevallen, zijn terroristen aangewezen op andere inkomstenbronnen. Er zijn aanwijzingen dat terroristische groeperingen zich bezighouden met `reguliere' vormen van criminaliteit om hun activiteiten te financieren. ,,De ernst van aanslagen is dermate groot dat gesproken kan worden van een potentiële dreiging.''