Alles is te koop, dus ook Shell

Total koopt Shell, beweerde een Britse zondagskrant. De markten reageerden. De zin en onzin van speculaties over de overname van een oliereus.

Hoe mogelijk is het onmogelijke? Deze week steeg de aandelenkoers van Koninklijke/Shell Groep mede op overnamespeculaties. Voor alle duidelijkheid: het gas- en olieconcern was de prooi, niet de jager in de geruchtenstroom. Is het energieconcern (omzet vorig jaar 269 miljard dollar) door tegenvallende productie en de reserve-affaire werkelijk zo verzwakt dat het kan worden opgekocht?

De speculaties - eerst in het gezaghebbende Britse weekblad The Economist en vervolgens in de zondagskrant The Observer – lijken nogal prematuur. Maar dat er überhaupt over Shell wordt nagedacht als prooi is niet verwonderlijk. De Koninklijke/Shell Groep verloor de afgelopen jaren veel van zijn glans (zie grafiek). Om te beginnen met zijn omvang. Eind jaren negentig deed Shell niet mee aan de internationale krachtenbundeling. Total kocht Elf en Fina, British Petroleum (BP) kocht Amoco en in Amerika gingen Exxon en Mobil samen. Shell werd zo in omvang gepasseerd door het Amerikaanse Exxon.

Veel belangrijker is de tweede reden waardoor het concern op de competitieladder van de oliereuzen zakte. Tegenvallende productie en de recente affaire met de bewezen reserves lieten de koers minder hard stijgen dan die van de concurrenten. Inmiddels is Shell ook door BP in beurswaarde voorbijgestreefd. Koninklijke/Shell Groep, bestaande uit het Britse Transport & Trading en het Nederlandse Koninklijke Olie, was vanochtend 140 miljard euro waard (zie tabel). Exxon nadert het dubbele en Total nadert Shell.

Daarmee valt meteen een van de belangrijkste beschermingswallen van Shell weg. Het energieconcern was in het verleden eenvoudigweg te groot om te worden overgenomen. Reuzen blijven niet altijd zo groot, leerde het Amerikaanse IBM al in het verleden.

De financiële slagkracht om Shell te kopen is inmiddels bij sommige concurrenten groot genoeg. Die slagkracht wordt vooral gevormd door de koopkracht van hun aandelen, want niemand ter wereld – zo bevestigen analisten – kan momenteel 150 miljard euro of meer contant op tafel leggen.

In de financiële wereld geldt de koers-winstverhouding als een belangrijke maatstaf om te kijken hoe goedkoop of duur een aandeel is. Beleggers zijn momenteel bereid bijna 16 maal de verwachte winst per aandeel voor BP te betalen, Koninklijke/Shell is nog geen 12 keer de verwachte winst waard. Het betekent in theorie dat BP op dit moment 30 procent boven de koers van Shell kan bieden terwijl de transactie toch direct bijdraagt aan de winst per aandeel. Maar BP zal Shell op andere gronden nooit kunnen kopen, menen analisten. ,,Dat geeft meteen problemen met de kartelautoriteiten'', zegt Jon Rigby van Commerzbank Securities in Londen. Hetzelfde geldt voor Exxon: een krachtenbundeling zal te veel marktmacht concentreren. Volgens Paul Andriessen van SNS Securities zullen zowel bij BP als Exxon de overlappingen te groot zijn waardoor veel activiteiten moeten worden afgestoten. Vooral bij de raffinage van olie en bij de verkoop aan de pomp zouden de marktaandelen onaanvaardbaar hoog worden.

Dat zal natuurlijk minder problemen geven als Shell opgesplitst zou worden in een Brits deel en een Nederlands deel, een ander gerucht. Maar volgens Rigby is dat praktisch onmogelijk. ,,Wat veel mensen kennelijk vergeten is dat Koninklijke/Shell Groep een beleggingsvehikel is met twee aandeelhouders. De bezittingen van Shell kan je niet zo maar opdelen in een of andere verhouding'', aldus de analist van Commerzbank.

Een overname van Shell door Total zal minder op problemen stuiten bij kartelautoriteiten, maar heeft het Franse olieconcern wel zoveel slagkracht? Total heeft nu al de minste ruimte op zijn balans van de grote oliemaatschappijen, en relatief de hoogste schuld. Jon Rigby van Commerzbank Securities in Londen noemt de overnamegeruchten ,,belachelijk''. Volgens de analist slaan de speculaties helemaal nergens op. ,,Ik ben juist erg verrast dat de markt nog zoveel aandacht besteed aan zulke onzin.'' Volgens Rigby bestaat er geen enkele logica voor een eventuele krachtenbundeling van Total en Shell. Bovendien is het waarderingsverschil tussen Total en Shell volgens hem veel te klein. De sommetjes komen niet rond, en dan heeft de analist nog niet eens gerept van de cultuurverschillen.

Maar wat niet is, kan nog komen. Shell schaft binnenkort de prioriteitsaandelen af die ingewijden het voorrecht geven om de samenstelling van de directie te bepalen – via bindende voordracht – en die het recht geven de statuten te wijzigen of de vennootschap te ontbinden. Bovendien gelden de aandelenmarkten als een steeds belangrijker scherprechter bij vijandige biedingen, of er nu beschermings- en cultuurbarrières zijn of niet. Wie had ooit gedacht dat een Brits telecombedrijf het Duitse conglomeraat Mannesmann met succes zou overnemen? Overnameprijs: een slordige 190 miljard euro. Zolang Shell niet te ver achterop raakt bij de concurrentie, mag het zijn zelfstandigheid veilig wanen. Het alternatief is dat het onmogelijke mogelijk wordt.

WWW.NRC.NLdossier Shell