Venezolaanse olie `in handen van het volk'

President Hugo Chávez heeft het referendum over zijn aanblijven gewonnen. De strijd in Venezuela gaat niet alleen om de macht, maar ook om de olie.

Het oogt als het bondskantoor van de `Bolivariaanse revolutie' – de sociaal-politieke beweging van de Venezolaanse president Hugo Chávez die is vernoemd naar de held van Venezuela's onafhankelijkheid, Simon Bolívar (1783-1830). Aan de zijkant van de wolkenkrabber in Caracas hangt een reusachtige foto van Chávez in zijn rode revolutionaire kledij. Beneden in de lobby en in de rokersruimte in de open lucht lopen allerlei medewerkers in T-shirts met teksten waarin de onvoorwaardelijke steun wordt uitgesproken met het bewind van hun vooruitstrevende volksleider.

Het is maar al te duidelijk dat dit hoofdkantoor van de Venezolaanse staatsoliemaatschappij PdVSA stevig in handen is van Chavez' aanhangers, de Chavistas. Met een twee maanden durende staking van oliewerknemers die begon in december 2002 heeft de oppositie eerder geprobeerd de regering van Chávez op de knieën te krijgen. Maar de president gaf geen krimp, greep hard in, liet zelfs het leger olietankers heroveren en ontsloeg 18.000 deloyale PdVSA-werknemers. Bijna de helft van het personeel.

Na die zuivering is de weerstand definitief gebroken. PdVSA, in 1976 ontstaan na nationalisering van buitenlandse maatschappijen, is ,,niet langer eigendom van de elite'' maar definitief ,,in handen van het volk'', aldus een van de strijdkreten van Chávez.

Die leuze doet het goed bij veel Venezolanen die afgelopen zondag volgens de kiesraad in een referendum met ruime meerderheid kozen voor handhaving van president Chávez. Olie is de kurk van deze samenleving. Het vullen van de benzinetank van een personenauto kost hier evenveel als een kopje koffie. Een liter benzine is niet duurder dan 2 eurocent. Het land kan het zich permitteren, want Venezuela is de vijfde olie-exporteur ter wereld. Driekwart van de exportopbrengsten komen uit de oliesector.

In de Venezolaanse bodem zitten voorraden die in het huidige tempo van winning nog driehonderd jaar werk opleveren. En met de al weken aanhoudende stijging van de olieprijs – pikant genoeg mede veroorzaakt door de onzekere politieke situatie in Venezuela – nemen de inkomsten met vele miljarden dollars extra toe.

,,De werknemers in de olie-industrie zullen niet accepteren dat Chávez wordt verslagen'', zei de Venezolaanse minister van Energie, Rafael Ramírez, vrijdag op een persconferentie in het oliekantoor in Caracas. [Vervolg VENEZUELA: pagina 15]

VENEZUELA

'Analisten allemaal Chavistas'

[Vervolg van pagina 13] Ook Chávez zei de afgelopen weken dat de wereld een stuk beter af zou zijn als hij aan de macht blijft. ,,Mijn regering is de enige die oliestabiliteit kan garanderen'', aldus Chávez.

Als bewijs citeerde hij uit financiële – liefst Amerikaanse – analyses waarin werd gezegd dat een verlies van Chávez tot chaos zou leiden die de olie-export zou schaden. ,,Die analisten zijn allemaal Chavistas. De wereld gaat aan me wennen'', schamperde de president. Gisteren daalden de prijzen op de wereldoliemarkt toen duidelijk werd dat Chávez het referendum had gewonnen. Een vat toonaangevende Brent Noordzee-olie stond vanmorgen op de termijnmarkt in Londen een dollar per vat lager dan gisteren.

De huidige top van PdVSA zegt dat de maatschappij goeddeels is hersteld van ,,de sabotage'' – de staking – van zo'n twee jaar geleden. Die kostte de maatschappij ongeveer 7,5 miljard dollar (ruim 6 miljard euro). De productie zou nu weer op het oude niveau zijn van ruim drie miljoen vaten olie per dag. Volgens de president van de staatsoliemaatschappij en oud-voorzitter van de Organisatie van olie-exporterende landen OPEC, Ali Rodríguez, zal PdVSA in de komende vijf jaar zo'n 37 miljard dollar investeren om de productiecapaciteit te verbeteren. ,,Het streven is om in 2009 dagelijks vijf miljoen vaten olie te produceren.''

Maar volgens oud-werknemers van PdVSA – die in een soort informeel actienetwerk het oliebedrijf op de voet volgen – liegt de Venezolaanse regering. Ondanks veel kunst- en vliegwerk, zoals het inhuren van buitenlandse tijdelijke krachten, zou de olieproductie vanuit Venezuela nu slechts 2,6 miljoen vaten per dag bedragen. ,,De raffinaderijen draaien slechts op een fractie van hun capaciteit. Er gebeuren ook steeds meer ongelukken: branden en explosies. De economische malaise die de huidige regering heeft veroorzaakt, is gigantisch'', zegt ingenieur Arnold Volkenborn. Hij is Venezolaan van Nederlandse afkomst en werkte 37 jaar in de olie- en petrochemische industrie, onder andere als directeur bij PdVSA. ,,De staking is ontzettend schadelijk geweest. En het ergste is nog dat Chávez de staking waarschijnlijk heeft uitgelokt om een excuus te hebben politiek te kunnen ingrijpen.''

De nieuwe PdVSA wordt door de regering-Chávez heel nadrukkelijk ingezet ter realisering van zijn plannen om de ongeveer 17 miljoen straatarme – van in totaal 25 miljoen inwoners – Venezolanen te verheffen. De oliemaatschappij reserveert jaarlijks een bedrag van ongeveer 2 miljard dollar (1,6 miljard euro) voor hulpprojecten als sociale woningbouw en ziekenhuisjes in volkswijken. Volgens de oppositie zou de regering er beter aan doen werkgelegenheid te creëren in plaats van ,,voedselpakketten'' uit te delen.

Dat olie voor Chávez een belangrijk politiek wapen is, heeft hij de afgelopen weken herhaaldelijk laten blijken. De president verklaarde dat ,,er geen druppel olie'' meer naar de Verenigde Staten gaat als de Amerikanen hem voor de voeten lopen. 15 procent van de olie in de VS komt uit het dichtbijgelegen Venezuela.

Volgens oud-directeur Volkenborn is het dreigement van Chávez pure bluf. Veel van de olie die Venezuela produceert is zeer zwaar. Een groot deel van die olie wordt geraffineerd in de Verenigde Staten, waar Venezuela over raffinaderijen beschikt. ,,Venezuela snijdt zich vooral in eigen vlees als het de contacten met de VS verbreekt.''