Van den Hoogenband, groot in winst én in verlies

Het zinnetje rolde bijna als vanzelf uit zijn mond. ,,Een zilveren medaille in dit deelnemersveld is niet misselijk.'' Op die woorden viel weinig af te dingen. Drie meervoudige wereldrecordhouders aan het vertrek, met ieder een karrenvracht aan titels achter hun naam, waarvan hij er zelf één was. Maar ging Pieter van den Hoogenband gisteren ook voor een zilveren medaille te water op de 200 meter vrije slag?

Nee, natuurlijk niet. Maar wat moest de onttroonde kampioen na afloop van zijn nederlaag anders zeggen? Dat hij had gefaald? Dat had hij niet, integendeel zelfs. Hij had zich kranig geweerd en gedaan wat hij moest doen: zijn natuur volgen en (dus) aanvallen. Nee, de 26-jarige Brabander kon naar eigen zeggen trots zijn op zichzelf. En één ding was zeker, wist zijn trainer Jacco Verhaeren: ,,Pieter is uiteraard teleurgesteld, maar hij trapt vanavond geen deur in.''

Het stralende boegbeeld van de Nederlandse zwemsport is niet alleen groot in de winst, hij is ook groot in verlies. Zoals het een groot sportman betaamt, en zoals hij van huis uit heeft meegekregen, in het sportieve gezin waarin hij opgroeide. Gisteren betuigde hij het respect dat zijn bedwinger verdiende. Ian Thorpe, de enige zwemmer die al zes keer de grens van 1 minuut 45 wist te bedwingen, is en blijft de onbetwiste koning van de dubbele sprintafstand: 1.44,71.

Van den Hoogenband (1.45,23) had, niet voor het eerst in zijn carrière, simpelweg zijn meerdere moeten erkennen in een zwemmer, die gisteren revanche nam voor het pijnlijke demasqué dat VdH hem vier jaar geleden in `zijn' Sydney had bezorgd. Ten overstaan van het zwemmaffe Australische publiek liet Thorpe zich toen immers in de val lokken door de bliksemstart van zijn Nederlandse concurrent onmiddellijk te beantwoorden. Gevolg: de publiekslieveling blies in de slotfase zijn eigen motor op en Hoogie ging met de zege aan de haal.

Gisteren, in de met veel bombarie aangekondigde Race of the Century, stond de titelverdediger eenzelfde scenario voor ogen. Een keuze had hij niet. Wilde hij de Australiër `kraken' dan moest dat in het eerste deel van de race gebeuren. Het was, in zijn eigen woorden, ,,weer ouderwets pompen of verzuipen'' voor het zondagskind uit Geldrop, die na 100 meter keerde in een nog nimmer vertoonde 50,42. Dat was ruim één seconde (1,03) onder de tussentijd, die Thorpe ruim drie jaar geleden neerzette toen hij in het indoorbassin van Fukuoka (WK 2001) zijn eigen wereldrecord verpulverde.

Van den Hoogenbands razendsnelle opening getuigde van moed. Of was het overmoed? Thorpe hield het hoofd koel, verloor zijn tegenstander niet uit het oog en maakte in de voorlaatste vijftig meter zijn achterstand goed, om vervolgens in de allerlaatste baan alsnog toe te slaan en als eerste aan te tikken bij de finishplaat. ,,Nu staan we weer gelijk, we zien elkaar in Peking (OS 2008, red.)'', voegde hij Van den Hoogenband toe, nadat hij diens felicitaties in ontvangst had genomen.

Zaterdag nog, op de openingsdag van het achtdaagse zwemtoernooi, maakte de inmiddels 21-jarige krachtpatser met de zwemvliezen (schoenmaat 52) ondanks zijn zege een wankele indruk op de 400 vrij. Thorpedo bleef drie seconden boven zijn eigen mondiale toptijd, en oogde bovendien logger (en dus trager?) dan voorheen. Maar het was de schijn die bedroog. Want de Ian Thorpe van Sydney is een andere dan de Ian Thorpe van Athene. Niet alleen ouder en wijzer, maar onder druk van trainster Tracey Menzies meer en meer getransformeerd tot een man van de korte- en middenlange-afstanden.

Naar de oorzaak van Van den Hoogenbands nederlaag hoefde niet lang te worden gegist. ,,Gewoon te hard afgegaan'', vermoedde vader Cees-Rein. Ook zijn zoon ontkwam uiteindelijk niet aan die wat bittere slotsom: ,,Ik heb me helemaal kapotgezwommen, en misschien net iets te veel gegeven op de eerste 100 meter.''

Verhaeren daarentegen nam zijn pupil niets kwalijk. VdH zwom de race zoals beiden vooraf hadden afgesproken, in precies de juiste frequentie (aantal slagen per minuut) en met de juiste insteek. ,,Rustig openen is hem nog nooit goed bevallen'', doceerde Verhaeren. ,,Als Pieter iets langzamer van start was gegaan, dan was de kans groot geweest dat hij Thorpe en Phelps types met meer inhoud dan snelheid mee naar de streep had genomen en dat ze hem daar alsnog hadden verslagen.''

Troosten kon Van den Hoogenband zich verder met de gedachte dat, aldus Verhaeren, ,,hij niet is weggezwommen zoals drie jaar geleden in Fukuoka gebeurde'' en dat hij zich vandaag (halve finales) en morgen (finale) kan revancheren op zijn favoriete nummer, de 100 meter vrije slag. Nog één troost: sinds gisteren mag Van den Hoogenband zich Nederlands succesvolste Olympiër uit de geschiedenis noemen. Hij won immers zijn zesde olympische medaille (vier in Sydney, twee in Athene) en loste daarmee ruiter Pahud de Mortanges (vijf) af als koploper van de eeuwige ranglijst, nadat collega Inge de Bruijn datzelfde een dag eerder al had gedaan met haar bronzen plak op de 100 meter vlinderslag.