Plan Bush sluit aan bij strategie Clinton

De plannen van president Bush tot troepenvermindering in Europa en Azië zijn niet nieuw. Maar de kiezer is ongeduldig.

Als een waterscheiding. Zo heeft de Amerikaanse president Bush zijn plan gepresenteerd om 70.000 militairen van bases in Europa en Azië terug te halen naar de VS. Een waterscheiding tussen de logge militaire opstelling tegen een voorspelbare vijand van de Koude Oorlog, en een 21ste-eeuwse doctrine tegen een onberekenbare tegenstander die snelle inzetbaarheid van lichte eenheden noodzakelijk maakt, waar ook ter wereld.

Maar is het plan zo ingrijpend als sommige commentatoren in de Verenigde Staten nu al hebben gezegd? De inhoud en de timing van het voornemen van Bush suggereren dat er behalve een plotselinge militaire noodzaak toch ook politieke overwegingen meespelen. Gestage vermindering van permanent in het buitenland gelegerde Amerikaanse troepen is geen nieuws. Van de bijna 250.000 Amerikaanse militairen die zich eind jaren tachtig nog in het toenmalige West-Duitsland bevonden zijn er in de tussenliggende vijftien jaar nog `slechts' 73.000 over. In Groot-Brittannië zijn dat er 11.000 van de 30.000 vijftien jaar geleden. En op de Filippijnen is de Amerikaanse aanwezigheid van 16.400 man tot een paar duizend gereduceerd.

Bush ging bij de presentatie van zijn plan dan ook minder in op de concrete aantallen en de timing. Militaire specialisten, maar ook de Amerikaanse minister van Defensie Donald Rumsfeld, hadden eerder al laten weten dat uitvoering ervan een kwestie is van jaren. Bush richtte zich gisteren tijdens zijn optreden voor de militaire veteranen in Cincinatti vooral tot de militairen in actieve dienst en hun familieleden, die samen met veel andere Amerikanen steeds meer kritiek hebben op de langdurige uitzending van Amerikaanse militairen naar oorlogsgebied in Irak en Afghanistan.

Het vooruitzicht dat mogelijk 100.000 familieleden samen met 70.000 militairen zullen terugkeren naar de Verenigde Staten moet iets van dat ongeduld wegnemen. Ieder stem voor Bush, die volgens de peilingen bijna even sterk staat als zijn Democratische rivaal John Kerry, telt. Democraten, maar ook militaire analisten, wijzen er in dat licht wel op dat de plannen van Bush, die hij nu presenteert als nieuw, feitelijk onder president Clinton werden geïnitieerd en door de twee volgende Amerikaanse presidenten ten uitvoer moeten worden gebracht.

Een van Kerry's buitenlandadviseurs, de voormalige VN-ambassadeur Richard Holbrooke, heeft Bush' plannen niettemin buitengewoon onverstandig genoemd. Volgens Holbrooke geeft de president het verkeerde signaal. Bondgenoten in Europa zullen zich in de steek gelaten voelen, het door Bush gewantrouwde Noord-Korea komt minder onder druk te staan, aldus Holbrooke. [Vervolg TROEPEN: pagina 5]

TROEPEN

Oude voornemens in nieuw jasje

[Vervolg van pagina 1] Een andere reden waarom Bush juist nu met zijn plan komt is dat de ratio en de voordelen van zijn zogenoemde Global Defense Posture Review, GDPR, makkelijk zijn te zien.

Neem Duitsland. Wat moeten tienduizenden Amerikaanse militairen nog in dat land als Rusland geen bedreiging meer vormt en nota bene de Poolse oosterburen al lid van de NAVO zijn geworden? En hoe moeten al die legerbases, kazernes en opslagplaatsen tegen terroristische aanslagen worden beschermd?

Of neem Zuid-Korea. Waarom zou je bijna veertigduizend manschappen, vooral grondtroepen, nog langer binnen het bereik van de Noord-Koreaanse artillerie legeren, wanneer de VS een eventueel conflict vooral met luchtstrijdkrachten willen beslechten? En als je met zo'n verhuizing ook nog omwonenden van de legerbases de nodige anti-Amerikaanse munitie weet te ontnemen, dan sla je toch twee vliegen in één klap?

Deze strategische overwegingen zijn al zó lang zó logisch dat het Pentagon in een vroeg stadium plannen in gang heeft gezet om deze fouten te herstellen.

Sinds de Amerikaanse troepenmacht in Europa, met name in Duitsland, aan het eind van de jaren tachtig het hoogwatermerk haalde zijn de aantallen gestaag afgenomen. Al in 1991 reisden eenheden af naar de Golf, om via Irak naar de VS te vertrekken – of helemaal te worden opgedoekt. Van de vele honderdduizenden GI's uit de Koude Oorlog resteren er in Duitsland nog zo'n zeventigduizend.

Dat de Zuid-Koreaanse veiligheid met minder Amerikaanse militairen toe kan is ook geen nieuw gegeven. Nog maar enkele maanden geleden maakte het Pentagon bekend de troepenmacht met een derde te willen inkrimpen. De resterende eenheden moeten worden gehuisvest in bases in het centrum van het land.

Het gaat bij deze zogeheten realignment van de overzeese troepen niet alleen om de landstrijdkrachten. Sterker nog, de Amerikaanse luchtmacht en marine hebben bij deze doctrinaire herschikking het voortouw genomen.

Jaren terug al reorganiseerde de luchtstrijdkrachten zich van een verzameling geografisch georiënteerde luchtvloten tot een expeditionaire luchtmacht die, onder de vlag `global reach, global power' overal ter wereld moest kunnen worden ingezet. Enerzijds stond de techniek toe dat bommenwerpers vanaf het Amerikaanse vasteland doelen waar dan ook op de aardbol konden bereiken. Anderzijds werd het voor de Verenigde Staten politiek steeds wenselijker om bij luchtoffensieven minder afhankelijk te zijn van vliegvelden in de regio.

Dat de grootste Amerikaanse luchtmachtbasis bij Frankfurt zou worden opgeheven en de Europese activiteiten naar Spangdahlem en Manstein zouden verhuizen, was eveneens bekend.

De Amerikaanse marine formuleerde, ook al jaren geleden, iets vergelijkbaars. Geplaagd door onder andere logistieke problemen, en, niet in de laatste plaats, de bomaanslag op de USS Cole in de haven van Aden in augustus 2000, breidt de US Navy de activiteiten op veilige, strategisch gelegen steunpunten uit. Op het geleasde Britse eilandje Diego Garcia in de Indische Oceaan zijn, behalve bommenwerpers en tankervliegtuigen, permanent bevoorradingsschepen en onderzeeërs gestationeerd. En ook op het eiland Guam in de Stille Oceaan breidt het Pentagon om die redenen de havenfaciliteiten uit. Het GDPR recapituleert dus oude voornemens.

Het afronden van de repatriëring van de eenheden, zo gaf minister van Defensie Donald Rumsfeld twee dagen geleden toe, kon nog wel eens zes jaar duren. Kennelijk was er niet-militaire haast om deze niet afgeronde plannen openbaar te maken.

HOOFDARTIKEL: pagina 7