VN-chef Kosovo: pas stabiliteit na besluit status

De Deense diplomaat Sören Jessen-Petersen is vandaag in Kosovo aangetreden als chef van het VN-bestuur (UNMIK). Aan de vooravond van zijn ambtsaanvaarding zei de nieuwe UNMIK-chef ,,er rotsvast van overtuigd te zijn dat er in de westelijke Balkan geen normalisatie en geen stabiliteit zal bestaan zolang het thema-Kosovo niet is opgelost''.

Jessen-Petersen volgt de Fin Harri Holkeri op, die in mei aftrad, formeel om gezondheidsredenen maar volgens de meeste waarnemers vooral in verband met de felle anti-Servische rellen waarbij in maart negentien doden vielen. De rellen maakten duidelijk dat het VN-bestuur er – ondanks voortdurende beweringen van het tegendeel – in vijf jaar niet in was geslaagd een verzoening tot stand te brengen tussen de Albanese meerderheid en de Servische minderheid in Kosovo.

Jessen-Petersen zei gisteren dat in de regio pas sprake is van stabiliteit als de toekomstige status van Kosovo is opgehelderd. Al vijf jaar lang – sinds de Kosovo-oorlog tussen de NAVO en het toenmalige Joegoslavië – laat de internationale gemeenschap de vraag of Kosovo onafhankelijk moet worden dan wel terug moet onder Servisch gezag, onbeantwoord. Formeel hoort Kosovo nog steeds bij Servië, al wordt er de dienst uitgemaakt door UNMIK, heeft Servië er niets meer te zeggen en heeft het gebied een eigen, door Albanezen gedomineerde regering en parlement. Jessen-Petersen zei gisteren dat dat uitstel van een besluit over de toekomstige status gevolgen heeft voor de westelijke Balkan. Pas als een besluit wordt genomen, zal de rust weerkeren: ,,Stabiliteit, normalisatie en helderheid over de status van Kosovo zullen niet alleen Kosovo en zijn inwoners, maar de hele regio ten goede komen.''

De leiders van de Albanezen in Kosovo klagen dat het VN-bestuur te veel macht behoudt en te weinig bereid is die macht met de Kosovaarse regering te delen, met name wat de rechtspraak, de veiligheid en de economie betreft. De werkloosheid bedraagt 55 procent en van economische groei is geen sprake. Volgens de Albanezen moet UNMIK meer macht afstaan aan lokale instanties. Volgens diplomaten in Priština treedt Jessen-Petersen aan met het voornemen de machtsoverdracht inderdaad te versnellen. Daarvoor, zo werd gisteren gezegd, bestaat een VN-plan.

Na de rellen van maart hebben de internationale vredesmacht KFOR en de VN-politie – die toen werden beschuldigd van vergaande nalatigheid – maatregelen genomen om een herhaling te voorkomen. Servische enclaves worden beter bewaakt en er is een nieuw alarmsysteem gekomen.