Ook brons telt voor Inky

Had zijn pupil brons gewonnen of goud verloren op de 100 meter vlinderslag? Over die vraag moest Paul Bergen gisteravond, twee uur na de troonsafstand van zijn pupil, even nadenken. Uiteindelijk koos de bedaagde zwemcoach uit Portland, tegen zijn gewoonte in, voor de gulden middenweg: ,,I think both, maar voor Inge zelf geldt dat ze hier gewonnen heeft.''

Drie jaar geleden, bij de WK langebaan (50 meter) in Fukuoka, kwam Inge de Bruijn internationaal voor het laatst uit op de 100 vlinder. Sindsdien meed de bijna 31-jarige sprintster uit Barendrecht het nummer wegens `een gebrek aan inhoud'. Dat ze gisteren desondanks op het podium belandde in Athene, beschouwde ze zelf dan ook als een mentale overwinning. ,,Ik kwam alleen verkeerd uit in de laatste meters.''

Maar volgens Bergen, speciaal voor de drievoudig olympisch kampioene toegevoegd aan de Nederlandse ploeg, ging het al veel eerder mis. ,,Twee slagen te veel op de eerste vijftig meter, en dus een te hoge slagfrequentie waar ze in het tweede deel van de race de tol voor moest betalen.''

`Hard afgaan' luidde niettemin de opdracht van Bergen, die zaterdagochtend in de series met lede ogen had moeten toezien hoe Inky ,,als een bange kat'' door het water was gegaan. En dus drukte De Bruijn, net als een dag eerder in de halve finales, het gaspedaal meteen vol in. Maar in plaats van Petria Thomas (goud) en Otylia Jedrzejczak (zilver) voortijdig van zich af te schudden, bleven de Australische en de Poolse in het spoor van de titelverdedigster, hetgeen de rust en finesse in haar slagen ook niet ten goede kwamen.

,,Maar ik ben hier nog niet klaar'', zo sprak De Bruijn zichzelf gisteravond moed in met het oog op de haar resterende 100 (donderdag) en 50 (zaterdag) vrij.