Nederlands imago

De afgelopen dagen heb ik niets anders gedaan dan buitenlanders tegenspreken. Ik maak me vaak zorgen om niets, maar de vooroordelen die buitenlanders tegenwoordig over Nederland koesteren, vind ik langzamerhand alarmerend worden.

Het waren niet zomaar buitenlanders, het waren gestudeerde Indiase buitenlanders, een journaliste, een grafisch ontwerper en een uitgever die in Bombay ook een boekhandeltje drijft.

Die uitgever vond ik de ergste, hij dacht bijvoorbeeld dat pedofilie in Nederland een nationaal probleem is. Ik moest hem corrigeren door het verschil tussen België en Nederland uit te leggen, Indiërs hebben de neiging om in grote eenheden te denken. Ze denken bijvoorbeeld dat Europa echt bestaat, als unie, maar ik deel die mening niet.

Een ander vooroordeel was dat Nederlanders zuinig en sober van aard zijn. Ook die mening deel ik niet. We zaten op een warme dag op een druk terras in Amsterdam. Kijk naar de drukte, en kijk naar de prijzen die de uitbaters voor een glaasje wijn rekenen. Wat mij vooral ergerde, was dat mijn Indiase gasten ervan uitgingen dat ik alle rekeningen betaalde. Als ik in India ben, hoef ik zelf ook nooit iets te betalen, maar India is goedkoper. De neiging van Nederlanders om ieder zijn eigen drankje te laten betalen, vind ik heel goed, zeker met de huidige prijzen.

De strippenkaart, dat vonden ze ook al zo'n onbegrijpelijk idee. Wat is er nou onbegrijpelijk aan, vroeg ik. Je verdeelt het hele land in zones waardoor dezelfde kaart overal gebruikt kan worden. Maar waarom nou het aantal zones plus één strip, wilden ze weten. Hier heb ik voor gestudeerd, dit kon ik uitleggen: op deze manier worden korte ritten relatief duurder dan lange ritten, wat te maken heeft met de afhandelingskosten, het laten stoppen van de bus of tram, het controleren van het kaartje enzovoort.

Of alle Nederlanders dat begrepen, vroegen ze. Ik dacht van niet, maar Nederlanders leggen zich makkelijk neer bij dit soort dingen, omdat ze erop vertrouwen dat ambtenaren weten wat ze doen. Om dat laatste moesten de Indiërs hartelijk lachen.

Ook homoseksualiteit en euthanasie passeerden de revue, met de gebruikelijke misverstanden. Ouderen en zieken worden hier niet bij bosjes afgemaakt en niet alle Nederlanders accepteren homohuwelijken. De 10 procent moslims in Nederland bijvoorbeeld willen er niets van weten.

En zo kwamen we op al die andere vooroordelen die in het buitenland over Nederland bestaan. Dat de Nederlanders intolerant zijn, dat ze alle kleurlingen discrimineren, dat ze het strengste land van Europa zijn als het gaat om buitenlanders in het algemeen, dat Schiphol de ergste luchthaven ter wereld is.

Hoe heeft Nederland dit allemaal klaargespeeld? Nog maar vijf jaren geleden dacht de wereld dat Nederlanders juist zo aardig waren tegen buitenlanders, en nu ineens is het precies omgekeerd? Waar hebben we dat aan te danken, aan Pim Fortuyn alleen? Aan slechte public relations in de wereld? Of zouden Nederlanders werkelijk overnight zijn veranderd?

Van dat laatste wil ik niets geloven.

Samenlevingen veranderen niet zo radicaal, ik denk dat zowel het imago van tolerantie als dat van intolerantie op misvattingen berust. Maar ik moest wel hard werken om mijn Indiase buitenlanders te corrigeren. Zo hard, dat ik het zelf niet meer geloofde en mezelf zag belanden in een sfeer van parodie, cynisme en grappenmakerij.

Van discriminatie en zeker van openlijke discriminatie is geen sprake, daar kon ik kort over zijn. De kleurlingen in Nederland zijn net zo min lieverdjes als de blanken in Nederland, er is een grondwet en al heeft bijna niemand die gelezen, iedereen is zich min of meer bewust van de inhoud. Je kunt in een beschaafde samenleving geen lieden hebben die oproepen homo's van daken te gooien of meisjes te besnijden. Oké, er wordt misschien disproportioneel over geklaagd, alsof er al een homo van het dak is gegooid, maar je kunt er beter wel over klagen dan wachten tot het een keer gebeurt.

Dat verhaal over Schiphol, daar kon ik minder snel iets tegen inbrengen. Het artikel in NRC Handelsblad `Drie keer schoon produceren en dan naar huis', waarin verslag werd gedaan van bolletjesslikkers uit Suriname en de Antillen die zich drie keer moeten ontlasten voordat ze de luchthaven uit mogen, is aardig snel over de wereld gegaan.

Ik probeerde uit te leggen wat risicovluchten zijn en ik probeerde duidelijk te maken dat ze hier juist zo streng reageren op de smokkel van harddrugs, omdat ze zo mild reageren op softdrugs. Dat is toch geen onbegrijpelijke logica?

Ja, maar drie keer schoon moeten produceren, omdat je toevallig op een bepaalde vlucht zit, dat had al flink wat schade aangericht.

Verliezen van mijn buitenlandse ondervragers deed ik pas, toen een van hen mij vroeg wat ik vond van de Go Home Bonus, zoals buitenlandse bladen waaronder The Washington Post onze vertrekpremie van 2.300 euro aan asielzoekers hebben gedoopt. Wat kon ik anders dan overmand worden door cynisme van de meest verkeerde soort?

Toch deed ik een manmoedige poging. Die 2.300 euro per persoon is bedoeld tegen het bijten. De Nederlandse marechaussee is maar voor één ding bang, en dat is voor asielzoekers die tijdens hun gedwongen uitzetting gaan bijten. Aids, dat gevaar spreekt voor zich. Toen heeft men eerst geprobeerd die illegale buitenlanders dicht te plakken met tape. Dat ging een keer niet goed, de man stikte bijna en raakte in een coma. Daarop werd een commissie ingesteld om te onderzoeken hoe het bijten dan wel kon worden voorkomen. Deze commissie kwam met een muilkorf voor mensen, effectief, maar niet fraai om te zien. Vandaar nu die bonus: als u belooft ons niet te bijten, krijgt u 2.300 euro van ons.

Mijn buitenlanders keken me aan alsof ik helemaal gek was geworden, wat ook wel het geval was. Ben ik de enige die gek wordt van ons imago in het buitenland? Dat zou dan echt verontrustend zijn.

ramdas@nrc.nl