Japan worstelt met verleden én toekomst

Ook gisteren, bij de herdenking van de oorlogsdoden, lieten Japanse conservatieven van zich spreken. `We moeten moraal onderwijzen.'

,,Als jongere vroeg ik me af: waarom houd ik eigenlijk niet van Japan?'', zegt het 59-jarige parlementslid Kyoko Nishikawa op het plein bij de Yasukuni Tempel in Tokio, waar de oorlogsdoden worden herdacht. ,,Ik realiseerde me toen dat ik een kind ben van het naoorlogse onderwijs. We moeten het geschiedenisonderwijs hervormen en moraal onderwijzen.''

De Yasukuni Tempel is op 15 augustus het brandpunt van de ideologische strijd die nog steeds woedt om Japans verleden, en in het verlengde daarvan, om Japans toekomst.

Nishikawa, van de regerende Liberaal Democratische Partij, sprak gisteren tijdens een herdenking die de invloedrijke organisatie Nippon Kaigi jaarlijks op het voorplein organiseert. De bezoekers haalden fel uit naar iedereen die zich negatief uitlaat over de Japanse geschiedenis. Zelfs premier Junichiro Koizumi, die de tempel vier keer als premier heeft bezocht, kreeg kritiek omdat hij niet op 15 augustus durft te komen. Vier ministers waren er gisteren wel.

Kritiek op de omstreden bijeenkomst wordt weerlegd met het argument dat de tempel simpelweg dient om eer te betonen aan gevallen soldaten, zoals in elk land gebeurt. De tempel is in de negentiende eeuw opgericht ,,in opdracht van Keizer Meiji'', zegt woordvoerder Takao Ina van de landelijke federatie van tempels, Jinja Honcho, medeorganisator van de herdenking. ,,Soldaten zeiden vroeger tegen elkaar: we zien elkaar weer in Yasukuni. Dan kunnen we nu toch niet zomaar Yasukuni in de steek laten?''

Maar Yasukuni is meer. De tempel beheert ook een onlangs geheel vernieuwd oorlogsmuseum. De visie die hier wordt gegeven, is simpel: Japan moderniseerde zich om het opdringende Westen te weerstaan en dit bracht oorlogen met zich mee. Niet omdat Japan het wilde, maar omdat deze werden opgedrongen. De oorlog met de geallieerden was uitgelokt door de Amerikanen om Japan een lesje te leren.

,,Wat moeten wij leren van 15 augustus 1945?'', vroeg de conservatieve krant Sankei Shinbun zich gisteren af. ,,Het lijkt erop dat we eindelijk als volk overeenstemming kunnen bereiken over het antwoord op deze vraag'', vervolgde de krant hoopvol.

Maar de vraag bleek niet gericht op de betekenis van de oorlog zelf. De Sankei had het over het Japan van ná 1945, het land met een grondwet waarin staat dat het geen oorlog zal voeren. Dat was gebaseerd op ,,leeghoofdig idealisme'', aldus de krant, en eindelijk is de tijd daar dat ,,herziening van de grondwet een concreet stadium bereikt''. De Sankei refereerde aan de discussie over aanpassing van de grondwet om het leger meer armslag te geven in internationale vredesoperaties, zoals die in Irak.

Maar waar de krant groeiende consensus ziet, zetten andere kranten juist vraagtekens. Zo vraagt de Mainichi zich af ,,wanneer, en door wie er eigenlijk overeenstemming is bereikt dat Japan een actieve rol gaat spelen in het streven naar wereldvrede''. De krant betwijfelt de grondwettelijkheid van uitzending van troepen naar Irak en roept op tot een discussie over de fundamenten van de Japanse samenleving.

Verrassend genoeg kwam de scherpste kritiek op de huidige regering én die in oorlogstijd van de zakenkrant Nihon Keizai Shinbun. Volgens deze krant werden Japanse soldaten naar de slachtbank gevoerd door ,,leiderschap zonder visie, zonder capaciteiten'', met name in het regeringscentrum Tokio. ,,Kunnen we stellen dat dit Japan nu slechts een fenomeen uit het verleden is?'', vraagt de krant zich vervolgens af. De conclusie luidt: ,,Er is niets veranderd.''

Het is dergelijke kritiek waarop conservatief Japan het antwoord schuldig blijft. ,,Men kan zeggen dat Hideki Tojo [premier ten tijde van de oorlogsverklaring aan de VS] Japan veel schade heeft bezorgd'', zegt woordvoerder Ina van Jinja Honcho, ,,maar dat neemt niet weg dat hij zich meende in te zetten voor Japan.''

Hij vertegenwoordigt de conservatieve visie dat de oorlog de schuld was van tegenstanders. De conservatieven vereren de doden, maar vragen zich niet af of hun dood noodzakelijk was. Het antwoord op de vraag of Japan geen andere keuzes had kunnen maken, wordt beantwoord in een video van de Yasukuni Tempel: `Niet vechten staat gelijk met verliezen, dan beter strijdend ten onder'.

Ook de vraag wat voor samenleving men eigenlijk nastreeft blijft aan conservatieve kant onbeantwoord. Men wil meer nationale trots en volgzaamheid van jongeren. Zo voert de conservatieve gouverneur van Tokio, Shintaro Ishihara, strijd om alle scholen te verplichten vlag en volkslied te gebruiken bij eindexamenuitreikingen. Maar trots op wat voor Japan en volgzaamheid ten aanzien van wat voor soort regering?

Yuko Nakai is een jonge, moderne vrouw die elk jaar Yasukuni aandoet ter herinnering aan haar in de oorlog gesneuvelde oom. Ze heeft geen enkele boodschap aan de conservatieve activisten bij de tempel. Ze ziet slechts grote onduidelijkheid over de toekomst van Japan. ,,Het is zelfs onduidelijk welke keuze we hebben'', zegt ze. Een terugkeer naar de vooroorlogse autoritaire samenleving kan ze zich niet voorstellen. ,,We zijn gewend aan vrijheid'', zegt ze resoluut. Later aarzelt ze toch. Recente ontwikkelingen als het uitzenden van het leger ,,hebben zonder discussie plaats gehad'', zegt ze.