Ingehouden vertolkingen Adès in `Kathedraal'

Over de toekomst van de monumentale `Kathedraal van Kootwijk', het voormalige zendstation Radio Kootwijk, moet nog worden beslist. Veertig organisaties, instellingen en bedrijven hebben belangstelling voor de in totaal vijftien gebouwen. Daaronder is het nabijgelegen museum Kröller-Müller op de Hoge Veluwe, dat een dependance wil vestigen in het zendergebouw met zijn hoge toren en de ruime zenderzaal, het `schip' van de `Kathedraal'.

Daar, midden tussen de onafzienbare bossen, werd zaterdag voor het eerst in de historie van de `Kathedraal', in de vroege jaren '20 gebouwd door architect Luthman, een concert gegeven. De Engelse dirigent en componist Thomas Adès leidde het Nationaal Jeugd Orkest in werk van hemzelf en van Tsjaikovski. De Veluwe heeft de afgelopen tachtig jaar aan het telegraaf- en radioverkeer in ieder geval een prima concertzaal opgeofferd, de akoestiek voldeed ruimschoots.

De componist Thomas Adès, die dit weekeinde zijn Nederlandse dirigeerdebuut maakte, is een dirigent in de traditie van Strawinsky, Hindemith, Maderna, Boulez en Berio. Als componist zien zij in partituren van henzelf en van anderen vaak iets anders dan de reguliere dirigenten. Adès' grote orkestwerk Asyla (1997) kreeg een geautoriseerde uitvoering die volledig paste in het idee van een `lokatieconcert' op de plaats waar vroeger de verbindingen met Nederlands-Indië werden onderhouden.

Asyla, in januari nog op het programma bij het Concertgebouworkest, leek hier vooral herinneringen op te halen aan het verleden van Kootwijk met referenties aan gamelanklanken, het geruis en gedruis van de ether en de elektronica met hun piep-piep-knor. Het stuk met zijn vele contrasten tussen hoog en laag, tussen exotiek en westers, tussen traditie en heden, kreeg in het tweede en het vierde deel een goeddeels lyrische en introspectieve uitvoering.

In het derde deel klonken de dreunende ritmische verwijzingen naar Strawinsky's Le sacre du printemps ingehouden, het zou ook veel orgiastischer kunnen. En ook waar Adès verwijst naar extatische techno-muziek hoorde hier men slechts zeer verre echo's van de Dance Parade, die zaterdagmiddag in Rotterdam plaatsvond.

Ook Tsjaikovski's Zesde symfonie `Pathétique' klonk in de versie van Adès anders dan men zou verwachten. Deze `Pathétique' was niet gebruikelijk breed uitgemeten laat-romantische en Mahleriaanse ego-document dat na de onomkeerbaar vertwijfelde wanhoop leidt tot de catastrofe van de dood. Aan de oppervlakte klonk deze geabstraheerde Tsjaikovski soms licht en vlak, maar het raffinement van Adès' interpretatie lag dieper. Hier hoorde men geen zwaar aangezette pathetiek maar vooral enige weemoed, wat treurnis en subtiele onderhuidse spanningen. Het einde kwam bijna terloops en leek op het eerste gehoor niet eens fataal.

Concert: Nationaal Jeugd Orkest o.l.v. Thomas Adès. Gehoord: 14/8 Radio Kootwijk. Herh.: 16/8 Concertgebouw Amsterdam. Res: (020) 6718345