De ijzeren dame lacht altijd

Ze heeft veel `tegen': ze is te mooi, te rijk, te intelligent, te competent en te rechts. Maar Gianna Angelopoulos-Daskalaki haalde de Spelen naar Athene en is voorzitter van het organiserend comité. ,,Ze kan president van Griekenland worden.''

Het zal het best bewaarde geheim van deze Spelen blijven: hoe vaak heeft Athoc-voorzitster Gianna Angelopoulos-Daskalaki de afgelopen jaren gesméékt om koude compressen teneinde niet gek te worden van de druk die op haar schouders lag om alles op tijd klaar te krijgen? Zelf zal `Mrs. A', zoals ze gemakshalve wordt genoemd, bij hoog en bij laag ontkennen dat ze momenten van nakende gekte heeft gekend. Tegen iedereen die het horen wil zegt ze altijd geloofd te hebben dat Athene op 13 augustus 2004 klaar zou zijn voor de Spelen.

En op de vraag van een journalist van Die Welt hoe zij terugblikt op de alom tegenwoordige scepsis in het buitenland over de Griekse stuurmanskunst in de aanloop naar de Spelen, zei ze: ,,De wereld kent een lange traditie in het onderschatten van Griekenland. Nu geven wij het antwoord.''

Ze straalt iets ongenaakbaars uit, deze 49-jarige voorzitster van het Griekse organisatiecomité Athoc. Sommigen noemen haar een ijzeren dame, die zetelt op de Olympus. Bij de man in de straat is ze niet echt geliefd, hoewel er wel bewondering klinkt over wat zij voor elkaar heeft gekregen. Maar op de vraag wat ze hierna zou moeten gaan doen, antwoordt een jonge Atheense vrouw: ,,Ze kan president van Griekenland worden. Die heeft zelden wat te doen.''

Maar niets of weinig doen ligt niet in haar aard. Ze is geboren in Heraklion, maar verruilde Kreta voor Thessaloniki om daar aan de Universiteit van Aristoteles rechten te studeren. Na haar studie ging ze de politiek in en zat eerst in de gemeenteraad van Athene en later voor de Nieuwe Democraten, de aartsvijanden van de socialistische partij Pasok, in het parlement. Na haar huwelijk met de puissant rijke zakenman Theodoros Angelopoulos, in 1990, zei ze de politiek vaarwel en kreeg drie kinderen, twee zoons en een dochter.

In 1996 werd ze benoemd tot voorzitter van het comité dat de Spelen naar Athene moest zien te krijgen. Hoewel dat haar een jaar later lukte, werd ze door de regerende Pasok op een zijspoor gemanoeuvreerd en koos ze domicilie in de Londense wijk Chelsea. Vandaaruit moet ze welhaast tandenknarsend naar haar land gekeken hebben. Ze mag nu dan wel zeggen: ,,Wij Grieken doen de dingen op het laatste moment'', maar zij moet, net als ieder weldenkend mens, geweten hebben dat dat niet had gehoeven.

Een verstikkende bureaucratische rompslomp, aannemers van wie niet altijd gezegd kon worden dat zij van onbesproken gedrag waren en vriendjespolitiek (opdrachten werden gegund aan relaties) waren er de oorzaak van dat tot 2000 weinig tot niets tot stand werd gebracht.

Voor het IOC was de Griekse chaos niet langer acceptabel. De Griekse regering werd onder zware druk gezet om Mrs. A. in ere te herstellen, aan welke eis de socialisten, op hun beurt tandenknarsend, gehoor gaven. Ze kwam, zag en nam de teugels in handen – om ze geen moment meer los te laten. Aan haar de taak om een project waar zeven jaar voor was uitgetrokken, in vier jaar te voltooien. Zelf zei ze gisteren in de Duitse krant Welt am Sonntag: ,,Ik heb alleen maar gecoördineerd. Talenten onderkend en op goede plaatsen ingezet. Ik voelde mij vaak een pionier: ik maak de weg vrij, en dan kunnen we verder. Maar ik ben natuurlijk niet alleen.''

De weg was bloederig en kostbaar. Er rolden koppen, niet ter zake doende functies werden opgeven, ze riep incompetentie en inefficiëntie een halt toe als in een ware Griekse tragedie vloeide `het bloed' in golven van de Akropolis naar beneden.

Een markant voorbeeld was het prestigieuze project om de klassieke weg van Marathon naar Athene te renoveren. Dit project bleek gegund te zijn aan een aannemer die, zo stond te lezen in de Griekse pers, ternauwernood het niveau van het bouwen van tuinschuurtjes ontsteeg. Halverwege de rit kon de aannemer zijn arbeiders niet meer betalen, hij ging failliet en het werk lag stil. Onder de verantwoordelijkheid van Mrs. A. werden nieuwe aannemers gecontracteerd die tegen aanzienlijke meerkosten de weg op het nippertje hebben opgeleverd. Overigens in perfecte staat.

In onder meer de Griekse pers viel haar aanpak niet altijd even goed. Zo werd haar idee om duizenden vrijwilligers tijdens de Spelen in te zetten met homerisch gelach ontvangen. De Griekse krant Athens News schreef bijvoorbeeld dat volgens `Griekenland experts' de Grieken geen enkele ervaring hadden met vrijwilligerswerk en dat het hun in deze ook aan de juiste mentaliteit ontbrak. Grieken, zo werd gezegd, hebben altijd de neiging om te klagen over de tekortkomingen van de overheid in plaats van zelf hun vuilnis op te ruimen en hun eigen straatje schoon te vegen.

Zes maanden voor de Spelen was het haar beurt om te lachen: voor de 60.000 vrijwilligersplaatsen had Athoc 142.000 aanmeldingen binnen. De ervaring leert dat het stuk voor stuk aardige, behulpzame (jonge) mannen en vrouwen zijn zonder wier hulp menig bezoeker het spoor in Athene bijster zou raken.

Dat Mrs. A. in al die jaren niet zelf het spoor bijster is geraakt, mag een mirakel heten. Net zoals haar vermogen om (latente?) twijfels bij IOC-voorzitter Jacques Rogge of IOC-official Denis Oswald weg te nemen tijdens hun regelmatige bezoeken aan Athene. Geruchten als zou in de burelen van het IOC met deuren zijn geslagen en als zou zij, na een zeer kritisch gesprek met het IOC over de trage vorderingen, het gebouw woedend hebben verlaten, weerspreekt ze tot op de dag van vandaag. ,,Er is nooit met deuren gesmeten'', zei ze gisteren in Welt Am Sonntag. En tijdens een ontmoeting met journalisten op 9 augustus weersprak ze ook geruchten als zou ze binnenskamers meermalen met opstappen hebben gedreigd: ,,Er zijn verschillende manieren om een klus te klaren, ik gebruikte ze bijna allemaal'', tekende The New York Times uit haar mond op. Op de vraag van de journalist of dat betekende dat ze wel degelijk ook het dreigen met opstappen als middel had gebruikt om dingen voor elkaar te krijgen, antwoordde ze afgemeten: ,,Ik heb uw vraag beantwoord.''

Op foto's lacht ze vrijwel altijd, maar ze staat niet als een echt lachebekje bekend. Toch moet ze tijdens haar Engelse jaren iets van de Engelse humor hebben opgestoken, getuige het mopje dat ze tijdens de perslunch op 9 augustus vertelde: ,,Een man vraagt wanneer de openingsceremonie is. Zijn vriend zegt: 13 augustus. Zegt de eerste man: dat is wel heel erg krap en vraagt of de opening in de ochtend of 's avonds plaatsheeft. Zijn vriend antwoordt: 's avonds. Waarop de eerste man zegt: oh, dan halen we het wel.''

Ze geeft zelden of nooit interviews, op haar persconferenties leest ze statements voor om daarna weer snel te verdwijnen. Volgens een Fransman die al dertig jaar in Athene woont, is dit gedrag goed te verklaren. Zij moet opereren in een tot op het bot verpolitiekte omgeving zodat zij wel op haar woorden moet passen. Op honderd toehoorders zijn er altijd vijftig die haar beentje willen lichten. Ze heeft ook veel `tegen': ze is te mooi, te rijk, te intelligent, te competent en te rechts.

Het gevecht om enerzijds de vraag aan wie het succes van de Spelen te danken is en anderzijds de schuldvraag wie aansprakelijk is voor de torenhoge budgetoverschrijdingen – voor sommige projecten bedragen die dertig tot veertig procent – is nu al losgebarsten. De socialisten, niet gehinderd door een goed geheugen, blazen hoog van de toren en eisen het succes op. De Nieuwe Democraten, sinds maart aan het bewind, wijzen daarentegen op de exorbitante kosten en op het feit dat ze de afgelopen maanden ternauwernood aan regeren zijn toegekomen omdat de Spelen ieders aandacht opeisten.

Sinds vorige week is er nog een punt van discussie bijgekomen: wat te doen met olympische accommodaties wanneer de Spelen straks voorbij zijn. En wie draait op voor het onderhoud? Want behalve het olympisch dorp, dat bestemd is voor sociale bewoning, ligt voor geen enkel project een solide plan klaar hoe men het straks gaat gebruiken respectievelijk onderhouden.

Maar één ding staat nu al vast: zonder de doortastendheid van Gianna Angelopoulos-Daskalaki waren de Spelen op 13 augustus om kwart voor negen plaatselijke tijd niet `thuisgekomen'. Als fervent liefhebster van een goede sigaar had Daskalaki alle reden er één op te steken.