Strijders in Hilla slaags met Polen

Een groep van ongeveer twintig Poolse soldaten heeft de afgelopen nacht moeten doorbrengen in het politiebureau van de Iraakse stad Hilla, waar ze werd omsingeld door honderden aanhangers van de radicale shi'itische leider Muqtada al-Sadr.

Een woordvoerder van de Poolse legermacht in Irak zei gisteravond dat met de shi'itische strijders wordt onderhandeld, maar waarschuwde ook dat de militairen tegen de ochtend desnoods met geweld zouden worden ontzet.

De Polen waren gisteren in Hilla, halverwege de hoofdstad Bagdad en de heilige stad Najaf, betrokken bij gevechten tussen aanhangers van Al-Sadr en de Iraakse politie. Volgens de Poolse legerwoordvoerder werden daarbij tussen de 30 en 40 rebellen gedood, alsmede drie politiemannen. Hij zei dat de militairen de Iraakse politie te hulp kwamen toen het politiebureau werd omsingeld.

De oproep uit Najaf van Al-Sadr tot steun kreeg ook gisteren weerklank. In verscheidene steden gingen opnieuw mensen de straat op om te protesteren tegen de Amerikaanse aanwezigheid in Irak en tegen de interimregering. Dat gebeurde in de hoofdstad Bagdad bij de Amerikaanse ambassade en bij het regeringsgebouw, en ook in onder andere Samawa, Kirkul, Kerbala en Falluja. In Bagdad deden ook politieagenten mee. Verder werd in buurland Iran op straat solidariteit betuigd met de shi'itische strijd van Al-Sadr.

Gisteren bestookten Amerikaanse vliegtuigen voor de tweede achtereenvolgende dag doelen in Falluja. Grote delen van de stad zijn in handen van sunnitische milities.

De Britse journalist die in de nacht van donderdag op vrijdag met harde hand werd ontvoerd uit een hotel in Basra, is gisteren weer vrijgelaten, volgens hem met dank aan Al-Sadr. De leider had de ontvoerders opgeroepen hun slachtoffer onmiddellijk te laten gaan.

De bedoeling is dat morgen in Bagdad een al eerder uitgestelde nationale conferentie begint, waarop de uiteenlopende groeperingen in Irak een honderd leden tellend parlement gaan samenstellen. Of die bijeenkomst door kan gaan, gezien de huidige crisis die de regering onder grote druk zet, is onduidelijk. Gisteren arriveerde in ieder geval al de speciale gezant van de Verenigde Naties, Ashraf Jehangir Qazi, in de Iraakse hoofdstad. Hij sprak met president Ghazi al-Yawar en met premier Iyad Allawi, en daarbij riep hij op tot een vreedzame oplossing van het conflict in Najaf. Zijn baas, secretaris-generaal Kofi Annan, liet weten ,,uiterst bedroefd'' te zijn door het geweld, en riep ,,alle'' partijen op maximale terughoudendheid te betrachten.