`Ik speel niet met schedels'

Forensisch antropoloog Baraybar verzamelde stukjes bot van slachtoffers van de oorlog in Bosnië en Kosovo. ,,Aan wie moet je toestemming vragen als de identiteit niet vaststaat?''

Bijna het eerste wat José Pablo Baraybar zegt, door de telefoon vanuit Kosovo, is: ,,Ik ben Mengele niet. Ik speel niet met schedels, ik doe geen rare experimenten.'' De Peruaanse forensisch antropoloog verzamelde, toen hij in Bosnië en Kosovo voor het Joegoslavië-tribunaal werkte, stukjes bot van oorlogsslachtoffers voor wetenschappelijk onderzoek. Met die verzameling zou een standaard voor leeftijdsbepaling moeten worden opgesteld die specifiek is voor de bevolking op de Balkan.

Baraybar is nu hoofd van het VN-kantoor voor vermiste personen in Kosovo. Eerst wilde hij wél geïnterviewd worden over zijn onderzoek, later opeens niet. Hij vroeg een vragenlijst per e-mail en die zou hij per e-mail beantwoorden. Als hij de vragen heeft gezien, gaat hij toch praten. ,,U hebt het steeds over míjn onderzoeksproject en míjn verzameling. Dat klopt niet. Ik was werknemer van het tribunaal en nu niet meer. Het is de verzameling van het tribunaal, het is het project van het tribunaal en van de universiteit in Tennessee.''

Wie heeft het onderzoeksvoorstel geschreven voor het tribunaal?

,,Ik.''

U coördineerde ook de activiteiten die tot de verzameling hebben geleid?

,,Ja.''

En u hebt contact gelegd met de universiteit van Tennessee waardoor er onderzoek kon worden gedaan met de gegevens?

,,Ja, en het is extreem belangrijk dat dit gebeurt. Tijdens het proces tegen de Bosnisch-Servische generaal Krstic vroeg de verdediging hoe de leeftijd van de slachtoffers was vastgesteld. Of de aanklagers het Joegoslavische model hadden gebruikt. Nee natuurlijk, want dat is er niet. Er is alleen de Amerikaanse standaard en die kun je niet toepassen op Bosniërs. Hoe kun je dan zeggen of een slachtoffer de leeftijd had om te vechten of niet? Mijn onderzoek is deel van de bewijsvoering. Als je de leeftijd niet goed hebt, kun je ook de identiteit niet vaststellen. Al mijn inspanningen zijn erop gericht het lot van slachtoffers op te helderen. Maar ik word door mijn collega's door het slijk gehaald.''

Omdat u geen toestemming hebt gevraagd aan nabestaanden van de slachtoffers van wie bot-monsters zijn genomen.

,,Als er strafrechtelijk onderzoek wordt gedaan, berust de autoriteit over het lichaam bij de aanklager. Het lichaam is bewijsmateriaal, hun leeftijd ook. Dit onderzoek is niet zomaar wetenschap om de wetenschap. Het is wetenschap in dienst van de rechtvaardigheid.''

U had op z'n minst aan nabestaanden, of aan organisaties van nabestaanden, kunnen uitleggen wat het doel ervan was.

,,Een autopsie is heel ingrijpend en schokkend. Dat is nauwelijks uit te leggen in simpele termen. Het zou voor nabestaanden moeilijk zijn het te verdragen als je dat probeert. We moeten vermijden dat ze onnodig lijden. Ik was ook geen hoofden aan het verzamelen, of benen. Het waren stukjes van één of twee centimeter.''

U zegt dat uw onderzoek de rechtvaardigheid dient. Dát is toch wel aan nabestaanden uit te leggen?

,,Misschien hebt u gelijk. Misschien kunnen we die les ervan leren. Maar ik zeg niet dat ik het fout heb gedaan. Ik heb ook geen spijt. Achteraf kun je altijd zeggen dat dingen beter hadden gekund. Het hangt af van de omstandigheden. Bovendien stond de identiteit lang niet altijd vast. Aan wie moet je dan toestemming vragen? En hoe weet je of een organisatie deze slachtoffers vertegenwoordigt?''

Volgens collega's had u voor dit onderzoek ook gipsafdrukken kunnen nemen van de stukjes bot, of foto's.

,,Dat kost veel tijd en het is ingewikkeld. Je moet de botten schoonmaken, koken, het oppervlak moet glad zijn voor een afdruk. Voor foto's heb je speciaal licht nodig, en het is moeilijk om van driedimensionale voorwerpen foto's te maken.''