Doden door vogelpest in Vietnam

In Vietnam zijn begin deze maand twee kinderen en een volwassene aan vogelpest gestorven. Dat heeft de Vietnamese regering gemeld; het nieuws is door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) bevestigd.

De slachtoffers waren familie van elkaar en woonden in een gebied waar de vogelpest heerste. Ze kregen hoge koorts, hoestaanvallen, bloedingen en stierven binnen drie dagen.

Hiermee is duidelijk geworden dat de grote vogelpestepidemie die in de eerste maanden van 2004 in het zuidoosten van Azië woedde opnieuw de kop heeft opgestoken en weer slachtoffers onder mensen maakt. De WHO waarschuwt dat deze direct van vogels op mensen overspringende influenzavirussen na verdere mutaties een wereldwijde griepepidemie kunnen veroorzaken.

De ziekte wordt veroorzaakt door een influenza A virus van het type H5N1. In de eerste maanden van 2004 woedde de epidemie in heel Zuidoost-Azië. Er zijn toen naar schatting honderd miljoen kippen, eenden en ganzen aan het virus gestorven of afgemaakt om verdere verspreiding van de ziekte te voorkomen. De schade voor de pluimvee-export uit Aziatische landen liep op tot boven een miljard dollar.

Het virus besmette begin dit jaar minstens 34 mensen, van wie er 24 overleden. In Vietnam overleden zestien mensen aan het H5N1-virus, in Thailand acht. Eind maart leek de epidemie onder controle.

De vogelpest is nu op verschillende plaatsen in Zuidoost-Azië opnieuw uitgebroken:in Vietnam, Thailand, China en Indonesië. Er is geen sprake van één besmettingsbron die zich verspreidt, maar er waren verschillende haarden. Dat betekent dat het H5N1-virus waarschijnlijk steeds aanwezig is gebleven en zich inmiddels voorgoed in pluimveepopulaties heeft gevestigd. Impliciet zegt de Wereldgezondheidsorganistatie dat de vorige epidemie niet goed bestreden is en dat de ziekte weer eenvoudig de kop opsteekt nu de geruimde pluimveebedrijven opnieuw worden bevolkt.

De Aziatische landen hebben verschillende strategieën gevolgd bij de bestrijding van de uitbraak. China en Indonesië hebben vaccinatie van pluimvee gepropageerd. Het voordeel van vaccinatie is dat de voedselvoorziening geen gevaar loopt en dat de economische schade beperkt blijft doordat de dieren voor consumptie door de lokale bevolking geschikt blijven. Het grote nadeel van vaccinatie is dat milde varianten van het virus waarschijnlijk in het pluimvee aanwezig blijven en opnieuw naar besmettelijke en ziekmakende varianten kunnen muteren.

Landen als Thailand en Vietnam probeerden de epidemie te bestrijden door besmet en bedreigd pluimvee te doden en vernietigen. In Thailand is vaccinatie verboden. Thailand is een belangrijk pluimvee-exporteur naar de Verenigde Staten en Europa. Die landen staan de import van gevaccineerde slachtkuikens niet toe.

Andere vormen van vogelpest hebben begin deze maand de kop opgestoken in Hongkong en Zuid-Afrika.

In Hongkong maken de gezondheidsautoriteiten zich ongerust over een uitbraak van een influenza A H9N2-virus. Het is vastgesteld in vogels op lokale pluimveemarkten. De stam kan ook varkens infecteren en besmette in 1999 drie mensen in Hongkong.

In Zuid-Afrika zijn op twee bedrijven 6.000 met H5N2 besmette struisvogels afgemaakt. Die H5N2-stam heeft tot nu toe nooit mensen besmet, maar Zuid-Afrika vreest voor zijn exportpositie.