BMW's en Chinese gerechtigheid

Op de meeste plaatsen staat `BMW' voor luxe en exclusiviteit. Maar in China is het merk ongewild verstrikt geraakt in verhalen die tekenend zijn voor de machteloosheid van de gewone Chinees tegenover macht en corruptie.

Het eerste schandaal voltrok zich verleden jaar, nadat een tractor met bosuien in Harbin de zijkant van een BMW had geschampt. De bestuurders van de tractor en de zilvergrijze slee waren allebei 45-jarige vrouwen, maar daarmee hield elke vergelijking tussen hen ook op: de ene was een boerin, de andere de vrouw van een rijke zakenman. Na een woordenwisseling tussen de twee reed de rijke vrouw met haar BMW in op de groeiende drom toeschouwers aan de kant van de weg, waarbij de boerin om het leven kwam en twaalf anderen gewond raakten.

De zaak kwam voor de plaatselijke rechter, die er een `ongelukkige verkeersovertreding' in zag en de bestuurster tot twee jaar voorwaardelijk veroordeelde. Het vonnis leidde tot geruchten dat de rechter haar had gespaard, omdat haar man banden onderhield met hoge provinciale functionarissen. Het werd algauw een verhaal van `rijk tegen arm', alom aangehaald als voorbeeld van corruptie op hoog niveau.

In de maanden erna gingen de kranten en televisiezenders met het verhaal aan de haal en groeide het uit tot een nationale obsessie. Geschrokken van de publieke reactie gaf de justitie in Harbin opdracht de zaak te heropenen, maar afgelopen maart werd de voorwaardelijke straf ook in tweede instantie bevestigd. Het grote BMW-verhaal van eind 2003 werd nog eens dunnetjes overgedaan, maar verdween toen voorgoed in de vergetelheid.

Diezelfde maand was er een loterijschandaal, dat het merk BMW nogmaals in de schijnwerpers bracht. Loterijmedewerkers in de provincie Shanxi wezen een winnend lot af als een `vervalsing' en onthielden de bezitter, een 17-jarige veiligheidsbeambte Liu Liang, de hoofdprijs van een BMW en een geldbedrag in contanten.

Liu werd zo boos over de beschuldiging van fraude en de misgelopen auto dat hij op een hoog reclamebord klom en ten bewijze van zijn onschuld dreigde te springen. Maar het verhaal was nog niet afgelopen toen de politie hem naar beneden had weten te praten. Hij bleef in het nieuws met zijn hardnekkige ontkenning dat hij dat lot zou hebben vervalst, terwijl het loterijkantoor volhield dat de afwijzing terecht was.

Ten slotte bemoeide de politie zich ermee en werd na een zorgvuldig onderzoek bekendgemaakt dat de ware schuldige was gevonden: Yang Yongming, een particuliere ondernemer aan wie het plaatselijke loterijkantoor de organisatie van de lotenverkoop had uitbesteed. Yang had onder één hoedje gespeeld met de ambtenaren die over de loterij gingen en die werden gearresteerd wegens fraude om de hoogste prijzen te bemachtigen. In juni kreeg Liu Liang eindelijk wat hij verdiende, een vierdeurs BMW-325i en een welgemeend excuus van het loterijkantoor.

Was het eerste schandaal een tragedie, het tweede had meer weg van een klucht. Maar ze bieden allebei een aanknopingspunt voor een inzicht in de hedendaagse Chinese psychologie. De ophef na de eerste BMW-zaak ging niet zozeer om de lichte straf die een rijke vrouw kreeg, als wel om het gebrek aan vertrouwen dat het gewone volk heeft in het Chinese rechtsstelsel. In China gaan macht, geld en relaties boven de wet. Ook al stappen ze steeds vaker naar de rechter, veel Chinezen hebben er geen vertrouwen in dat ze hun recht tegen de machtigen kunnen halen. De apathische reactie van de man van de dode boerin op de 8.000 (circa 800 euro) die hij als schadevergoeding kreeg, was veelzeggend. ,,Die straf interesseert me niet, en ook niet of hij wel rechtvaardig is of niet', zei hij.

Het schadelijkste gevolg is dat het publiek zijn vertrouwen in het systeem verliest. Maatschappelijk vertrouwen is niet voor geld te koop. Als een hele maatschappij gelooft dat wettelijke rechten geen bescherming bieden, maar dat je moet vertrouwen op een net van relaties met mensen met macht en invloed, zal steeds weer de vraag opkomen of zo'n maatschappij wel leefbaar of wenselijk is.

Zo gaven ook in de tweede BMW-zaak mensen niet de schuld aan een corrupte zakenman. Zij legden de aansprakelijkheid bij het loterijkantoor, een overheidsinstelling. In plaats van een persoon te wantrouwen, kregen ze argwaan tegen een instelling, zelfs tegen de overheid als geheel. Toen een koppige tiener het opnam tegen het machtige loterijgezag, met zijn leger accountants en inspecteurs en aanvankelijke alibi's, ging deze enkeling, en niet het systeem, duidelijk strijken met de bewondering van het publiek.

Liu Liang mag dan maar een arbeidersjongen zijn geweest, er school wel wijsheid in zijn woorden dat de gang van zaken in de broze Chinese maatschappij nog altijd kan worden beïnvloed door een `zwijgende meerderheid'. Hij weigerde te schikken, omdat hij geloofde dat corrupte ambtenaren ,,het volk zouden blijven belazeren'', als hij het erbij liet zitten. Dankzij zijn volharding en het speurwerk van de media kwam de fraude aan het licht.

Macht corrumpeert overal, maar enkelingen als de Chinees Liu zijn op den duur een tegenwicht gaan vormen. Toch bieden zulke marginale krachten geen systeem om grieven te verhelpen. Terwijl popliefhebbers in China kunnen horen wat ze willen, ook Madonna die zingt `I'm gonna shake up the system', hebben gewone Chinezen moed nodig om zulke boodschappen hardop uit te spreken. Zoals een gezegde luidt: ,,Het ontbreekt de Chinezen niet aan geweten, het ontbreekt hun aan moed.''

Hu Yong is werkzaam bij de Chinese centrale televisiezender II, de meest bekeken zender voor het Chinese zakennieuws, en is een van de pioniers in de ontwikkeling van het Chinese internet.