Barroso komt met verrassende, veelbelovende commissie

José Manuel Barroso maakte gisteren de samenstelling van zijn Europese Commissie bekend. Hij wil haar de autoriteit teruggeven die ze in tien jaar is kwijtgeraakt.

Op zoveel daadkracht van José Manuel Barroso, de komende voorzitter van de Europese Commissie, was nu ook weer niet gerekend. Formeel moest Nederland als huidig voorzitter van de Europese Unie de brief met de officiële voordrachten van de lidstaten voor kandidaat-commissarissen nog aan Barroso versturen. Groot was gistermorgen dan ook de verbazing én verwarring onder Nederlandse diplomaten in Brussel toen de mededeling binnenkwam dat de aanstaande voorzitter van het dagelijks bestuur van de Unie die middag een persconferentie wilde geven. Hij ging toch niet nu al de samenstelling van zijn nieuwe team bekendmaken?

Dat ging Barroso dus wel, twee weken eerder dan beloofd, en daarmee zorgend voor de volgende verrassing. Tot nu toe lijkt de Portugese ex-premier in niets op de ,,kleurloze technocraat'' zoals hij alom werd afgeschilderd toen de regeringsleiders van de 25 landen van de Europese Unie hem eind juni naar voren schoven als opvolger van de huidige voorzitter van de Europese commissie, de Italiaan Romano Prodi. Een uur na zijn benoeming viel Barroso tijdens zijn eerste Brusselse persconferentie toen al op door zijn joyeuze stijl van opereren. Een `kunstje' dat hij enkele weken later tijdens hoorzittingen van de diverse fracties van het Europees Parlement nog eens in versterkte mate zou herhalen. De commissie moest veel politieker opereren om de Europa-apathie bij de bevolking te doorbreken, vond hij. Er zouden minstens acht vrouwen komen in zijn commissie, beloofde hij. En de voorzitter zou waar nodig de baas zijn, eiste hij.

De nieuwe `mister Europe' heeft woord gehouden. De namen van zijn medespelers waren sinds vorige week al bekend, sinds gistermiddag geldt dit ook voor de opstelling van het team Barroso. Een ploeg waarmee de Europese Commissie, in zijn eigen woorden, plaats neemt in de ,,driving seat'' van Europa. Barroso vermeed op zijn persconferentie zorgvuldig het woord `weer', maar desondanks was zijn boodschap slechts op één manier te verstaan: hij wil het dagelijks bestuur van de Europese Unie het gezag en de statuur teruggeven die het sinds het vertrek van de Franse commissievoorzitter Jacques Delors in 1995 geleidelijk aan is kwijtgeraakt.

Dat hij daarbij voor zichzelf als voorzitter een prominente rol ziet weggelegd is sinds gistermiddag al helemaal geen vraag meer. Het was opvallend hoe vaak Barroso in zijn korte openingswoord de woorden `ik' en `mijn commissie' gebruikte. Bovendien heeft hij zichzelf één van de belangrijkste taken toebedeeld waar het dagelijks bestuur van de Unie de komende vijf jaar voor staat: het realiseren van het ambitieuze plan om van Europa in 2010 de meest concurrerende economie ter wereld te maken. Dat is enkele maanden na het verstrijken van de zittingstermijn van de per 1 november aantredende commissie.

Als vice-voorzitter van de groep commissarissen die leiding moet geven aan de zogeheten Lissabon-strategie heeft Barroso Günter Verheugen benoemd die zich tevens één van de vijf vice-voorzitters van de commissie mag noemen. De Duitser die in de huidige commissie de portefeuille uitbreiding beheert, komt aan het hoofd van het nieuwe directoraat Industrie en zal tevens de groep commissarissen coördineren die met de ministers van de lidstaten de zogeheten concurrentieraad vormen.

Met al deze taken voor Verheugen komt Barroso tegemoet aan de wens die Groot-Brittannië, Frankrijk en Duitsland eerder dit jaar na een onderling samenzijn in Berlijn formuleerden om de economische politiek van de Unie door een vice-voorzitter van de Europese Commissie te laten coördineren. Het beladen begrip `supercommissaris' is nergens te vinden, maar een commissaris met een ster is Verheugen wel degelijk.

De overige prioriteiten van Barroso blijken uit de vier andere vice-voorzitters die hij heeft aangesteld. Zo zal de net als Verheugen geprolongeerde Zweedse commissaris Margot Walström behalve als eerste plaatsvervanger van Barroso ook de nieuwe portefeuille communicatiestrategie gaan beheren. Dit laatste is ontegenzeggelijk een reactie op de tijdens de Europese verkiezingen van twee maanden geleden gebleken desinteresse en scepsis van de burgers. In datzelfde licht past de benoeming van de uit Estland afkomstige Siim Kallas als vice-voorzitter. Deze positie geeft zijn portefeuille administratieve aangelegenheden, begrotingscontrole én – niet onbelangrijk voor zover het gaat om het imago van Europa – fraudebestrijding extra gewicht.

Een politiek signaal is tevens het vice-voorzitterschap van de Italiaan Rocco Buttiglione. Hij is als commissaris belast met de post die nu nog bekend staat als Justitie en Interne aangelegenheden, maar vanaf 1 november Justitie, Vrijheid en Veiligheid gaat heten. De nieuwe naam geeft tevens het permanente dilemma in deze sector aan: hoeveel vrijheid mag veiligheid kosten?

Volgens Barroso is het niet de bedoeling dat de voorzitter en de vice-voorzitters een soort kernkabinet gaan vormen. Om diezelfde reden is hij afgestapt van het idee om clusters met coördinerende commissarissen aan het hoofd te vormen. Hij ziet meer in ad-hoc samenwerkingsverbanden tussen commissarissen die dan snel op actuele ontwikkelingen kunnen reageren.

Om die samenwerking te bevorderen gaan alle 25 commissarissen vanaf 1 november ook weer net als vroeger samen in één gebouw zitten. ,,Ik heb niet willen veranderen om het veranderen, maar alleen waar dat noodzakelijk was'', zei Barroso tot twee maal toe. Maar dat er veel noodzakelijk was blijkt uit alle veranderingen die hij heeft doorgevoerd. Veel hangt af van het politieke programma dat de commissieleden de komende weken met elkaar gaan vaststellen. In welke mate dit kan worden uitgevoerd is vervolgens afhankelijk van de ruimte die de nationale regeringen aan het dagelijks bestuur van de Unie zullen willen laten. Maar één ding is nu al zeker: de commissie Barroso is in elk geval een veelbelovende commissie.