Achterland

Het woord kende ik nog niet, maar het stond op een bord langs de weg in Zeeuws-Vlaanderen: paardenmelkerij. Even denk je dat het een Vlaams woord is voor een KI-station voor paarden, maar het is gewoon wat er staat. Er zijn in Nederland een stuk of tien paardenmelkerijen, waar verschillende soorten paarden gemolken worden. De Zeeuws-Vlaamse boer Pieter Nortier begon in 1997 naast zijn akkerbouwbedrijf en knoflookkwekerij ook een melkerij voor trekpaarden.

Wij zijn opgegroeid met koeienmelk, maar in Rusland drinken de steppevolken al eeuwenlang paardenmelk. In Duitsland wordt het voorgeschreven in kuuroorden. Ook boeren in Zeeuws-Vlaanderen molken vroeger de merries die een veulen hadden gekregen. Paardenmelk is gezond en minder vet dan koeienmelk.

Hoewel een volwassen trekpaard 30 liter melk per dag kan geven zijn het geen wandelende melkfabrieken. De uiers van trekpaarden kunnen niet meer dan zes liter melk bevatten. De paarden moeten daarom vijf keer per dag worden gemolken.

De veulens blijven gewoon bij hun moeder en het gaat er allemaal ontspannen aan toe in de wei en de stal. Voor grootschaligheid is een paardenmelkerij niet geschikt. Daar hebben deze dieren het mooi mee getroffen.