Jongeren zitten véél te veel in de schoolbanken

Wist je dat voetbal in de oudheid niet bestond? En dat bijten helemaal niet mag bij boksen. Of dat een gou- den medaille niet van goud is? Ruud Paauw geeft antwoord op vragen van kinderen op de basisschool.

Hoe komen Olympische Spelen aan hun naam? De Olympische Spelen danken hun naam aan het plaatsje Olympia in Griekenland. Daar werd een paar duizend jaar geleden (776 voor Christus) elke vier jaar een groot sportfeest gehouden ter ere van de god van de Grieken, Zeus. Dat sportfeest duurde een dag of vijf. Er werd hardgelopen, geworsteld en gebokst en er waren wagenrennen met paarden. Nee, gevoetbald werd er niet. Die sport kenden de Grieken in de oudheid nog niet. Er waren ook wedstrijden voor kinderen. Van een 12-jarige herdersjongen werd verteld dat hij zo hard liep dat hij een haas kon vangen!

Waarom werden de Olympische Spelen maar eens in de vier jaar gehouden? Dat komt omdat de Grieken hun tijd indeelden in olympiaden en een olympiade is een periode van vier jaar.

Nadat de Romeinen Griekenland hadden veroverd, werden de Olympische Spelen 393 na Christus verboden. Honderden jaren dacht niemand meer aan het sportfeest. Tot ruim een eeuw geleden een Fransman, Pierre de Coubertin genaamd, zich ging ergeren aan het feit dat jongeren veel te vaak in de schoolbanken zaten. Ze moesten ook aan sport gaan doen, dat was gezond, daar kregen ze een sterk lichaam van. Maar de Franse leraren voelden daar niets voor.

In andere landen kreeg hij voor zijn ideeën wel steun. Daarom kwam hij op de gedachte een groot internationaal sportfeest te organiseren, want dan zou zijn land niet kunnen achterblijven. Omdat ze in die tijd net bezig waren het oude Olympia op te graven, dacht hij: het moeten Olympische Spelen worden, maar dan wel in een nieuwe vorm.

Hoe zagen die nieuwe Olympische Spelen eruit? In 1896 werden deze nieuwe Spelen voor de eerste keer in de Griekse hoofdstad Athene gehouden. Maar wat was het toen allemaal nog eenvoudig. Maar driehonderd sporters uit elf landen namen deel. Deze maand worden ze weer in Athene gehouden. En dan zijn er 10.500 sporters uit 201 landen! Tegenwoordig moeten sporters heel hard hun best doen en heel goede prestaties leveren om te mogen meedoen. Bij die eerste Spelen was dat niet nodig. Het tennissen werd gewonnen door iemand uit Ierland die toevallig als toerist in Athene was en dacht: ach, laat ik eens meedoen. Het zwemmen werd niet zoals nu gehouden in een prachtig zwembad. Nee, de zwemmers werden met een boot een eind de zee opgenomen en dan moesten ze terugzwemmen naar de kust. Wie het eerst aan land kwam, had gewonnen. Verstijfd van de kou kwamen ze uit het water.

Was er toen ook al een marathon? Een groot succes bij die eerste Olympische Spelen was inderdaad de marathonloop, een hardloopwedstrijd over meer dan veertig kilometer. Hoe kwam men aan dat aantal kilometers? Wel, dat gaat terug naar de Griekse oudheid. Bij het plaatsje Marathon werd ver voor onze jaartelling een enorm gevecht geleverd tussen Griekse en Perzische legers. De Grieken wonnen en een soldaat liep de hele afstand naar Athene om het bericht van de overwinning te brengen. Toen hij dat gedaan had, stierf hij van uitputting. Ter herinnering aan die gebeurtenis werd de marathonloop gehouden. Een Griek won die eerste marathonloop tot grote vreugde van alle Grieken. Op het laatste stukje werd hij vergezeld door twee Griekse prinsen.

Waarom worden de Olympische Spelen niet altijd in Athene gehouden? De Grieken vonden dat de Olympische Spelen eigenlijk altijd in Griekenland moesten worden gehouden. Ze beschouwden ze als hun eigendom. Maar die Fransman, De Coubertin, wilde dat niet. De Olympische Spelen moesten de hele wereld over, iedereen moest ervan kunnen genieten. Dan zouden ook overal jongeren aan sport gaan doen. En zo gebeurde het uiteindelijk ook.

Houdt iedereen zich altijd aan de regels? In die beginjaren van de Spelen deden zich wel eens vreemde dingen voor. De marathonloop in 1904 bijvoorbeeld werd gewonnen door een Amerikaan. Hij werd door iedereen gelukgewenst tot iemand erachter kwam dat hij een deel van de afstand in een auto had afgelegd! Twee andere lopers waren van de weg afgejaagd door een woedende hond. Bij het boksen bij weer andere Olympische Spelen verloor een Engelsman van een Fransman, maar die Engelsman maakte bezwaar. Hij liet aan de scheidsrechter zijn borst zien. Daar stonden de afdrukken van de tanden van de Fransman in. En bijten mag niet bij boksen. De Fransman zei dat hij daar niets aan kon doen. Als hij sloeg, klapten zijn tanden op elkaar en als daar dan wat tussen zat.... De scheidsrechter vond het een smoes. De Engelsman werd alsnog tot winnaar verklaard.

Leuk was weer wat er in 1928 gebeurde bij het roeien. De Olympische Spelen waren toen in Amsterdam en het roeien werd gehouden op een vaart in het dorpje Sloten. Bij een wedstrijd in de skiff (één man in een boot) stak plotseling een hele eendenfamilie de baan over. Schoolkinderen langs de kant riepen een van de roeiers toe dat hij op de eendjes moest letten. Die man kon dat zelf niet zien. Bij roeien zit je achterstevoren in de boot. Die man stopte toen even met roeien tot de eendjes voorbij waren. Maar hij won toch nog. Later hebben die kinderen uit dankbaarheid van hun zakgeld een lepeltje voor die roeier gekocht. Zoiets zal nu niet meer gebeuren. Geen roeier zal zich om eendjes bekommeren.

Zijn de Olympische Spelen wel eens in Nederland geweest? In 1928 waren de Olympische Spelen dus in Amsterdam. Het Olympisch Stadion herinnert daar nog aan. Voor het eerst werd daar in de schaal van de marathontoren (veertig meter hoog) het olympisch vuur ontstoken. Die schaal werd toen door grappenmakers het asbakje voor de vliegtuigpiloten genoemd. Het olympisch vuur staat voor het streven naar eenheid tussen de mensen. De fakkelloop met het vuur is er sinds 1936. In Olympia wordt het vuur ontstoken door middel van zonnestralen en vandaar brengen vele honderden lopers en loopsters het naar het stadion waar dat jaar de Olympische Spelen worden gehouden. Zo wordt het verleden (Olympia) met het heden verbonden. Waarom gaat dat vuur door al die landen? Om de boodschap te brengen dat binnenkort de Olympische Spelen worden gehouden.

Wat is naast winnen belangrijk bij de Spelen? Heel belangrijk bij de Olympische Spelen is de opening. Dat is een groot feest met veel dansers en leuke oefeningen. De sporters van alle landen lopen dan het stadion binnen en verzamelen zich op het middenveld. De laatste fakkelloper brengt het olympisch vuur binnen en ontsteekt het in een schaal. Daar blijft het gedurende de Spelen branden. Een van de sporters legt namens iedereen de olympische eed af: hij belooft eerlijk te zullen strijden. Dan wordt de olympische vlag gehesen. Dat is een vlag met vijf aan elkaar verbonden ringen in de kleuren blauw, zwart, rood, geel en groen. Die ringen stellen de vijf werelddelen voor: Europa, Azië, Australië, Afrika en Amerika. De kleuren zijn zo gekozen dat ten minste één kleur is terug te vinden in de nationale vlaggen van de deelnemende landen. Duizenden duiven worden losgelaten in de hoop dat er vrede en vriendschap tussen de mensen zal zijn.

En nu kunnen de wedstrijden beginnen! De duizenden sporters verblijven in een speciaal gebouwd dorp, en zijn er klaar voor. Miljarden mensen zullen hen op tv volgen. Jij ook?

Ruud Paauw is journalist en oud-archivaris van het Nederlands Olympisch Comité (van 1980 tot 1996). De vragen in dit artikel zijn gesteld door leerlingen van de basisschool De Morskring in Leiden.