`Ik kom altijd bij het donker uit'

Mime-maakster Boukje Schweigman wil dat het publiek helemaal in haar stukken opgaat. Ze wil de mensen raken. Op het festival Boulevard in Den Bosch speelt ze haar nieuwe voorstelling `Ruim'.

Halverwege de voorstelling Ruim van Boukje Schweigman (30) wordt de bezoeker in een stoel op wieltjes gezet en de duisternis in gereden. `Het zwarte gat' noemt de maakster het zelf. Het is een heftige ervaring omdat er opeens geen boven of onder meer is. Omdat je niets anders rest dan overgave aan de handen achter je, die de stoel doen tollen.

,,Dat vinden we moeilijk, controle overgeven'', zegt Schweigman. ,,In het normale leven doen we het bijna nooit. Maar ik wil graag de bezoeker van al zijn houvast losweken. Voorbij de eerste paniek ligt een geweldige associatieve wereld.''

Op theaterfestival Boulevard in Den Bosch vechten bezoekers om kaartjes. Per keer kunnen er slechts twintig mensen mee, want Schweigman wil dat de voorstelling een intieme ervaring oplevert. ,,Liever een paar mensen die echt op reis zijn geweest dan een grote groep die met een `wel leuk' gevoel weer naar buiten wandelt.''

Vorig jaar won mime-maakster Schweigman met haar afstudeervoorstelling Klep de Ton Lutz-prijs als grootste regietalent en met haar voorstelling Benen sleepte ze, samen met vormgever Theun Mosk, de Top Naeff-prijs voor veelbelovend kunstenaar in de wacht. Al haar voorstellingen peuteren aan het perspectief van de kijker. In Klep werd het publiek in verduisterde houten karretjes rondgereden, in Grond dwaalden bezoekers door een steeds donkerder wordend gebouw. Ook Ruim is een tocht waarin duister een grote rol speelt. ,,Ik verzin het niet van tevoren, maar kom toch altijd bij het donker uit.''

Het zwarte gat van Ruim is volgens de maakster verwant aan een kleine doodservaring. ,,In het leven proberen we iedere dag alles vast te houden. Een baan die we niet leuk vinden, een man die we niet aardig vinden, een plek waar we ons niet thuis voelen. Omdat het niet anders kan. Omdat ik anders alles kwijt ben, wordt er dan gezegd. Het kan wel anders!, zou ik willen schreeuwen. Wat maakt het uit dat je alles kwijt bent, je hebt toch niets dan jezelf en een open vizier nodig? Maar mensen kiezen liever voor iets naars dat ze kennen, dan voor niet-weten. Doodgaan is de extreemste vorm van niet-weten.''

Schweigman vergelijkt die angst voor het onbekende een beetje met wat ze ervaart tijdens het maken van een nieuw werk. Toen ze het monumentale Kruithuis door Boulevard-directeur Geert Overdam als locatie kreeg aangeboden, sloeg allereerst de paniek toe. ,,Zo'n rond, prachtig pand met dikke muren en een lieflijke groene binnentuin. Ik dacht: wat kan ik hier nog aan toevoegen?'' Bovendien is het Kruithuis als voormalig verdedigingswerk een gesloten gebouw, terwijl Schweigman streeft naar openheid. ,,Samen met vormgever Menno Vinke heb ik er eindeloos rondgedrenteld. Tot ik bedacht dat dikke muren juist een gevoel van veiligheid en daardoor openheid kunnen geven.''

De openheid die Schweigman nastreeft, uit zich ook in haar haat-liefdeverhouding met het gebruik van tekst. In geen van haar voorstellingen wordt gesproken. ,,Het is niet dat ik uit principe geen tekst gebruik. Maar het woord is zo afgebakend, het vermindert de ruimte voor uiteenlopende gevoelens en interpretaties. Dat merk ik bij het lezen van een recensie over Ruim waarin iemand beweert dat een van de spelers God moet voorstellen. Dat is één van de vele interpretaties, maar het staat er of het de enige juiste is. Als je die recensie leest en vervolgens komt kijken dan herken je eerst God en denk je even later bij het zien van een man in de tuin: dat zal dan wel Adam zijn.''

Schweigman wil geen verhaal opleggen maar mensen ,,van binnenuit'' bewegen. ,,Ik wil theater maken waar je in zit, theater dat zich boven, onder en naast je afspeelt.''

`Ruim' t/m 15/8 Festival Boulevard Den Bosch. Inl. 073-613 7671.

`Grond' 4 sept Theaterfestival, Amsterdam. Inl. 020-6242 311.