Hockey

Hockey verkeerde jarenlang in de gevarenzone. De tv-kijkcijfers vielen tegen. Bovendien zou de voor een leek moeilijk te begrijpen sport wereldwijd onvoldoende beoefend worden en bij gebrek aan aantrekkingskracht daarom geen aanspraak meer (mogen) maken op de olympische status. Mede daarom zette de internationale hockeyfederatie (FIH) halverwege de jaren negentig een intensieve en wereldwijde campagne op touw, bedoeld om de sport te mondialiseren. Zogeheten `hockeyontwikkelingslanden' als Cuba, Ghana en Wit-Rusland ontvingen bijvoorveeld forse financiële steun bij de aanschaf van een of meer waterkunstgrasvelden (kosten per mat ongeveer 350.000 euro). `Sydney' luidde een voorzichtige ommekeer in. Hockey bleek bij de laatste Olympische Spelen in Australië de best bekeken teamsport, met ruim 520.000 toeschouwers. Omdat sporten door het Internationaal Olympisch Comité (IOC) niet `afgerekend' worden op totalen maar op bezettingspercentages, drong de FIH er voor de komende editie bij niet-hockeyland Griekenland met succes op aan de capaciteit van het Helleniko-stadion terug te brengen van 15.000 naar 8.000 zitplaatsen. Op die manier hopen de beleidsmakers niet opnieuw in de gevarenzone terecht te komen.

Olympische sport sinds: 1928 (m) en 1980 (v)

Aangesloten landen cq. federaties: 122

Geregistreerde beoefenaars in Nederland: 161.979

Regerend olympisch kampioen: Nederland (m) en Australië (v)