Een zware post

Natuurlijk staan we allemaal, behalve de oppositie die altijd spijkers op laag water zoekt, achter onze Neel. Premier Balkenende heeft immers verzekerd dat Nederland een `zware post' op een belangrijk economisch terrein zal krijgen in de nieuwe Europese Commissie en Barroso, de Portugese commissievoorzitter, is hem wel wat verschuldigd. Met de Nederlandse kandidaat kan Barroso zijn doel bereiken om een derde van de Commissieposten door vrouwen te laten vervullen. Bovendien verloor Nederland van Portugal in de halve finale van het Europees kampioenschap voetballen. Daar zaten Balkenende en Barroso naast elkaar op de tribune. Zoiets schept een band.

Het ligt misschien aan de aaneenschakeling van sportevenementen deze zomer dat de benoeming van de komende Eurocommissaris gepaard gaat met een golf van nationalisme. De invulling van een bureaucratische functie in Brussel wordt gepresenteerd als een nationale zaak van `wij tegen de anderen'. Het is winnen of verliezen. Dit is in velerlei opzichten opmerkelijk. Bij de politiek toch vrij verrassende benoeming van Bolkestein in 1999 was er niet veel ophef over de zwaarte van de portefeuille (interne markt) die hij kreeg, maar des te meer over zijn vermeende `Euroscepsis'. Over Vredeling, die als Eurocommissaris voor Sociale Zaken niets te doen had, is wat betreft het gewicht van zijn portefeuille nooit geklaagd. Nu wordt er volop gejongleerd met wat een `zware post' zou zijn. Merkwaardig genoeg wordt `landbouw' nu kleinerend afgedaan als volstrekt onbetekenend. Hiervoor heeft Nederland geen belangstelling, ook al zou CDA-minister Veerman een uitstekende kandidaat zijn, gewenst door andere lidstaten, maar hij werd in Den Haag geblokkeerd door de ambities van de VVD. Landbouw, daar gaat nog altijd de helft van het Europese budget naar toe, er staan ingrijpende hervormingen in het regime van exportsubsidies te wachten en het speelt een sleutelrol bij het vraagstuk van de voedselveiligheid. Misschien is Neelie Kroes niet geschikt voor de portefeuille van Landbouwcommissaris, maar dat maakt deze post allesbehalve onbelangrijk.

Ten slotte is er de vraag op grond waarvan Nederland aanspraak meent te kunnen maken op een `zware post'. Dat wordt niet beargumenteerd, maar als een vanzelfsprekendheid ter tafel gebracht. Er zijn best argumenten te bedenken: Nederland behoort tot de oprichters van de Europese Gemeenschap, de Nederlandse handelspositie is aanzienlijk, Nederland telt een flink aantal multinationale ondernemingen en heeft sterke financiële, industriële en agrarische sectoren, Nederland had een traditie van financiële degelijkheid en monetaire stabiliteit. Van doorslaggevend belang is de kwaliteit van de Nederlandse inbreng in Brussel, maar daar gaat het helemaal niet om. Er is eerder sprake van een nationale variant op de Calimero-slogan van het ministerie van Volkshuisvesting: `VROM zegt Nederland is klein, denk groot'. De portefeuille van de Eurocommissaris verheven tot een politieke prestigezaak: een zware post of de gladiolen.

Formeel is een Eurocommissaris een bestuurder en geen nationale afgevaardigde in Brussel. Dat zijn de gekozen Europarlementariërs, de ambtelijke permanente vertegenwoordiger en de ministers die zitting hebben in de Europese raden. Strikt genomen maakt het helemaal niet uit welke positie de Eurocommissaris met het Nederlandse paspoort toebedeeld krijgt. Als Nederland transport belangrijk vindt, is het belangrijk dat er een goede Eurocommissaris van Transport komt, desnoods uit Letland, zolang die verstand van zaken heeft. In de praktijk werkt het anders. Een gedreven Eurocommissaris beschikt over een netwerk van contacten, laat zijn/haar stem horen in de Commissie en weet politieke relaties met andere lidstaten te onderhouden.

Die taken zijn netwerker Kroes wel toevertrouwd. Haar achtergrond in politiek, bedrijfsleven en academie, alsmede haar inzet voor vrouwen aan de top, kwalificeren haar. Haar eigen-zaken-vooruit-aanpak past bij de tegenwoordige Europese lijn van de VVD zonder bevlogenheid. Voor het bemachtigen van een `zware post' moet ze concurreren met drie oud-premiers, vijf oud-ministers van Buitenlandse Zaken en drie oud-ministers van Financiën die door andere lidstaten naar voren zijn geschoven. Des te zwaarder tellen haar Europese standpunten.

Zodra bekend is welke portefeuille ze krijgt, is het een goed idee van D66 om haar hierover in de Kamer te ondervragen. Stel dat ze belast wordt met energie, dan is het interessant te horen wat haar mening is over het Nederlandse kabinetsbeleid om de nationale energiebedrijven te dwingen zich op te splitsen. En als ze commissaris voor transport wordt, is het voor Nederland niet onbelangrijk wat haar standpunten zijn inzake de positie van de Rotterdamse haven en de Europese luchtvaartpolitiek.

Als de nieuwe Europese Grondwet wordt aangenomen, heeft Nederland over tien jaar geen automatisch recht meer op een `eigen' Eurocommissaris. Dan mogen de lidstaten bij toerbeurt een commissaris aanwijzen. De afkalving van de nationale soevereiniteit, de voortgaande overdracht van bevoegdheden aan `Brussel' en het ongemak van een land dat niet tot de `groten' behoort in een uitgebreide unie van 25 lidstaten zijn verklaringen waarom Nederland zich nu nog zo sterk maakt voor een zware post. Probeer het omgekeerde maar eens voor te stellen. In de roes van het nationale oranjegevoel zouden de media op hun kop staan als Barroso zou aankondigen dat Nederland een `lichte post' is toegewezen. Dan wacht Balkenende hetzelfde lot als Dick Advocaat.

rjanssen@nrc.nl