`U ruïneert mijn carrière!'

De stress voor een assessment center stijgt nu het economisch slecht gaat. Immers, er hangt meer van de test af nu de banen niet voor het oprapen liggen. Wat is de beste manier om je voor te bereiden?

Slapeloze nachten, faalangst en trillende knieën: de meeste mensen zien als een berg op tegen de psychologische test die deel uitmaakt van de selectieprocedure voor een nieuwe functie. Ze spitten tevoren boekjes door, oefenen hoofdrekensommen, buigen zich nog eens over logicareeksen – alles om een zo goed mogelijk figuur te slaan tijdens de test, die tegenwoordig assessment center heet. Want van de uitslag hangt nogal wat af: ben je beter dan de andere kandidaten en krijg je de felbegeerde nieuwe baan? Kom je in aanmerking voor die functie op managementniveau binnen je huidige bedrijf? Ben je inderdaad de high potential die de directie in je meent te zien?

De stress neemt toe nu het economisch slecht gaat, zeker bij een selectieassessment waarin verschillende sollicitanten voor eenzelfde functie worden getest, volgens Bas Kok, senior adviseur bij LTP, een adviesbureau voor organisatie- en personeelsvraagstukken. ,,We zien de laatste tijd steeds vaker mensen die al een paar keer een negatieve uitslag hebben gekregen na een assessment, om die reden zijn afgewezen voor een functie en verkrampt op een volgend assessment verschijnen. Ze hebben alle tips en trucs die er circuleren van buiten geleerd, met alle risico's van dien.''

Want er bestaan nogal wat foute tips, volgens Kok. Dat was een van de redenen waarom hij onlangs met zijn collega Ferry de Jongh het boek Assessment doen, hoe werkt het voor jou? schreef. Daarin beschrijven zij wat volgens hen de juiste manier is om je voor te bereiden op een assessment center. ,,We zien te vaak twee foute houdingen bij kandidaten'', legt Kok uit. ,,Enerzijds mensen die een assessment zien als een spelletje en het over zich heen laten komen. Die totale onbevangenheid vind ik niet goed. Dat loopt alleen goed af bij natuurtalenten die overal en altijd goed doorheen rollen. Anderzijds zie je deelnemers die zich tot de tanden toe wapenen. Die hebben zich weliswaar goed voorbereid, maar op de verkeerde manier: met trucs en listigheden. Die leren uit hun hoofd wat ze op welke vraag moeten antwoorden. Of komen met `zinnen die winnen' (`Ik begrijp u helemaal'). Die vallen door de mand. In hun gedrag horen en zien we incongruenties en dat kan averechts werken.''

De boodschap van Kok en De Jongh is op zich simpel: wees jezelf tijdens een assessment en ga er naar toe om iets te leren over jezelf. ,,In werkelijkheid is dat niet zo eenvoudig'', erkent Kok. ,,Niets zo moeilijk als jezelf zijn in een ongewone situatie. Daar moet je je op voorbereiden. Maar niet met trucjes. Want dan oefen je alleen maar om een ander te zijn.'' Een open houding is het beste, vindt Kok. ,,Probeer niet je zwakke kanten te verbergen, want die heeft iedereen. En kom ook niet aan met `ik ben ongeduldig' of `te snel'. Dat zijn verkapte sterke kanten. Dan laat je nog niets van jezelf zien.''

Anderzijds heb je ook kandidaten die doorschieten in hun openheid, is Koks ervaring. ,,Die gaan echt te biecht en komen aan met hun depressie van vijf jaar geleden. Dat is niet nodig. Je zit bij een assessment-psycholoog, niet bij een psychotherapeut.''

Ook Gertrude Smit, consultant en kennismanager assessment & advies bij GITP International BV, merkt dat de stress bij assessments is toegenomen als gevolg van de recessie. ,,Er hangt in deze tijd veel van af. Tot twee jaar geleden lagen de banen voor het oprapen. Nu zien we vaker kandidaten die al een aantal sollicitaties en afwijzingen achter de rug hebben. Dan is een assessment gewoon zwaar, dat moet je niet wegwuiven.''

Ongeveer de helft van de kandidaten is erg gespannen, is de ervaring van Smit, die zo'n vijf assessments per week afneemt. In totaal worden bij GITP jaarlijks zo'n 12.000 assessments afgenomen. ,,Het hangt vooral samen met je karakter. Mensen die vertrouwen hebben in hun eigen kwaliteiten zijn het rustigst. Maar ook factoren als `hoe vervelend vind je het om beoordeeld te worden' en `hoe ga je om met een negatief advies' spelen mee.''

Circa één op de tien kandidaten verschijnt volkomen blanco op een assessment, volgens Smit. Net als Kok vindt zij dat voorbereiden wel degelijk zin heeft als het gaat om de intelligentietest en het interview. ,,Maar niet voor alle onderdelen van de intelligentietest. Taalvaardigheid bijvoorbeeld kun je moeilijk oefenen, je vergroot je woordenschat niet in één avond. Het oefenen van verbale analogieën heeft wel effect. Het gaat dan om opgaven als: `water staat tot vis als lucht staat tot ...'.''

Ook oefenen in rekenvaardigheid heeft zin, vindt Smit. ,,Hoe maak je ook al weer een breuk? Dat weten veel mensen in het tijdperk van de rekenmachine niet meer.'' Overigens zorgt oefenen er volgens Smit alleen voor dat je je aanleg maximaal kunt tonen en dat je score wordt geoptimaliseerd. Als je geen aanleg hebt, valt dat met enkele oefensessies niet te compenseren. Interviews zijn eveneens goed voor te bereiden, volgens Smit. ,,Op vragen als `wat vind je aantrekkelijk aan deze functie' en `wat moet je nog ontwikkelen voor deze baan' kun je thuis alvast het antwoord formuleren.''

Smit toont zich enigszins huiverig voor how to-boeken ter voorbereiding op een assessment. ,,Als in het boek staat dat een kandidaat in een rollenspel bij één mening moet blijven omdat hij anders niet vastberaden overkomt, terwijl de werkgever een flexibele kandidaat zoekt, dan kan zo'n tip averechts werken. Dan vertoon je kunstmatig gedrag, terwijl je in werkelijkheid misschien best flexibel bent.'' Smit vraagt kandidaten aan het begin van het assessment altijd welke tips ze hebben gehoord en gaan toepassen, ,,om te voorkomen dat het misgaat''.

Het belangrijkste is, volgens Smit, dat een kandidaat zich realiseert dat een assessor probeert een zo goed mogelijk beeld van een kandidaat te krijgen. ,,Zie hem of haar niet als boeman die alleen maar op je fouten let. Het is een onderzoek, geen examen. Je moet weliswaar een prestatie neerzetten, maar als je een fout maakt, is niet de hele opdracht verloren. Laat in zo'n geval juist zien op welke manier en hoe snel je je fouten corrigeert.''

Doe je je als kandidaat niet beter voor dan je bent als je je grondig voorbereidt? ,,Nee'', vindt Jack van Minden, directeur van Psycom, een advies- en trainingsbureau op loopbaangebied en auteur van diverse boeken over assessment centers. ,,Alles wat je weet, heb je ooit ergens geleerd. Dus waarom zou je niets iets over een assessment mogen leren?''

Psycom verzorgt trainingen voor mensen die een assessment moeten doen. ,,Zodat hun faalangst afneemt'', volgens Van Minden. Tijdens de trainingen oefenen kandidaten onderdelen die ze lastig vinden of waarover ze in een eerder assessment zijn gestruikeld. Van Minden: ,,Als een kandidaat tijdens de training het gestelde doel in een rollenspel niet haalt, kunnen wij 'm wijzen op het feit dat hij bijvoorbeeld te lang over koetjes en kalfjes praat. Of we corrigeren mensen als ze een opdracht slecht lezen.'' Ook oefenen in onderhandelen is altijd handig, volgens Van Minden.

Hoe eerlijk moet een kandidaat zijn tijdens een assessment? ,,Wat is eerlijk?'' vraagt Van Minden zich hardop af. ,,Werkgevers zijn ook niet altijd eerlijk. Je ziet nogal eens dat werkgevers zeggen dat ze iemand willen beoordelen op zijn kunnen, maar in werkelijkheid kijken naar het potentieel dat hij heeft. Dan kan het gebeuren dat de kandidaat denkt dat-ie het assessment goed gedaan heeft, terwijl het naar de maatstaven van de werkgever net aan voldoende was.''

De tips die Van Minden meegeeft aan kandidaten voor het echte assessment hangen af van de uitslag van de training. ,,Laatst hadden we iemand met een erg zwart-wit wereldbeeld. Mensen waren goed of fout, volgens hem. Dan vertellen we hem dat het genuanceerder ligt. Of hij dat toepast in het echte assessment hangt af van de vraag hoe snel hij iets oppikt.'' Volgens Van Minden krijgt 85 procent van de door Psycom getrainde kandidaten een positieve uitslag tijdens het echte assessment.

Wat kandidaten zeker moeten voorbereiden, volgens Bas Kok, is hun reactie op de uitslag van het assessment. ,,Wat ik regelmatig zie is dat mensen óf defensief óf offensief reageren.'' In zijn boek heeft hij een paar veelgehoorde reacties van teleurgestelde kandidaten op een rijtje gezet. `U heeft het helemaal verkeerd gezien', `Heeft u eigenlijk wel verstand van mijn vakgebied?', `Al bij het eerste contact zag ik dat u mij niet mocht', `Dit is een momentopname', `Weet u wel wat u me aandoet, u ruïneert mijn loopbaan!' Je moet weliswaar uiting geven aan je emoties, maar niet door aanval of verdediging, vindt Kok. ,,Reageer zuiver. Bijvoorbeeld: `Verdorie, dit stelt me echt teleur'. Of: `Hoe kan ik er nou zó uitgekomen zijn?' En vooral: `Wat kan ik hiervan leren voor een volgend assessment?' Haal er iets nuttigs uit voor jezelf. Want een assessment is een prachtig moment in je loopbaan. Wanneer komt het nou voor dat een onbekende neutraal een oordeel over je vormt?''

Assessment doen, hoe werkt het voor jou? Bas Kok & Ferry de Jongh. Uitgeverij Het Spectrum. ISBN 90 274 9251 4