Amerika verwacht wonderen van Phelps

Zwemmer Michael Phelps (19) is het wonderkind van de Amerikaanse ploeg, op wie alle ogen zijn gericht in Athene. Acht gouden medailles is het heilige doel. Maar van wie eigenlijk?

Het lijkt voor de Amerikanen al niet eens meer de vraag óf Michael Phelps komende week minimaal zeven gouden medailles gaat behalen in het olympisch zwembad van Athene. Sinds Mozes heeft niemand zo weinig weerstand ondervonden van het water, schreven de Amerikaanse media, en dus zal The Boy Wonder in de voetsporen treden van Mark Spitz, die bij de Olympische Spelen van München (1972) het recordaantal van zeven gouden medailles won. Sterker nog: hij zal zijn legendarische landgenoot overtreffen.

Is Phelps het slachtoffer van het diepgewortelde en door vele buitenstaanders gehate Amerikaanse superioriteitsdenken? Of is de 19-jarige student uit Baltimore zelf debet aan de ongekende en bij vlagen lachwekkende hype rondom zijn persoon? Wie hem vandaag op ingetogen wijze hoorde praten tijdens de Amerikaanse teampresentatie in Athene, had de neiging voor het eerste te kiezen.

Zijn missie zal niet eenvoudig worden, maar: ,,Niets is onmogelijk.'' Met verve droeg Phelps die boodschap vandaag uit in de uitpuilende Vergana-zaal van het centrale perscentrum in Athene. Maar, en dat klonk bijna als een grap: ,,Ik ben tevreden met één gouden medaille.'' Buiten dat is hij vooral ,,very excited to be here''.

Michael Phelps oogt niet alleen cool, hij is het ook. Dat bleek vorig jaar al, toen The Baltimore Bullet zijn internationale doorbraak beleefde bij de wereldkampioenschappen langebaan (50 meter) in Barcelona. Daar won hij zes medailles, en verbeterde hij vijf wereldrecords. A star was born. Vorige maand, bij de kwalificatiewedstrijden in Long Beach, doorstond de zwemmer met de flaporen het olympisch examen met glans: hij was de snelste op vier individuele nummers en stelde twee wereldrecords scherper.

In Athene komt Phelps uit op maar liefst acht nummers: 200 vrij, 100 en 200 vlinder, 200 en 400 wissel, en de drie estafettes (4x100 vrij, 4x200 vrij en 4x100 wissel). Al staat zijn deelname aan de 4x100 vrij nog niet vast, zo liet hoofdcoach Eddie Reese vorige week weten. Als twee van de vier aangewezen seriezwemmers sneller zijn dan 48,5 seconden (met vliegende start), dan dreigt Phelps buiten de boot te vallen. Uit eigen beweging schrapte hij zelf al de 200 meter rugslag.

Maar ook zeven nummers (negentien starts in acht dagen) lijkt op zelfmoord. Toch wil trainer Bob Bowman zijn pupil, vier jaar geleden met vijftien jaar de jongste Amerikaanse deelnemer ooit, niet aan de ketting leggen, want: ,,Ik weet niet of Michael ooit weer in zo'n fysieke staat zal zijn. Hij heeft nu nog de veerkracht van een jonge hond.''

Goede raad kreeg hij vorige maand van Ian Thorpe, zijn Australische en twee jaar oudere evenknie die hem voorging als `zwemsensatie'. ,,Hij moet zich concentreren op zichzelf, en niet proberen de prestatie van een ander te evenaren of te verbeteren'', was het vrijblijvende advies dat de drievoudig olympisch kampioen van Sydney (2000) zijn concurrent meegaf. Zeven gouden medailles achtte Thorpe ,,zeer onwaarschijnlijk''.

Maar op die wijze, relativerende woorden zat Phelps niet te wachten. ,,Als hij zegt dat het onmogelijk is, dan gelooft hij kennelijk niet dat er zelf toe in staat is'', counterde de lefgozer van North Baltimore Aquatic Club. ,,Maar hij kan niet voor anderen praten.''

Dat hij een fenomenale zwemmer is, wiens fysieke gestel `gemaakt' lijkt voor het water, staat buiten kijf. Maar wie de hijgerige Amerikaanse media de laatste weken volgt, krijgt de indruk dat `Athene' niets meer of minder is dan The Great Michael Phelps Show. Voor de overige deelnemers, en dat zijn er nogal wat (984 anderen), is niet meer weggelegd dan een bijrolletje. De hoofdpersoon zelf stelde zich vandaag bescheiden op: ,,De Spelen behoren niemand toe, de Spelen zijn van ons allemaal.''

Een Amerikaanse verslaggever presteerde het maandag tijdens de internationale persconferentie van de Nederlandse zwemploeg om Jacco Verhaeren, de trainer-coach van tweevoudig olympisch kampioen Pieter van den Hoogenband, tot twee keer toe aan te zien voor diens pupil. Pas toen de echte Van den Hoogenband kort daarop binnenstapte hij gaf buiten een tv-interview besefte de journalist hoe onprofessioneel hij was geweest. Van den Hoogenband was not amused, toen hem de suggestie aan de hand werd gedaan dat zijn rol op de 200 meter vrij lijkt uitgespeeld. Maar hij verborg, zoals wel vaker, zijn irritatie achter een masker van onverschilligheid en bracht zijn cynisme in stelling. ,,Inderdaad, ik tel niet meer mee op de 200'', grimaste hij. ,,Het is over, het is gedaan.''

Maar, zo wilde VdH dan toch wel weten, sinds wanneer is de 200 meter het belangrijkste onderdeel van het olympisch zwemtoernooi? Hij weet niet beter of 'de 100' staat al sinds de eerste moderne Olympische Spelen (1896) te boek als het koningsnummer.

Maar in de Verenigde Staten regeert als vanouds de macht van het getal. Niet de kwaliteit, maar de kwantiteit staat voorop. Het maakt niet uit welke nummers hij wint, als hij ze maar wint. Phelps moet en zal geschiedenis schrijven in de Griekse hoofdstad, waar het zwemtoernooi zaterdag begint. En kan hij het helpen dat alles en iedereen hem de hoogte induwt en hoofdsponsor Speedo hem één miljoen dollar betaalt als hij slaagt in zijn opzet?

WWW.NRC.NL dossier Olympische Spelen