Wijs, scherp en dwars

Bernard Levin, zo schrijft The Times vandaag over zijn beroemdste columnist, was ,,productief, controversieel, hartstochtelijk, veelzijdig, gekmakend, enthousiast, soms onverantwoordelijk, altijd moedig''. Hij was ook ,,de beroemdste journalist van zijn tijd''.

De zaterdag op 75-jarige leeftijd overleden Levin is decennia lang dè vedette van de Britse kranten- en televisiejournalistiek geweest. Een hele prestatie, zeker gedurende de kwart eeuw waarin hijn niet vor massabladen, maar voor de tot voor kort serieuze Times schreef. Hij begon daar in januari 1971 (en bleef er tot hij in 1997 om gezondheidsredenen moest ophouden), maar toen, in 1971, was de in Londen geboren en in de oorlog bij de BBC werkzame Bernard Levin al algemeen bekend van zijn artikelen in het weekblad The Truth, The Manchester Guardian, de Daily Express, The Spectator en de Daily Mail – columns, maar ook toneelkritieken – zijn een jaar eerder verschenen boek The Pendulum Years, een commentaar op het Verenigd Koninkrijk van de jaren zestig, en zijn radio- en televisiewerk. Een van de bekendst gebleven episodes van de satirische serie That Was The Week That Was is die waarin de echtgenoot van een actrice, die een week eerder door Levin in The Express was afgekraakt, tot de studio doordrong en met Levin op de vuist ging. Elf miljoen kijkers waren er rechtstreeks getuige van.

Levin – liefhebber van opera en antiek – was in zijn columns wijs, origineel, recalcitrant soms, invloedrijk, grappig, scherp, geslepen zelfs. Hij begon als vurig socialist en nam zich bij zijn aantreden bij The Times voor eens goed tegen de lijn van de krant in te gaan schrijven; uiteindelijk wèrd hij een beetje The Times. Zijn tijd bij The Times werd in 1981 voor een jaar onderbroken: er was een hoofdredacteur aangetreden die Levin niet zag zitten. Na een jaar verdween de hoofdredacteur, en keerde Levin terug. De eerste zin van zijn eerste nieuwe column: ,,And another thing.''

Levin gruwde van autoritaire regimes en werd meer dan een half leven lang achtervolgd door de Holocaust. Hij was de kleinzoon van uit Litouwen geïmmigreerde joden, een kleine, iele, op het oog kwetsbare man. Het was schijn die bedroog: tijdens zijn studie – rechten – ontwikkelde Levin zich tot een fenomenaal debater, die later, op de televisie, reuzen de baas was.

Als columnist en criticus trok hij zich weinig aan van wie of wat dan ook. Liefst ging hij, als het even kon, tegen heersende modes in. Hij kon een saai toneelstuk bespreken door uitsluitend het decor te beschrijven en hij kon een column van 1500 woorden als één enkele lange zin opschrijven. Hij kon zelfs toneelstukken op rijm bespreken als hem dat zo uitkwam.

Zijn gave als columnist, volgens The Times van vandaag: het vermogen van een kwestie slechts één kant te zien.