VN presenteert explosief rapport over Oost- Congo

Alle gewapende groepen in de noordoost-Congolese regio Ituri hebben zich in de loop van 2002 en de eerste helft van 2003 schuldig gemaakt aan oorlogsmisdaden. De regeringen van Oeganda, Rwanda en Congo waren mede-verantwoordelijk omdat zij die groepen om politieke en economische redenen hebben bewapend, getraind en geadviseerd. Dat is de conclusie van een uitgebreid onderzoek van mensenrechtendeskundigen dat de Verenigde Naties gisteren naar de Veiligheidsraad hebben gestuurd.

Tijdens de gevechten in Ituri zijn ten minste 8.000 burgers gedood. Meer dan 600.000 moesten vluchten. Aan de ergste uitwassen kwam pas een eind nadat een Europese vredesmacht ruim een jaar geleden de onderbemande en krachteloze VN-militairen in de stad Bunia kwam versterken. Inmiddels is de vredesmacht van de VN in Bunia sterk uitgebreid.

Het Internationaal Strafhof in Den Haag stelt een onderzoek in naar de wreedheden in Oost-Congo, variërend van etnische moorden tot kannibalisme. Het 65 pagina's tellende rapport van de VN biedt het Strafhof een schat aan bewijsmateriaal. Het is gebaseerd op meer dan 1.600 interviews.

De gevechten in Ituri ontstonden in 1999 en waren een onderdeel van de burgeroorlog in Congo waarbij vijf buurlanden waren betrokken en die vijf jaar heeft geduurd. In totaal heeft die oorlog tussen de twee en drie miljoen slachtoffers gevergd. De strijd in Ituri had vooral de natuurlijke rijkdommen in het gebied als inzet, zoals goud en olie. De tegenstellingen tussen de achttien stammen in de regio met haar 3,5 tot 5,5 miljoen inwoners werden volgens het VN-rapport door buitenstaanders schaamteloos gemanipuleerd.

De meeste gevechten gingen tussen milities van de Lendu-stam en de Hema-stam. In totaal onderscheidt het rapport zeven gewapende groepen. Allemaal hebben ze zich schuldig gemaakt aan gruweldaden, aldus het rapport. Daarbij ging het om aanvallen op dorpen, in combinatie met systematische moordpartijen, ontvoering, verkrachting en marteling. Lendu-strijders waren ook betrokken bij verminkingen en kannibalisme, meestal onder invloed van drugs. Vrijwel alle groepen waren een schepping van de regeringen van Congo, Oeganda en Rwanda, die de milities voor hun eigen doelen gebruikten. Daarbij speelde Oeganda een hoofdrol. Oegandese commandanten waren volgens het VN-rapport betrokken bij de oprichting van vrijwel alle gewapende groepen in Ituri.