Monsterbezetting pakt goed uit

De Hongaarse dirigent Iván Fischer is vooral bekend als chef-dirigent en oprichter van het Budapest Festival Orchestra, het beste orkest van Oost-Europa. Fischer is echter ook regelmatig te gast bij verschillende Nederlandse orkesten, en staat dezer dagen voor het uitstekende Gustav Mahler Jugendorchester, dat behoort tot de beste onder de internationale jeugdorkesten.

Met ruim tachtig strijkers en een totaal aantal jonge musici van ruim 135 is dit orkest uiterlijk een apparaat met de omvang van mastodont, maar Fischer zorgde er gisteravond in de serie Robeco zomerconcerten van het Amsterdamse Concertgebouw voor dat de grootte zo min mogelijk ten koste ging van de transparantie.

Daarbij werden de positieve aspecten van de monsterbezetting uitstekend uitgespeeld. Twaalf contrabassen over de volle breedte van het podium vormden zowel visueel als akoestisch een ronkend klankfundament. En voor een optimale dialoogfunctie zaten de eerste en tweede violen elk aan weerszijden vooraan.

Mahlers Derde is met een duur van ongeveer een uur en drie kwartier zijn langste symfonie. Alleen al het eerste deel (45 minuten) eist een enorme breedte en spanning in de opbouw – van de woeste ademtochten waarmee de natuurgod Pan de aarde nieuw leven inblaast tot de zomerse sferen daarna.

Fischer bepleit een kamermuzikale manier van orkestraal musiceren en zette zich ook nu zeer alert in voor verfijning en exactheid in een maat voor maat zeer partituurgetrouwe uitvoering. Het martiale tussenspel van de Erste Abteilung hield hij bewonderenswaardig klein en stipt, en ook de vloeiende elegantie van het `tempo dit menuetto' (,,Was mir die Blumen auf der Wiese erzählen'') verried noeste arbeid wat betreft samenspel en dynamiek.

Het Gustav Mahler Jugendorchester is opgebouwd uit gevorderde conservatoriumstudenten, en in sommige soli of de ensembleklank van de kopergroepen ontbeerde het het raffinement van een professioneel toporkest. Maar de glans die hier werd bereikt in het derde deel en vooral in het aangrijpende, gedragen en berustende slotdeel (,,Was mir die Liebe erzählt'') ademde professionele allure.

De zeer warme, lage Franse alt Nathalie Stutzmann maakte diepe indruk met haar pure en ingetogen weergave van het O Mensch! Gib Acht! – zoals dat eerder ook al het geval was bij het Concertgebouworkest onder Chailly.

Voorbeeldig zongen ook de dames van het Groot Omroepkoor en het uit rijpe tienermeisjes samengestelde `kinderkoor' Miraculum, waardoor het contrast tussen kinder- en damesstemmen merkwaardig klein was.

Vanavond zijn het Gustav Mahler Jugend Orchester en Iván Fischer opnieuw in het Concertgebouw te gast, dan voor een programma met Bruckners Zevende symfonie.

Concert: Gustav Mahler Jugendorchester, Dames Groot Omroepkoor, Kinderkoor Miraculum onder leiding van Iván Fischer met medewerking van Nathalie Stutzmann (alt). Programma: Mahler, Derde symfonie. Gehoord: 8/8 Concertgebouw, Amsterdam.