Strijd Irak laait op rond heilig Najaf

De strijd in de Iraakse stad Najaf tussen Amerikaanse troepen en aanhangers van de radicale shi'itische geestelijke leider Muqtada al-Sadr heeft de afgelopen twee dagen naar schatting 300 Iraakse levens gekost.

Dat heeft de Amerikaanse luitenant-kolonel Gary Johnston gisteren verklaard. De Amerikanen zouden drie doden en twaalf gewonden hebben geïncasseerd. Woordvoerders van al-Sadr betwistten de Amerikaanse cijfers.

Eergisteren laaiden op verschillende plaatsen in Irak gevechten op tussen de Islamitische milities van Muqtada al-Sadr en Amerikaanse militairen en veiligheidstroepen uit andere landen. In Nasiriya raakten Italiaanse militairen slaags met aanhangers van al-Sadr, terwijl er in de hoofdstad Bagdad ook gevechten waren. In de wijk die bekend staat als Sadr City omdat er zoveel symphatisanten van de geestelijke wonen, vielen zeker 19 doden en 111 gewonden.

In de zuidelijke stad Basra kwamen de Britten in botsing met de militie van al-Sadr. Een politiebureau werd getroffen door zes mortieren. Volgens een plaatselijke woordvoerder van al-Sadr zijn vijf Iraakse strijders gedood. Hij kondigde een verheviging van de gevechten aan na het vrijdaggebed.

De gevechten van eergisteren in de heilige stad Najaf waren de hevigste sinds de opstand van al-Sadrs aanhang in april en mei. Een groot deel van de strijd speelde zich af rond de mausoleums en kleine grotten op de oude shi'itische begraafplaats, de grootste in de arabische wereld en een populair toevluchtsoord voor de strijders van al-Sadr. De straten van Najaf waren gisteren zo goed als verlaten, de winkels waren dicht en rookwolken hingen over delen van de stad. De gouverneur van Najaf riep de rebellen op om de stad te verlaten.

Met de nieuwe aanvallen schendt de geestelijke het staakt-het-vuren dat hij in juni afsprak met de coalitietroepen. In een oproep die gisteren namens al-Sadr werd voorgelezen in de Kufa-moskee vlakbij Najaf gaf de geestelijke de Verenigde Staten de schuld voor alle geweld in Irak. Hij bekritiseerde ook de interimregering die Amerika ,,onze partner'' heeft genoemd. ,,Ik zeg dat Amerika onze vijand is en de vijand van het volk. Wij zullen dit bondgenootschap niet accepteren'', aldus al-Sadr.

Zijn woordvoerders riepen de Iraakse interimregering op om te interveniëren en een eind te maken aan de Amerikaanse aanvallen. Maar de regering liet gisteren weten dat ze de onafhankelijke milities niet zal tolereren. De milities ,,worden beschouwd als criminele en terroristische organisaties die wij niet kunnen goedkeuren en die wij zullen bestrijden'', zei een woordvoerder van premier Ayad Allawi.

De minister van Binnenlandse Zaken zinspeelde er eerder op dat de overgangsregering de noodtoestand zal afkondigen in delen van Irak. De tijdelijk eerste minister van het Arabische land zal daarover naar verluidt vandaag een besluit nemen.