Priester 1

Aan de broeders van de Onbevlekte Ontvangenis' (Een priester is niet van plastic, in Z, 31 juli) moet ik al járen denken. Ik heb namelijk bij deze broeders op school gezeten, op de St. Vitusschool in Bussum. In de zesde klas, elf jaar zal ik geweest zijn, kwam ik in de klas bij broeder R.. `Het lievelingetje van de broeder' heette het, als ik ná mocht blijven om de karweitjes te doen. De karweitjes werden altijd `beloond' met wat gedoe en gefriemel.

Broeder R. schroomde niet zijn hand in mijn korte broekspijpen te doen als ik dicht bij hem mocht komen staan, n.b. vóór de klas. Hij vroeg me om haarlokken als ik naar de kapper zou gaan. Die nam ik dan ook echt voor 'm mee!

Ik voelde me heel ongemakkelijk met de situatie en kon er gelukkig thuis over praten. Op een dag – ik was al naar de Mulo en zat niet meer in zijn klas – sprak ik hem aan omdat hij op de speelplaats een jongen achterna zat. ,,Kom jij maar eens mee'', was zijn antwoord en ik volgde hem naar een ruimte waar o.a. landkaarten waren opgeslagen. Daar hurkte hij voor me en vroeg of ik mijn broek – ,,van voren'', zei hij, weet ik nog – wilde openmaken. Ik schrok, gooide hem achterover en vluchtte de kaartenkamer uit. Hij riep me na: ,,Ik krijg je nog wel.''

Ik heb het meteen mijn moeder verteld. Die belde mijn vader op zijn kantoor in Amsterdam. Mijn vader ging onmiddellijk naar het klooster en vertelde het de overste. Broeder R. werd uit de klas gehaald en kwam niet meer terug. Overgeplaatst, hoorde ik later. Kan-ie het ergens anders weer doen, dacht ik meteen.

Dan was er nog broeder L., die overleed en opgebaard lag. Ik liep met andere leerlingen langs de baar en dacht: ,,Daar hoef ik nu nóóit meer bij op schoot.'' Zo ook zo bij broeder F.

Als kind heb ik gezworen dat mijn zonen nóóit op een broederschool zouden hoeven. Zover is het niet gekomen: ik ben inmiddels 66 jaar en een tevreden en gelukkig levende homo (dáár kunnen die broeders niks aan doen) en ik heb géén kinderen. Ik wijt het gedrag van de broeders aan het onmenselijke celibaat.