Piraten in Boston

Tussen bloggers, Falun Gong-Chinezen en huismoeders in Uncle Sampakken: een Nederlands-Amerikaanse cameraman op de Democratische Conventie.

We bivakkeren op een treinstation, in tenten ter grootte van balzalen die zijn opgezet over de rails. Verslaggevers, editors, cameramensen, in totaal zo'n vijftienduizend werkmieren uit de hele wereld. Een week lang worden we dreigend aangestaard door een treinstel. De schim van Al-Qaeda waart rond op deze Conventie. In het voorbijgaan hoor ik verschillende Democratische gedelegeerden er prat op gaan dat ze de moed hebben gehad naar Boston te komen. Het congres danst, maar met angst in de benen.

De zorg over een aanslag vormt ook een excuus om demonstranten te isoleren in een dubbel betralied hok ter grootte van een basketbalveld. Ongehoord en ongezien mogen ze protesteren. Een vreemd allegaartje, van zwijgzame Falun Gong-Chinezen tot tierende anti-abortusactivisten met levensgrote foto's van uit elkaar geknipte foetussen. Een paar activisten protesteren sporadisch tegen de invasie van Irak. Jon Snow, een oude rot van het Britse Channel Four News, merkt hoofdschuddend op: ,,Het lijkt wel of de hele oorlog al verleden tijd is.''

Op de bovenste rij van de conventiehal lichten de schermen op van tientallen laptops. Op Bloggers Boulevard voegen cyber-columnisten hun commentaar instant toe aan het internet. Met de blogs (logboeken op het web) lokken ze discussies uit tussen hun lezers. Het is de eerste keer dat ze zo nadrukkelijk op een politieke conventie aanwezig zijn en als pers erkend zijn. Bij navraag blijken verschillende bloggers gefinancierd te worden uit de Democratische partijkas. TalkLeft.com claimt een lezersschare van tien- tot twintigduizend per dag. TalkLeft blijkt te bestaan uit een vrouw, Jeralyn Merritt. Ze ziet eruit als een rockster en heeft flikkerende lichtjes in het haar. Voor de kost runt ze een advocatenpraktijk gespecialiseerd in mensenrechten. ,,Je hebt bloggers die over hun kat schrijven. Mijn belangstelling ligt in misdaad, terreur en oorlog.'' Als ik haar kom filmen, heeft ze net een serie zelfgemaakte foto's op haar website gepubliceerd van de demonstrantenkooi. ,,Ik zit hier te schrijven als cheerleader voor de Democraten. Ik ben geen onpartijdige journalist. Ik spoor mijn lezers aan te gaan stemmen. Maar die gevangeniskooi voor demonstranten is verschrikkelijk. Worden wij Democraten niet geacht de wereld te laten zien wat vrijheid is? En kijk hoe we met dissidenten omgaan!''

In de opmars naar de Conventie, toen Kerry nog te maken had met rivalen in de Democratische partij, leidden de bloggers tot grote onenigheid in zijn team. Kerry's grootste Democratische rivaal, Howard Dean, stond op winst dank zij een grass roots campagne waarbij een leger van bloggers veel donaties wist los te maken en Dean naar voren schreef als de kandidaat van links en jong. Kerry bleef lang weifelen, maar ontsloeg uiteindelijk zijn campagneleider en recruteerde vervolgens zijn eigen bloggers. Inmiddels maakt ook het Bush-kamp gebruik van de cyberguerrilla-beweging, al is het aantal gepassioneerde bloggers van rechts duidelijk kleiner. De Republikeinse partij heeft inmiddels laten weten tien tot twintig bloggers te zullen toelaten tot de Republikeinse Conventie, eind augustus. Ook CNN is in onderhandeling om een aantal bloggers aan hun website te verbinden.

Wie de blognetwerken een tijd volgt, ziet dat ze vooral de mainstream-media schaduwen – ze geven achtergronden over interne redactionele affaires bij de grote media en wijzen op de manipulatieve berichtgeving van de televisienetwerken. Daarbij verwijzen bloggers ook weer naar elkaar en breken regelmatig in op elkaars websites met commentaar op commentaar. Het Droste-effect. Ik raak in discussie met Ezra Klein van Pandagon.net, een hartelijke student, nog rapper pratend dan schrijvend. Dreigt bloggen de wereld van het nieuws te fragmenteren? Preekt niet elke blogger voor zijn eigen kleine kerk van gelijkgezinden?

Ezra ontkent niet dat er een soort inteelt bestaat, maar betoogt dat ze een horzelfunctie hebben voor de mainstream media. ,,Als wij iets op het net gooien, moeten ze het wel checken. We zijn al een tijd lang aan het schrijven over de manipulaties om demonstranten te weren bij de Republikeinse conventie. Daar kunnen we nieuws over maken omdat we direct in contact staan met de protestbewegingen. Vervolgens zie ik de New York Times het oppikken en erover publiceren. We zijn de piraten die de media op de hielen zitten – vaak ook een soort geweten vormen. En soms voegen we een sentiment toe dat je niet in kranten kunt vinden. Zoals vanavond, toen Clinton sprak en zei dat hij en Bush zich onder de dienst in Vietnam wisten uit te werken, maar rijkeluiskind Kerry ervoor koos om te gaan. Als Clinton daar zo eerlijk voor uitkomt dan schrijf ik daar op hetzelfde moment een stukje over, from the heart. Lezers waarderen die spontaniteit. Mijn blogs geven hun het gevoel erbij te zijn.''

Op zoek naar het gevoel van de gedelegeerden, de 4.353 afgevaardigden die hier hun presidentskandidaat moeten nomineren. Ze zijn op eigen kosten uit Amerika's 52 staten gekomen. Huismoeders, onderwijzers, vakbondsleiders en plaatselijke partijbonzen. Vaak buitenissig uitgedost voor de gelegenheid, met gigantische zelfgemaakte carnavalshoeden, Uncle-Sam-kostuums en T-shirts met krijgskreten. Eigenlijk zouden ze zich over de politieke agenda van de partij moeten buigen. Maar het gaat er meer dan ooit om de eenheid van de Democratische partij te tonen. De zwevende kiezers, zo'n tien tot vijftien procent, zouden in het ideologische midden zitten. Dus geen openlijke kritiek op Bush en ook Irak is taboe. Een Sloveense correspondent die probeert een paar gedelegeerden aan de praat te krijgen, moppert: ,,het is hier nog erger dan ons vroegere Politburo.'' Temidden van gezellig hossende gedelegeerden in de rij voor McDonald's lees ik het overlijdensbericht van Fred LaRue. LaRue was een geheimzinnige politieke consultant die in opdracht van de Republikeinse president Nixon de inbraak in Watergate leidde, toen het centrum van de Democratische partij. Het schandaal werd geopenbaard door de journalisten Bob Woodward en Carl Bernstein van de Washington Post. Hun bron was een insider die zij Deep Throat noemden. Er wordt nog steeds verondersteld dat het LaRue was. Het carnaval van de conventie doet haast vergeten welke enorme belangen hier op het spel staan.

De airconditioning in het gebouw heeft mijn verkoudheid in een griep omgezet en ik sleep me de volgende avond van het tentenkamp naar de skybox op de zesde verdieping. In de lift vraagt Richard Dreyfuss, een van de vele acteurs die uit Hollywood zijn overgekomen, zijn pr-agent wat hij in godsnaam moet zeggen in interviews. Just be yourself! Als we uit de lift komen, worden we opzij gedrongen door een meute fotografen en verslaggevers met Michael Moore in het middelpunt. Een dagelijks weerkerend tafereel.

John Edwards lijkt op een enthousiaste aardrijkskundeleraar op een high school uit de jaren vijftig. Een vastgevroren grijns, het haar zorgvuldig vast geföhnd in een boogje. Maar vanuit de skybox, iets opzij gelegen van het podium, zie ik hoe de democratische kandidaat voor het vice-presidentschap zich door z'n aanvaardingsspeech heenbijt. Z'n gezicht staat moe en gespannen – in tegenstelling tot Kerry heeft hij de laatste dagen nog in een moordend tempo dwars door Amerika de ene na de andere stump speech afgeleverd. Vanavond is het grootste moment in het leven van een man die zich als een van de weinige politici erop kan beroemen een echte working class hero te zijn. Z'n ouders zitten er witjes en weggetrokken bij.

Hij racet door zijn speech, soms haast mechanisch. Maar het is de eerste keer deze week dat ik iets hoor dat me roert. Als blanke politicus uit het Zuiden noemt Edwards zichzelf verantwoordelijk voor de discriminatie die maakt dat het overgrote deel van zwart Amerika nog steeds tot een onderklasse behoort. Hij hamert op de wantoestand dat miljoenen Amerikanen nog steeds niet verzekerd zijn, dat het schoolsysteem gesegregeerd blijft naar ras en sociale klasse, dat veel Amerikanen die tachtig uur per week sloven in twee, drie banen nog steeds te weinig verdienen om de huur te betalen. Als er dan iets mis gaat, je kind is ziek of de uitlaat valt onder je auto vandaan, dan zit je muurvast.

And what's the first thing to go.

Your dreams.

Van John Kerry had ik willen horen: I will bring the troops home! Maar Kerry's speech biedt weinig soelaas aan de families wier zonen of dochters in Irak dienen. In interviews had hij al laten doorschemeren dat ook onder zijn bewind de troepen mogelijk nog jaren vastzitten in Irak.

In de hal van de vierde verdieping van het stadion is een fototentoonstelling ingericht. Je ziet Kerry als jonge student, met elektrische gitaar en met een toen nog puntiger kin vooruit in studentendebatten. Zeilen met de Kennedy's. Foto's van Kerry als jonge luitenant in Vietnam. Een kwaad kijkende Kerry die als veteraan in '71 getuigt voor de Senate Foreign Relations Committee over de Amerikaanse oorlogswandaden in Vietnam, een verklaring die hem de eeuwige vijandschap van enkele maten opleverde.

Maar de foto die boekdelen spreekt hangt wat apart. In een hotelkamer strikt Kerry zijn das, terwijl zijn twee dochtertjes er wat wezenloos bijzitten. Het onderschrift vermeldt dat het de avond van zijn verkiezing tot senator was, in 1984. Kerry ziet er gelaten en vermoeid uit. De dochters kijken uit het raam de nacht in. Het is een momentopname van het leven van de beroepspoliticus als handelsreiziger. En in de foto zie je ook Kerry's kracht, een zekere onverschilligheid die vaak voor arrogantie wordt versleten. Verlies zweept hem op, winnen doet hem niet veel.

Maandagochtend word ik uit bed gebeld door de Duitse tv. Ze hebben beelden nodig van de politiebewaking van Wall Street en de bank Citicorp. Washington heeft een Orange Alert uitgevaardigd. Politiecommissaris Kelly laat later in de dag weten dat het alarm mogelijk is gebaseerd op vage, jarenoude informatie. Probeert de regering Bush de Amerikanen weer tot de orde te roepen, mochten ze na deze week van conventie-publiciteit denken dat Kerry hun bestaan beter zou beschermen? Op de vraag in een recente opiniepeiling wie van de twee het best in staat is terrorisme aan te pakken, scoort Bush nog steeds anderhalf keer beter dan Kerry (41 tegen 28 procent). God bless America. En de beurs stijgt.