Ouderen lijden aan nog vrijwel onbekende ziekten

De groeiende aantallen zeventigers en tachtigers in de westerse wereld lijden aan nog vrijwel onbekende ziekten. Die nieuwe ziekten worden vaak als `normale veroudering' afgedaan en blijven onbehandeld. De overheid en veel artsen denken ten onrechte dat ouderen vooral medische zorg nodig hebben. Kennis en geld moeten worden geïnvesteerd in onderzoek naar die nieuwe ziekten zodat er behandelingen voor kunnen worden ontwikkeld.

Dat zegt gerontoloog Rudi Westendorp, hoogleraar verouderingsonderzoek aan het Leids Universitair Medisch Centrum, vandaag in het maandblad M van NRC Handelsblad. Westendorp noemt als voorbeeld het verschijnsel dat ouderen stijf, stram en zwak worden. ,,Geen gewoon ouderdomsverschijnsel'', volgens Westendorp, maar een ziekte, sarcopenie genaamd. ,,We kunnen er nog niks tegen doen, maar we beginnen het te begrijpen.''

,,Vergelijk het met de tijd voor de antibiotica, toen artsen mensen met een infectieziekte niet konden genezen. Dokters realiseren zich onvoldoende dat ze bij de toenemende aantallen ouderen medisch-technisch vaak met lege handen staan. Dat ze niet weten wat die mensen mankeert. Artsen van nu weten vooral veel van de ziekten die op middelbare leeftijd ontstaan. Ze denken dat hun kennis ook wel op hoge leeftijd van toepassing zal zijn. Maar dat is helemaal niet zo.''

Voorbeelden van ziekten die als veroudering worden afgedaan schudt Westendorp uit zijn mouw. ,,Presbiacusis, ofwel ouderdoms- doofheid. We weten er weinig van, behalve dat ouderen massaal aan het gehoorapparaat gaan en daar niet tevreden over zijn. Laten we er eens achter komen waardoor het ontstaat, zodat we er iets aan kunnen doen. Maar dokters en subsidiegevers reageren er weigerachtig op. Ze vinden het normale veroudering. Maar stel dat er een medicijn is dat je op je tachtigste moet gaan slikken om op je negentigste niet doof te worden. Is ouderdomsdoofheid dan nog steeds normale veroudering? Nee, dan gaat men het als een ziekte beschouwen.'' Ook vergeetachtigheid is geen normale achteruitgang, zegt Westendorp. ,,Er zijn mensen van honderd die nog zo helder zijn als wat. Het is niet zo dat er een wekkertje in je zit dat op je negentigste afgaat en je hersenen in een tragere stand zet.''

OUDERDOM: maandblad M