Nee, het waren niet de Grieken

Is er al een waardige opvolger van Bertrand Russells bestseller Geschiedenis van de westerse filosofie? Aan een nieuw, toegankelijk en populariserend overzicht is zeker behoefte. Russells boek is intussen meer dan zestig jaar oud; bovendien stikt het van de fouten en is het soms al te partijdig, met name waar Russell andermans werk afkraakt om zijn eigen logische en filosofische doctrines beter aan de man te kunnen brengen. Ook een in Nederland veelgebruikt overzicht als Hans Joachim Störigs Geschiedenis van de filosofie heeft zo zijn tekortkomingen. Het presenteert bijvoorbeeld de rabiate christenhater Friedrich Nietzsche als in het diepst van zijn ziel een `hartstochtelijk, heldhaftig en wanhopig christen'.

Anthony Gottliebs The Dream of Reason, inmiddels vertaald als De Droom der rede, is gepresenteerd als een nieuw, fris en bijdetijds overzicht van het ontstaan en de ontwikkeling van de wijsbegeerte – van de Grieken tot de Europese Renaissance –, dat eerdere geschiedenissen achterhaald en overbodig maakt. Nu prijzen uitgevers wel vaker hun boeken in extatische termen aan; maar dit enorme enthousiasme werd gedeeld door de recensenten van onder meer de New York Review of Books en het Times Literary Supplement.

Nu is het waar dat Gottlieb, geschoold als journalist, weinig last heeft van Bertrand Russells verborgen filosofische en religieuze agenda's. Hij probeert zijn onderwerp te benaderen als een onderzoeksjournalist, die zich vooral beroept op de teksten van de filosofen zelf, en voortdurend de filosofische volkswijsheden in twijfel wil trekken. Zijn uitgangspunt daarbij is dat filosofie minder een duidelijk afgebakende discipline is dan een nieuwsgierige instelling en een halsstarrige poging tot helder denken. Dat is geen erg originele visie, maar wel een juiste: filosofie als zelfstandig academisch vakgebied heeft zich pas omstreeks 1800 kunnen vestigen met en dankzij het werk van Kant en Hegel, en mede als gevolg van de Duitse universitaire hervormingen van de negentiende eeuw.

Gottlieb gaat bovendien grotendeels voorbij aan secundaire bronnen, en dat komt de leesbaarheid van zijn overzicht ten goede. Hij citeert veel uit de overgeleverde geschriften van de grote denkers, en herhaalt met verve de anekdotes en moppen die al vanaf de Oudheid over hen de ronde doen.

Maar wie het filosofische onderzoek van vandaag negeert, loopt het risico in de vooroordelen van gisteren te vervallen. Helaas is dat precies wat Gottlieb overkomt. Hij presenteert nergens radicaal nieuwe visies of verrassende perspectieven, en lijkt voornamelijk de gangbare, overbekende interpretaties te herkauwen van filosofen en hun werk. Ook maakt hij zich onvoldoende vrij van hedendaagse opvattingen van begrippen als rede, natuur en wetenschap; moderne noties die domweg niet goed passen op de Griekse begrippen van, respectievelijk, logos, phusis en sophia. Zo stelt hij Pythagoras en zijn volgelingen voor als een vroege groep wiskundigen die nog teveel leunen op de oude natuurfilosofen. De classicus Walter Burkert heeft echter al in de jaren zestig van de vorige eeuw duidelijk gemaakt dat de vroege Pythagoreeërs eerder een religieuze gemeenschap waren dan een club wetenschappers, en dat bovendien de wetenschappelijkheid van Pythagoras' werk niet moet worden overdreven. Zulke kanttekeningen ontbreken in Gottliebs overzicht, en dat terwijl hij Burkert nota bene in het nawoord bedankt voor zijn commentaar.

Hier spelen dus toch de opinies van de auteur een rol. Sommige van Gottliebs opvattingen kun je nog lezen als noodzakelijke correcties op Bertrand Russells dikwijls gepeperde meningen. Pijnlijker wordt het echter wanneer hij de fouten van zijn voorganger overneemt. Zo schrijft Russell ten onrechte dat Boethius (480-524) in zijn immens populaire en invloedrijke Vertroosting van de wijsbegeerte in proza spreekt en dat vrouwe Philosophia hem in versvorm antwoordt. Gottlieb neemt het domweg over, hoewel één blik op de eerste bladzijde van de Vertroosting hem uit de waan had kunnen helpen.

Verder heeft Gottlieb beduidend minder aandacht dan Russell voor de historische omstandigheden waarin de verschillende denkers werkten. De opkomst van de sofisten bijvoorbeeld verklaart hij vooral uit een vermeende Atheense voorliefde voor stevige woordenwisselingen. Maar veel belangrijker is het feit dat de sofisten voorzagen in een schreeuwende behoefte van de radicale Atheense democratie, waarin de meest overtuigende spreker het pleit kon winnen in rechtszaken en politieke kwesties. Tegen die achtergrond markeerden de sofisten ook een verschuiving van natuurfilosofische speculaties naar vragen van wet, politiek en moraal. Gottlieb komt echter niet veel verder dan een vrij conventionele visie op de sofisten als pragmatisten die het ware met het nuttige vereenzelvigden, en als relativisten die in de mens de maat van alle dingen zagen.

Ook op een ander belangrijk punt markeert Gottlieb een stap terug ten opzichte van Russell. Die was nog zo voorzichtig zijn geschiedenis expliciet tot de westerse traditie te beperken; bovendien wijdde hij aan de islamitische filosofie één apart hoofdstuk, dat weliswaar kort en inadequaat is, maar toch. Gottlieb daarentegen stelt zonder nadere uitleg de geschiedenis van `de' filosofie weer voor als een puur westerse aangelegenheid. Dat is niet modern, maar juist een terugval in een ouderwets vooroordeel dat de geschiedschrijving van de filosofie al tweehonderd jaar teistert. In Indiase, islamitische en Chinese tradities werd net zo rigoureus nagedacht en geargumenteerd, en werd net zo systematisch getheoretiseerd over de logische geldigheid van redeneringen, als in de Griekse. Dit mondiale karakter van de filosofie wordt in eigentijds onderzoek erkend, en is in de hedendaagse geglobaliseerde wereld overigens allerminst een zuiver academische kwestie. Kortom, Gottliebs boek geeft lezers vooralsnog geen aanleiding om hun beduimelde en uiteengevallen exemplaar van Russells overzicht naar de ramsj te brengen.

Anthony Gottlieb: De droom der rede. Een geschiedenis van de filosofie van de Grieken tot de Renaissance. Ambo/Anthos, 464 blz. €34,95