`De toestand in de Gazastrook wordt ondraaglijk'

De Gazastrook staat pat, zowel economisch als politiek. Onder de Palestijnen groeien angst en woede. Jongerenleider Abdelhakim Awad hekelt `de politieke koers en de corrupte praktijken van de oude garde'.

Plotseling sluiten Israëlische tanks en bulldozers de enige weg af die nog open is voor inwoners van Gaza-Stad die naar het zuiden willen. Veel Palestijnen wijken uit naar de kust om via het strand de wegblokkade te omzeilen en zo naar Rafah of Khan Younis te komen. Dan duikt een Apache-gevechtshelikopter op. Mitrailleurvuur weerklinkt. Een vrouw stort zwaargewond neer. De lange kolonne op het strand stuift uiteen. De route naar het zuiden is dicht, helemaal.

De volgende morgen ligt er alleen nog een berg zand over de weg. De tanks en bulldozers zijn verdwenen. De weg naar het zuiden is open, Ya'Allah!

Het is dagelijkse kost in de Gazastrook. Onder druk van de aanhoudende Israëlische aanvallen en het onderlinge geweld kunnen de Palestijnen geen kant meer uit. Ze zijn bang en boos tegelijk. Het geweld, de verwoestingen, de vertwijfeling, de uitzichtloosheid en de armoede. Wordt het een burgeroorlog? Zal Israël zich werkelijk terugtrekken uit de Gazastrook? Wie krijgt het dan voor het zeggen?

De Gazastrook staat pat, zowel economisch als politiek. Israël dringt de Gazastrook in een onleefbare positie, een grote gevangenis met in het beste geval een goedkope arbeidsreserve.

Op elke daad van vezet, elke mortiergranaat richting joodse nederzetting, volgt een genadeloze collectieve afstraffing.

Neem Beit Hanoun in het noorden van de Gazastrook, vlak bij de Erez Crossing, al wekenlang het toneel van Israëlische zuiveringsacties. Systematisch worden alle olijf- en citrusbomen ontworteld die na eerdere invallen nog overeind stonden, en alle huizen met de grond gelijk gemaakt die te dicht bij de weg of bij de Israëlische posities en nederzettingen staan.

Of neem Rafah, aan de zuidgrens, waar aan Egyptische zijde meer dan 2.500 Palestijnen wekenlang vastzaten. De grens ging 18 juli dicht als onderdeel van vergeldingsacties voor drie aanslagen door de moslimextremistische Hamas die aan veel Israëlische soldaten het leven hadden gekost. De VN-vluchtelingenorganisatie sprak deze week van een ,,humanitair probleem''. Vanmorgen is de grens heropend.

Is het verwonderlijk dat de bevolking weinig geloof hecht aan de aangekondigde terugtrekking van de Israëlische troepen van de Gazastrook die zich steeds dieper ingraven en hogere en dikkere betonmuren oprichten rond hun wachtposten en wegblokkades – allemaal ter bescherming van 7.000 joodse kolonisten?

Alleen al de mogelijkheid van de Israëlische terugtrekking heeft de spanning hoog doen oplopen, vooral binnen de regerende Fatah-beweging van Yasser Arafat, de president van de Palestijnse Autoriteit. Maar voorlopig lijkt de machtsstrijd tussen Arafat en zijn eerste minister Qurei over de controle over de vele Palestijnse veiligheidsdiensten bezworen.

Dat is ook om een andere reden van betekenis. Want deze veiligheidsdiensten vormen tezamen met het overheidsapparaat niet alleen de grootste werkgever, maar de facto de enige werkgever, want de economie ligt nagenoeg volkomen lam. Voor een baan bij de Palestijnse Autoriteit – een vast inkomen, hoe schamel ook – plegen gewapende groepen desnoods geweld. Aan de ene kant is er de onmacht van Arafat om deze gewapende groepen, inclusief zijn eigen ordediensten, te controleren. Aan de andere kant is er de zekerheid van grauwe armoede en verpaupering voor baanlozen.

De toestand is dermate precair dat autonome groepen zoals de Abu Rish-brigade, een splinterorganisatie binnen de Al-Aqsa Martelaren Brigade, tot gewelddadige acties overgaan om benoemingen te verdedigen. De bezetting van het regeringsgebouw in Khan Younis was er een voorbeeld van. Gemaskerde bezetters van de Abu Rish-brigade eisten intrekking van het ontslag van enkele politie-agenten die de laan uit waren gestuurd omdat ze lid zouden zijn van militante organisaties. Arafat zag zich genoodzaakt hun politiebadges terug te geven. Een paar dagen later werd de leider van de actie door het Israëlische leger vermoord.

Ook de jongerenorganisatie van de Fatah-beweging, Shabiba-Fatah, heeft veel kritiek op de leiding van Fatah en de Palestijnse Autoriteit. Voorzitter Abdelhakim Awad hekelt ,,de politieke koers en de corrupte praktijken van de oude garde''. Awad: ,,Wij zijn tegen geweld en we willen vooral geen burgeroorlog. Maar de toestand is ondraaglijk aan het worden. De Autoriteit luistert naar niets of niemand. Daarom hebben wij samen met de Al-Aqsa Martelaren opgeroepen om te betogen voor hervormingen en nieuwe verkiezingen.''

Maar veel Palestijnse leiders wijzen verkiezingen onder de huidige omstandigheden van de hand. Awad: ,,Zij hebben onder de Israëlische bezetting wel ingestemd met de parlements- en presidentsverkiezingen van 1996. Kennelijk is het voor democratie binnen Fatah en vernieuwing van de top altijd te vroeg. De oude garde wil gewoon aan de macht blijven. Niemand, ook Mohammed Dahlan [de onlangs door Arafat ontslagen veiligheidschef die sindsdien onder de Palestijnen in de Gazastrook is uitgeroeid tot een van diens grootste criticasters, red.] niet, mag roet in het eten gooien.''