Uitbreiding vredesmissie in Darfur

De Afrikaanse Unie wil zes keer zoveel militairen naar de west-Soedanese regio Darfur sturen als aanvankelijk was voorzien. Ook wil ze de taak van de missie aanzienlijk uitbreiden.

Dat heeft de organisatie gisteren in de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba bekendgemaakt.

In de Soedanese hoofdstad Khartoum demonstreerden gisteren tienduizenden mensen tegen een Westerse interventie in Darfur, al dan niet op gezag van de Verenigde Naties.

De Afrikaanse Unie was aanvankelijk van plan driehonderd militairen naar Darfur te zenden om de veiligheid te garanderen van de tachtig waarnemers die de organisatie al eerder had gestuurd en die op de naleving van een staakt-het-vuren tussen regering en rebellen moeten toezien. Maar de Unie wil van de waarnemersoperatie nu een echte vredesmissie maken.

De Afrikaanse militairen zouden ook ook de kampen moeten beschermen waar rebellen en door de regering gesteunde Arabische milities zouden moeten demobiliseren. Alleen al hun aanwezigheid zou de kans van verdere aanvallen op de burgerbevolking moeten verminderen. De eerste troepen zouden al midden deze maand kunnen arriveren. Rwanda en Nigeria hebben ieder duizend militairen toegezegd.

Secretaris-generaal van de Verenigde Naties Kofi Annan stuurt een militair team onder leiding van de Nederlandse militair adviseur Patrick Cammaert naar Ethiopië om de Afrikaanse Unie bij het opzetten van de vredesmissie te helpen. De Verenigde Staten en Nederland hebben beloofd de kosten te dragen van het transport van de Afrikaanse militairen naar Darfur.

De Soedanese regering heeft geen moeite met de aanwezigheid van Afrikaanse vredeshandhavers op haar grondgebied maar verzet zich fel tegen een Westerse interventie. De demonstratie gisteren in Khartoum tegen buitenlandse bemoeienis was door de regering georganiseerd. Demonstranten kondigden een heilige oorlog tegen eventuele Westerse aggressors aan. Een hooggeplaatste vertegenwoordiger van de regeringspartij waarschuwde de Westerse leiders Bush en Blair dat een aanval op Soedan zou betekenen dat ze ,,in een derde moeras belanden, na Afghanistan en Irak''.

De speciale VN-gezant voor Soedan, de Nederlandse ex-minister Jan Pronk, zei gisteren in Khartoum dat er in Soedan verwarring is ontstaan over de resolutie die de Veiligheidsraad van de VN vorige week vrijdag heeft aangenomen. Daarin wordt geëist dat de Soedanese regering binnen dertig dagen substantiële vooruitgang laat zien bij de ontwapening en vervolging van de Arabische milities die verantwoordelijk worden gehouden voor het vermoorden en verjagen van de Afrikaanse bevolking van Darfur. Anders zouden zware sancties dreigen. Een militaire interventie werd in verschillende Westerse hoofdsteden als een van de mogelijkheden genoemd.

Maar volgens Pronk is het vrijwel zeker dat Soedan aan het ultimatum voldoet. De regering heeft het aantal politiemensen in de westerse regio al sterk uitgebreid en het leger is gestopt met de eigen operaties tegen dorpelingen in het gebied. Alle beperkingen die de hulpverlening de afgelopen maanden bemoeilijkten, zijn opgeheven en de veiligheid in de vluchtelingenkampen is sterk verbeterd. De regering heeft beloofd dat volgende week een eerste begin met ontwapening kan worden gemaakt.

Pronk zegt dat onmogelijk van de regering kan worden geëist dat ze de problemen in Darfur binnen dertig dagen oplost en dat de Veiligheidsraad dat ook nooit heeft gevraagd.

Volgens de Verenigde Naties heeft het geweld in Darfur sinds middenvorig jaar aan 30.000 mensen het leven gekost. Zeker 1,2 miljoen zijn verdreven. Zo'n 200.000 mensen hebben in het buurland Tsjaad een veilig heenkomen gezocht.