Burgerschap moet sterker omschreven zijn

In de artikelen van Roel Janssen (15 juli) en Froukje Santing (17 juli) over het Human Development Report van het UNDP wordt gesteld dat het UNDP impliciet stelling neemt tegen het inburgeringsbeleid zoals het Nederlandse kabinet dat voorstaat. Want, ,,de VN-organisatie stelt vast dat de instroom van migranten onmisbaar blijft om de omvang van de werkende bevolking op peil te houden''.

Zou het niet wenselijk zijn, als het om werkende migranten gaat, om selectiecriteria op te stellen, zoals dat bij ieder bedrijf gebruikelijk is? De NRC Handelsbladredactie neemt toch ook geen ongeschoolde mensen uit het Rifgebergte of de achterlanden van Turkije aan?

In een wereld die volgens het citaat gekenmerkt wordt door een steeds grotere verwevenheid van menselijke, culturele en economische betrekkingen, is het noodzakelijk om een gemeenschappelijke definitie te gebruiken van `burgerschap'. Een over de hele wereld geldend aspect daarvan zal zijn de eigen verantwoordelijkheid van de volwassen wereldburger, ongeacht waar hij vandaan komt en uit welke cultuur. Het kabinet zou veel sterker het burgerschap moeten omschrijven, de verwachtingen die daarbij horen, alles in overeenstemming met de mondiale situatie en de globaliserende tendensen. Dan zal blijken dat Nederland een open samenleving is waar migranten een goede werkplek vinden. Daar hoort ook bij dat migranten die geen werk vinden het land verlaten en elders hun geluk beproeven.