Auteursrecht geen heilige vanzelfsprekendheid

Redacteur Kuitenbrouwer legt onder de kop `Natuurlijk moet je betalen voor de Erasmusbrug' geduldig de regeling van art. 18 van onze Auteurswet uit, die o.a. met zich meebrengt dat fotografen onder omstandigheden de architect moeten betalen voor foto's van bruggen die zij ontworpen hebben. Maar het artikel is niet volledig. Om te beginnen had de gemeente Rotterdam het auteursrecht op de brug kunnen verwerven. Een kwestie van onderhandelen met de architect. Nu kunnen de architect en straks zijn erfgenamen tot 70 jaar na zijn dood geld blijven vangen voor foto's e.d.

Zou het duur zijn geweest om dat af te kopen? De architect wordt beroemd door die brug, hij had de opdracht niet graag naar een ander laten gaan! Maar het zou ook kunnen dat de gemeente het zo juist wel goed vindt, omdat vooral toeristen nu extra betalen. Rotterdammers zullen wel niet zoveel prentbriefkaarten van hun eigen brug kopen.

Maar misschien nog belangrijker is het principiële punt, dat het gevoel van onrechtvaardigheid waar het artikel aan refereert niet zomaar kan worden weggewuifd met een verwijzing naar een wettelijke regeling. Auteursrecht is geen `heilige' vanzelfsprekendheid, maar het product van een politiek onderhandelingsproces. Omdat auteursrecht afgezien van zulke oprispingen van onbehagen een onderwerp is volstrekt zonder enig politiek gewicht, hebben lobbyisten van belangengroepen vrij spel. Het wordt tijd dat daar politiek tegenwicht tegen geboden wordt.