`Vis stinkt wel, maar geld niet'

Sommige beroepen hebben last van een wat minder positief imago. Vandaag een kijkje in de wereld van een lopendebandmedewerkster in de visindustrie. ,,Over een paar jaar ga ik terug naar Macedonië.''

Pavlina Iliewska werkt al bijna dertig jaar bij visverwerkingsbedrijf Ouwehand in Katwijk. En ze zou niet anders meer willen. ,,Het is mooi werk'', vertelt ze in de kantine, met het hygiënische mutsje nog op haar hoofd. ,,Ik heb het gezellig met mijn collega's. Sommigen werken hier ook al dertig jaar. En de vis stinkt wel, maar het geld niet, haha. Nee hoor, ik werk niet alleen voor het geld. Ik zou niet weten wat ik thuis moest gaan doen.''

Iliewska (45), die sinds kort vier dagen per week werkt, heeft van haar spaargeld een huis kunnen kopen in Macedonië. Want oorspronkelijk komt ze uit het voormalige Joegoslavië. ,,Toen ik 18 was, heb ik me ingeschreven bij een uitzendbureau. Samen met dertig andere vrouwen kon ik toen aan de slag in Nederland.'' Ze is getrouwd met een Joegoslaaf, maar inmiddels helemaal ingeburgerd in Katwijk. Alleen voor vakantie gaat ze nog vier of vijf weken terug naar haar geboorteland.

Dat mensen neerkijken op lopendebandwerk heeft ze nog nooit gemerkt, zegt ze. Haar chef, Rob Heijne, wel. ,,Pavlina is de ideale werknemer'', vertelt hij. ,,Ze doet alles met plezier. Maar Nederlandse vrouwen krijg je vrijwel niet meer voor dit werk. Niet om de verdiensten, want Ouwehand is een van de beste betalende werkgevers in de visverwerkende industrie. Anders kregen we helemáál niemand meer. Maar Nederlanders vinden werken aan de lopende band te eenzijdig, het biedt te weinig uitdaging. De weinige autochtone sollicitanten die we hier nog krijgen, zijn meestal na een paar maanden al weer weg. Katwijk heeft inmiddels 40.000 inwoners en leeft allang niet meer alleen van de vis, en dat maakt het er niet makkelijker op om personeel te krijgen.''

De visverwerkende industrie zal nóg verder geautomatiseerd moeten worden, vreest Heijne. ,,Nu redden we het nog met mensen als Pavlina. En Poolse vrouwen willen dit werk ook nog wel doen. Maar als de arbeidsomstandigheden in die landen door toedoen van de Europese Unie beter worden, houdt dat ook een keer op.'' Heijne schat dat van de vrouwelijke werknemers de helft buitenlands is: Marokkaans, Turks (,,dat zijn de beste haringschoonmakers die er zijn'') en Oost-Europees. Van de mannen is 80 procent Nederlands.

Pavlina Iliewska heeft afwisselend werk, vindt ze. De ene week doet ze `zuur', de andere week kibbeling; of ze doet een paar dagen makreel of springt in bij het fileren. Veel vrouwen werken het liefst aan de zuurlijn, vertelt ze, waar haring in potjes wordt gedaan. ,,Omdat het stukswerk is, krijg je premie als je meer potjes vult dan de verplichte hoeveelheid.'' Het andere werk, zoals het inpakken van gebakken, diepgevroren kibbeling levert geen extra loon op. Die band loopt altijd in hetzelfde tempo. ,,Maar ik ga niet voor dat extra geld'', zegt Iliewska stellig. ,,Het is keihard werken en fysiek heel zwaar.''

,,Verstandig'', vindt Heijne. ,,Vrouwen die graag aan de zuurlijn werken, moeten we tegen zichzelf beschermen. Weliswaar komt de Arbo-dienst regelmatig langs en krijgen ze fysiotherapie, indien nodig, maar als ze te lang of te hard werken en bijvoorbeeld een schouderblessure krijgen, zijn ze zó acht weken uit de running.''

In de zomerperiode draait Ouwehand, dat honderdvijftig werknemers telt en volgend jaar honderd jaar bestaat, op een laag pitje. Er wordt wat inpakwerk gedaan, er wordt wat etiketteerwerk gedaan en er wordt wat vis gerookt. ,,We hebben net de haringcampagne achter de rug'', vertelt Heijne. ,,Toen was het acht weken lang erg druk. De tijd daarna gebruiken we voor schoonmaakwerk en revisie van de machines. We hebben dan zoveel voorraad dat we de fabriek in principe drie weken stil kunnen leggen. Alleen het roken van makreel gaat altijd door, want die is maar een paar dagen lekker.''

Hoe gelukkig Pavlina Iliewska ook is in haar werk, ze moet er niet aan denken om tot haar pensioen bij Ouwehand te blijven. ,,Neeeeee, oh nee'', zegt ze. Iliewska heeft heel andere plannen voor de toekomst. Nog een paar jaar werken en dan gaat ze terug naar Macedonië. Met haar man. Leven van een flinke moestuin en lekker genieten van haar mooie huis.

Volgende week: de paaldanseres