Spanje ruziet met Britten al 300 jaar over Gibraltar

Al driehonderd jaar is Gibraltar aanleiding voor een herhaaldelijk terugkerende ruzie tussen Britten en Spanjaarden. Op 4 augustus 1704 werd de zuidelijke rots onder Spanje door de Britten bezet en in 1713 – nadat de Spaanse vloot door Britten en Hollanders was verslagen – officieel afgestaan.

Vorige maand maakten de Spanjaarden bezwaar tegen de komst van een Britse onderzeeër, een maand daarvoor werd protest aangetekend tegen het bezoek van de Britse prinses Anne. Ook de herdenking van 300 jaar Britse heerschappij, in de ogen van bijna alle Gibraltarezen een heugelijk feit, heeft in Spanje weer eens woede gewekt.

Vooral het bezoek van de Britse minister van Defensie Geoff Hoon wordt door Spaanse politici beschouwd als een ,,beledigende daad''. Volgens de Spaanse minister van Buitenlandse Zaken Miguel Angel Moratinos toont Londen met Hoons aanwezigheid een gebrek aan gevoeligheid. Tegen de Spaanse krant El País zei hij dat ,,deze herdenking van een militaire gebeurtenis uit het verleden [...] de relatie met Spanje'' verzwakt.

Londen is niet onder de indruk van de Spaanse woede. In Downing Street houdt met vol dat er ,,een goede relatie'' met Spanje bestaat. De premier van Gibraltar, Peter Caruana, zei gisteren dat de Spanjaarden zich niet moeten bemoeien met de manier waarop de kroonkolonie ,,de zeer nauwe banden met Groot-Brittannië en de Britse soevereiniteit'' wil vieren – ondermeer door een menselijke keten rondom de rots, waaraan vijftienduizend Giraltarezen deelnemen. Volgens Caruana zijn de Spanjaarden geobsedeerd door alles wat met Gibraltar te maken heeft.

Caruana is verbolgen over het besluit van de Verenigde Staten om het fregat USS McFaul tijdelijk terug te trekken, onder druk van Madrid.

De afgelopen jaren heeft de Britse regering geprobeerd een oplossing voor het slepende conflict te vinden. Toenmalig minister van Europese Zaken Peter Hain kondigde in 2002 in het Lagerhuis aan dat gewerkt werd aan een gedeelde Spaans-Britse soevereiniteit. Spanje voelde weinig voor dit idee want dat daartoe moest het land officieel afstand moet doen van zijn claim op Gibraltar. Bovendien stelde de Britse regering tot ongenoegen van Madrid als voorwaarde dat ze de volledige zeggenschap over de marinebasis zou behouden.

Voor Caruana was dat aanleiding om de Gibraltarezen in een (door de Britten niet erkend) referendum om hun mening te vragen. Slechts 187 van de ruim 20.000 stemmers zag iets in Spaanse medezeggenschap.