De vloer op

Wie, zoals ik, vindt dat de vaste tv-recensenten bij kranten vaak nare azijnzeikers zijn, die bovendien nogal eens onvoldoende verstand van tv-maken hebben, moet hier ook de geslaagde momenten van een willekeurige tv-avond de revue laten passeren.

Maar eerst die recensenten. Er bestaat een virulente journalistieke stroming die de opvatting is toegedaan dat de recensent één is met de kijker. Hij kijkt net zo tv als de doorsnee toeschouwer thuis – en geeft vervolgens zijn mening. Die school is verfoeilijk. Het is als een voetbalverslaggever die niet van de tribune afkomt of de politiek journalist die de wandelgangen mijdt. Hij kent eenvoudigweg de achtergronden van het spel niet. Waarom mislukte gisteren in Netwerk het interview van Karel van de Graaf met Neelie Kroes? Omdat hij geen vat op haar kreeg, ook al probeerde hij een truc die vaak wel werkt: hij trachtte het ijs te breken aan het begin met een grapje, een rare wending. In dit geval vroeg hij onverwacht in welke taal EU-chef Barosso en zij vorige week onderhandeld hadden over haar kandidatuur. Het sorteerde geen effect. Voor een deel omdat een live-kruisgesprek het moeilijkste is in het genre, voor een deel omdat ze zich geharnast had voorgenomen het braafste meisje van de Europese klas te wezen door niks te veel te vertellen. De doorsnee-recensent weet niet hoe het er in de studio aan toegaat, omdat-ie zijn leunstoel niet uitkomt. Weet niet dat de presentator vaak tegen een blauw gat aankijkt daar waar wij thuis een gespannen Neelie zien. Weet niet dat de productie-afdeling dan wel dolblij kan zijn de verbindingswagen op tijd ter plekke te hebben gekregen, maar dat de presentator reeds vooraf bevroedde dat z'n gesprek inhoudelijk dunnetjes zou worden. En híj zit er straks, met een half miljoen kijkers tegenover zich. Dat interviewt niet lekker.

Let op: ik zeg niet dat iedere recensent dus voor alles wat mis gaat op tv compassie moet opbrengen, integendeel. Ik beweer wel dat hij moet weten hoe tv werkt, opdat zijn oordeel evenwichtig tot stand komt. Dat inzicht komt niet aangewaaid, daarvoor moet je de vloer op. Daar worden recensenten echter nooit gesignaleerd.

Wat was geslaagd, gisteren? Chazia Mourali zei ,,we beginnen met de kandidate wier naam begint met de letter die het meest voorin het alfabet staat, met Aafke dus''. Een grammaticaal correcte vervoeging, in een quiz nog wel! In een voorheen links ochtendblad kun je zomaar tegenkomen ,,de vrouw, wiens man haar regelmatig bedreigd had'', dus dit mag gerust een opsteker heten.

Het NOS-journaal bracht een helder item waarin de achtergronden van de stijgende olieprijs goed werden belicht. En Karel van de Graaf, van huis uit een aandachtig vragensteller zolang hij zich tenminste op z'n gasten fixeert, hield in een tweede interview een wijdlopige Clingendael-deskundologe knap bij de les met sturende tussenvragen als ,,nee, simpeler: denkt u dat-ie gelijk heeft?'', ,,laten we het even overzichtelijk houden, u zegt dus eigenlijk'' en zo meer.

RTL-Nieuws besteedde aandacht aan een fabriek van hangmappen in Hoogezand, waar het personeel graag 40 uur wil werken voor hetzelfde loon als tegen 36 uur nu, zodat de tent niet omvalt. De vakbond is tegen. In een even compacte als complete reportage werd het probleem goed neergezet. Mijn sympathie lag bij de realistische arbeider aan de poort en niet bij de bezoldigde vakbondsfanaten die naar Brits voorbeeld uiteindelijk ook wel zouden ijveren voor het behoud van de kolenschepper op de elektrische trein. Maar het item was zo gemaakt dat een andere kijker tot een tegenovergestelde conclusie kon komen. Zo hoort het. Of nog liever zoals in de derde en afsluitende Britse documentaire (van een uur!) over de val van het apartheidsregime. Nauwgezette reconstructies, toelichtende interviews, historische beelden. Eén druppel azijn dan toch: waarom pas rond middernacht?