Stervoetballers van over de grens

Het Nederlandse betaald voetbal bestaat vijftig jaar. Sterren van over de grens als Mijnals, Kindvall en Romário zijn nog altijd een voorbeeld voor velen.

Het betaald voetbal is net twee jaar oud als de eerste Zuid-Amerikanen naar Nederland komen. In 1956 verruilt de in Suriname geboren Humphrey Mijnals samen met zijn broer Frank, Michel Kruin, Erwin Sparendam en Charley Marbach de tropen voor het koude Europa. Marbach heeft het meeste talent, maar de wilskrachtige Mijnals is de enige van de vijf die de top haalt. `De godfather van de Suriprofs' speelde drie keer in het Nederlands elftal. Nog altijd kijkt Mijnals vol trots terug op de wedstrijden waarin hij zijn land vertegenwoordigde. Hij mocht dan de Braziliaanse manier van voetballen naar Nederland hebben gebracht, hij heeft zichzelf nooit als buitenlander gezien. ,,Ik ben geboren als Nederlander en dat ben ik op papier altijd gebleven. Al voel ik me van binnen wel Surinamer'', zegt de in Utrecht woonachtige Mijnals. ,,Ik ga ieder jaar nog naar de reünie van oud-internationals. Ik heb de bicicleta (de omhaal, red.) hier gebracht, maar zelf voetballen doe ik niet meer. Ik ben een man van 73.''

In de tien seizoenen die Mijnals in het betaald voetbal speelde overwon hij het ongebrip, de eenzaamheid en het cynisme. Hij veroverde bij het Utrechtse Elinkwijk zijn plaats in de voetbalhistorie en groeide uit tot het grote voorbeeld van de Surinamers. Vrijwel alle Surinaamse voetballers die na Mijnals in het profvoetbal actief waren, groeiden in tegenstelling tot `Minna' op in Nederland. ,,Ik volg het Surinaamse voetbal nu een beetje via internet. Het is voor voetballers nu niet meer zo makkelijk om de oversteek te maken van Suriname naar Nederland'', stelt de oud-speler van Robin Hood. ,,Je hebt nu een verblijfsvergunning nodig om als Surinamer hier te kunnen spelen.'' Jaarlijks spelen de Suriprofs een paar wedstrijden in Suriname en strijden ze tegen de kampioen van de eerste divisie om de `Humphrey Mijnals Bokaal'. ,,Dat vervult me met trots'', stelt Mijnals die sinds 1956 altijd in Nederland is blijven wonen en opvolgers als Frank Rijkaard, Ruud Gullit, Clarence Seedorf en Patrick Kluivert op de Nederlandse velden zag schitteren.

In de tijd dat Mijnals als Surinaamse volksheld zijn profloopbaan beëindigde, tekende Ove Kindvall een contract bij Feyenoord. De Zweedse spits is één van de talloze Scandinaviërs die terug kan kijken op een succesvolle periode in de eredivisie. De naam Kindvall wordt in Rotterdam-Zuid nog altijd geïdentificeerd met doelpunten. De aanvaller maakte in vijf seizoenen 129 treffers. Hij groeide uit tot een idool van de Feyenoord-aanhang. ,,Het was voor mij een hele bijzondere tijd. Ik heb in Nederland absoluut mijn beste jaren als voetballer gekend. Ik krijg hier in Zweden de Feyenoordkrant. Zo volg ik mijn club nog een beetje'', zegt de nu 51-jarige Kindvall vanuit zijn zomerhuisje in Zweden. ,,Het is wel vreemd dat mijn opvolgers het altijd moeilijk hebben gehad. Na meer dan dertig jaar wordt mijn naam nog steeds genoemd. Dat vind ik prachtig'', stelt de voetballer die Feyenoord in 1970 met zijn winnende doelpunt in finale tegen Celtic de Europa Cup I bezorgde.

Kindvall keerde na vijf jaar Feyenoord terug naar zijn geboorteland, maar hij zegt Nederland nog altijd te beschouwen als zijn tweede vaderland. ,,Mensen zeggen vaak dat Zweden en Nederlanders een beetje dezelfde manier van leven hebben. Dat klopt wel denk ik'', zegt Kindvall in vloeiend Nederlands. ,,Zweden staan verder bekend om hun goede mentaliteit. De Zweden die in Nederland hebben gespeeld hebben het ook vrijwel allemaal goed gedaan.'' Toch hebben landgenoten als Inge Danielsson, Ralf Edström, Stefan Pettersson, Henrik Larsson en Zlatan Ibrahimovic de legendarische Kindvall nooit weten te overtreffen.

Net zomin als Kindvall zal de Braziliaan Romário in Nederland waarschijnlijk ooit nog overtroffen worden door een landgenoot. De nu 38-jarige spits is nog altijd actief als prof in de Braziliaanse competitie. Hij is weliswaar niet meer zo snel en behendig als in de vijf seizoenen die hij bij PSV onder contract stond, maar de gave om te scoren is hij nog niet verloren. En nog steeds laat de steraanvaller zich door niets en niemand de wet voorschrijven.

Wie Romário contracteert koopt treffers, maar moet ook leren leven met zijn nukken. Voormalig PSV-manager Kees Ploegsma, die hem in 1988 naar PSV haalde, weet er alles van. ,,Ik werd door velen voor gek versleten dat ik altijd zoveel vertrouwen in hem heb gehad. Maar als je nu aan de mensen vraagt wie de beste buitenlandse spits in de eredivisie is geweest, zullen velen de naam Romário noemen'', meent Ploegsma die tegenwoordig zaakwaarnemer is.

PSV aasde in 1988 op Frank Farina van Club Brugge, maar werd door de Belgische club op het spoor gezet van Romário. Ploegsma: ,,Bij Brugge zeiden ze dat ze eerst wilden wachten tot ze een tropische verrassing hadden vastgelegd. Wij zijn toen gaan onderzoeken wie dat zou kunnen zijn. Al snel kwamen we bij Romário uit die voor Brazilië op de Olympische Spelen actief was. Kort daarop zat ik met Guus Hiddink in het vliegtuig naar Brazilië. Mede door het opkopen van Braziliaanse staatsschulden hebben we hem toen vast kunnen leggen.''

In de voetstappen van Romário kwamen naast wereldster Ronaldo talloze Brazilianen naar Nederland. De meesten gingen ten onder aan heimwee en konden niet wennen aan de Nederlandse mentaliteit. Piet de Visser, die als adviseur van PSV de hele wereld over trekt, heeft scherp leren letten op het karakter van een speler. De Visser: ,,Talent staat boven alles. Maar het karakter en afkomst van een voetballer worden vaak onderschat. Als het geduld en een goede begeleiding ontbreekt kan het met Zuid-Amerikaanse of Afrikaanse spelers mis gaan. Een Scandinaviër kan je blind nemen. En sterren als Romário en Ronaldo ook. Helaas zijn toppers te duur geworden voor Nederland.''

Dit is de eerste aflevering van een serie over vijftig jaar betaald voetbal in Nederland.