Unieke boeken van beeldend kunstenaars

Wie wel eens een fotoboek heeft bekeken of een museumcatalogus, die heeft wel een idee van wat een kunstboek is. Maar wat is een kunstenaarsboek? Is dat een boek met heel grote illustraties? Een boek waarin letters beelden zijn? Een boek dat er uitziet als iets anders, of een boek dat eigenlijk geen boek is?

Allevier de antwoorden zijn juist, blijkt tijdens een rondgang op de tentoonstelling Een boek is een boek is een boek. In een half verduisterde zaal – te veel licht zou het papier doen verbleken en verkruimelen – liggen hier kunstenaarsboeken. `Kunstenaars', omdat ze zijn gemaakt door beeldende kunstenaars. `Boeken' omdat elk getoond kunstwerk het idee in zich draagt van wat Van Dale noemt een ,,bundel bedrukte of beschreven bladen van papier in een band''.

De kunstenaarsboeken uit de eerste helft van de twintigste eeuw staan daar nog dicht bij. De gedichten van de surrealisten zitten zo vol onverwachte beelden (Éluard: ,,La terre est bleue comme une orange''), dat het geen verbazing wekt dat ze zo veelvuldig zijn geïllustreerd. De vellen vol vrolijke tekeningen en vrij strak vormgegeven teksten lijken vooral op de bladzijden in prentenboeken. Dan staat de visuele poëzie van de dadaïsten veel verder af van de traditionele typografie. Zo vloeien in een gedicht van Kurt Schwitters de woorden `Hut-Schapo' samen met de tekening van een hoed, zodat de bezoeker niet alleen leest maar ook ziet.

Met de gedachte dat boeken gelezen moeten worden is vooral in de tweede helft van de twinstigste eeuw grondig afgerekend. Het boek van Robert Watts bestaat uit een stapeltje dollarbiljetten dat in boekvorm is gebundeld. In een houten kistje van Jonathan Ward liggen enkele boekrollen met tekst en kaarten van de wereld. Je hässlicher es aussieht, desto besser sieht es aus van Dieter Roth is een ordner met plastic hoezen, waarin rommel zit: enveloppen, lapjes, boombladeren.

In deze vorm is een kunstenaarsboek eigenlijk een antiboek. Een boek is doorgaans reproduceerbaar en verwijst naar een wereld buiten zichzelf, terwijl deze kunstenaarsboeken uniek zijn en een eigen werkelijkheid vormen. Dat verschil is goed te zien aan Cookbook van Thorsten Buensch. Het boek in een kist bevat plaatjes van gerechten op borden, maar ook ingrediënten in zakjes zoals peperkorrels en salieblaadjes – een tastbare werkelijkheid.

De meest geslaagde werken zijn die van de kunstenaars die beseffen dat een boek bladzijden heeft. Die kunstenaars maken op een bladzijde een afbeelding én een gaatje, waardoor je naar een afbeelding op de volgende bladzijde kunt kijken – en vaak nog verder. Soms zijn er rondjes en vierkanten uitgeknipt, waardoor je bladzijden diep de meest fantastische vormen ziet (Hans Jorg Mayer). Of een stripverhaal waar uit cirkels zijn geknipt, waardoor je heel spannende strippagina's krijgt (Dieter Roth).

Een prachtige en subtiele variant is Un coup de dés jamais n'abolira le hasard van Marcel Broodthaers, met lange zwarte rechthoeken op vrij dunne papieren vellen, die per pagina op andere plekken liggen. De zwarte rechthoeken van de onderliggende bladzijden schijnen door de bovenliggende bladzijden heen.

Nog mooier zou het zijn als je kon bladeren, en de goed en minder goed zichtbare rechthoeken steeds zou zien verspringen. Zoals ook de vierkantjes en stripfiguren zouden verspingen bij het omslaan. Maar je mag er helaas niet aankomen. Een kunstenaarsboek is dus ook een boek waarin je niet mag bladeren.

Een boek is een boek is een boek; t/m 12/9 in CODA, Vosselmanstraat 299, Apeldoorn. Open ma-za 10-17u, ma en do tot 20.30u, zo 13-17u. Entree €5,-.

Inl. 055- 5268400 of www.CODA_apeldoorn.nl